PROGRAMMA 3 – SOCIALE LEEFOMGEVING

Visie Sociale leefomgeving

Integraal beleidskader sociaal domein 
Het meerjarig integraal beleidskader sociaal domein (IBK SD) loopt in 2023 ten einde. In het begrotingsjaar 2023 zal daarom een integraal beleidskader sociaal domein, dat betrekking heeft op de periode 2024 – 2027, aan de raad worden voorgelegd.

We zullen ook de komende jaren investeren in onze sociale basis, zodat er voldoende geld en personeel beschikbaar blijft voor ondersteuning van inwoners die hulp écht nodig hebben. Model Veenendaal 2020 biedt ook voor de nabije toekomst een heldere structuur en werkwijze die bijdraagt aan een integrale aanpak binnen het sociaal domein. Zo blijven we werken aan een beweging van zware naar lichte zorg en bieden we zware zorg waar nodig. 

Richting nieuwe IBK SD bekijken we welke doelen actualisatie vragen en hoe bestaande doelen, inspanningen en onderwerpen opnieuw een plek kunnen en/ of moeten krijgen.

Vanuit het nieuwe raadsakkoord noemen we bijvoorbeeld een doorontwikkeling van onze werkwijze met de menselijke maat. Vanuit het preventief kader (vroegsignalering) gaan we bijvoorbeeld meer outreachend werken. Verder gaan we onze handhavingsinstrumenten herijken en willen we aan de hand van kwaliteitsonderzoek zorgfraude voorkomen. Ook integraal werken, de wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein en de omgekeerde verordening zijn thema's waar we mee aan de slag gaan.  

Om tot goede keuzes te komen en een juiste fasering aan te brengen is al in 2022 een actieve participatie met belanghebbenden gestart. 

In deze programma begroting zijn inspanningen op de beoogde effecten opgenomen die zijn afgeleid van het laatste jaar uit het integraal beleidskader 2020-2023. De hierin opgenomen tien maatschappelijke doelen vormen hiervoor de basis.

De maatregelen zijn genoemd onder de kopjes ‘Wat gaan we ervoor doen’. Hoewel we ons realiseren dat een ‘maatregel’ om een andere formulering vraagt dan een ‘beoogd effect’, is er omwille van de herkenbaarheid voor gekozen om dezelfde formulering aan te houden zoals opgenomen in het IBK. 

Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein 
Het voorstel voor de Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) is ingediend bij de Tweede Kamer. Naar verwachting wordt deze wet van kracht per 1 januari 2024. De wet stelt gemeenten straks in staat om de Wmo 2015, de Jeugdwet, de Participatiewet, de Wet Inburgering en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening in samenhang met elkaar uit te voeren. Ook wordt betere samenwerking mogelijk met aangrenzende domeinen als zorg, onderwijs en wonen.

Integrale handhaving sociaal domein
Handhaving is essentieel om ervoor te zorgen dat we ons geld besteden aan inwoners die steun ook echt nodig hebben. Zo borgen we dat de meest kwetsbare inwoners van Veenendaal kunnen rekenen op goede ondersteuning, voorkomen dat door onrechtmatig gebruik onnodige uitgaven worden gedaan en weten inwoners en aanbieders dat plegen van fraude niet loont. Naast financiële overwegingen is handhaving ook nodig om het draagvlak van het beleid overeind te houden. Daarbij is het belangrijk om bij het vormgeven van handhaving een balans te vinden tussen vertrouwen en controle. 

In het Integraal Beleidskader sociaal domein is beschreven dat we toe willen werken naar integrale handhaving binnen het sociale domein. Eind 2021 is hiervoor een beleidsplan handhaving sociaal domein vastgesteld. Dit is een overkoepelend plan voor Participatiewet, Wmo en Jeugd. Inmiddels zijn er binnen het gehele sociale domein toezichtsfuncties ingericht. Daarnaast wordt samen met het fysieke domein ook gewerkt aan het multidisciplinair handhaven om enerzijds de controlelasten te beperken, maar ook om zicht te krijgen op domeinoverstijgende problematiek en ondermijnende criminaliteit.  

In het beleidsplan handhaving is de visie beschreven van handhaving, uitgangspunten en instrumenten. Dat handhaven noodzakelijk is wordt breed gedragen. Wel is aangekondigd dat college en raad nog in gesprek gaan over balans tussen vertrouwen en controle. Dit naar aanleiding van het gebruik van risicosturing binnen de Participatiewet. Hierbij werd de controle verlicht voor personen waarbij het risico op fraude lager werd ingeschat. Gebruik van data, signaalsturing en risicosturing kan worden ingezet om klantgericht, efficiënt en effectief te handhaven om fraude en ondermijning tegen te gaan, maar ligt na de toeslagenaffaire gevoelig. Afgesproken is om eind 2022 hierover een beeldvormende avond te organiseren met de raad. Daarbij zal o.a. besproken worden op welke wijze we willen controleren en welke formatie hierbij passend is.

Algemeen
Het sociaal domein maakt de laatste jaren een aanzienlijke transformatie door. In 2015 is een groot aantal taken (Wmo, jeugd en participatie) overgedragen van het Rijk naar de gemeente. In de afgelopen jaren hebben we ervaren dat bij jeugd het daarvoor beschikbare budget fors achterbleef bij hetgeen benodigd is. Met de inzet van financiële en inhoudelijke maatregelen is de afgelopen jaren gewerkt aan het versterken van de balans tussen kwaliteit, de organisatie en de financiën van de zorg. Dit wordt ook bevestigd in het rekenkamerrapport over de beheersmaatregelen. Ook in de komende jaren blijven we scherp toezien op deze balans. 
Inmiddels heeft het rijk voor het onderdeel jeugd vooralsnog extra incidentele middelen voor de komende jaren beschikbaar gesteld.
De ramingen voor de lasten van jeugd en Wmo in de programmabegroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026 zijn opgenomen op basis van de verwachte kosten. Omdat de bekostiging van jeugd en Wmo in de afgelopen jaren vrijwel geheel in de algemene uitkering is opgenomen, is de vergelijking tussen de rijksmiddelen en de kosten steeds moeilijker te maken. Een globale berekening voor de genoemde jaren geeft aan dat de beschikbare middelen voor de komende jaren toereikend zijn. In deze berekeningen is echter op basis van de genomen en nog te nemen maatregelen rekening gehouden met een aantal substantiële besparingen. De voortgang van de hiertoe genomen maatregelen wordt frequent gemonitord.
Uitgangspunt hierbij blijft dat we uitgaan van wat mensen wel kunnen, dat we kijken naar hoe de inwoners elkaar kunnen ondersteunen en we degenen die zorg nodig hebben helpen. 
Het niet halen van de kostenbesparingen is als risico in de risicoparagraaf opgenomen. Tevens bestaan er risico’s van kostenstijgingen door volumegroei, aanbestedingen en incidentele kosten. 

Ontwikkelingen en risico’s Jeugd 2023-2026
We zien een toename van dure residentiele casuïstiek in 2022. Aangezien dit enkelingen zijn, is de kans aanwezig dat deze toename ombuigt. Daarom is deze toename deels als structureel en (deels) als risico verwerkt in de programmabegroting. In de actualisatie zijn ook de taakstellingen Jeugd herijkt. Van belang is op te merken dat de taakstellingen op Jeugd gebaseerd zijn op de verwachte effecten van de Hervormingsagenda. Het is onzeker of deze effecten tot de besparingen gaan leiden: in Veenendaal is de afgelopen jaren immers al stevig ingezet op het realiseren van besparingen (zie ook het Rekenkamerrapport Kostenbeheersing Jeugdzorg). In de begroting is hiermee rekening gehouden door vooralsnog uit te gaan van een realisatie van 50% van de landelijke taakstelling. Zo menen we realistisch te ramen. Zodra de effecten van de Hervormingsagenda duidelijk zijn, wordt dit beeld geactualiseerd.

Daarnaast zien we een landelijke afbouw van gesloten jeugdzorg. Dit is een gewenste ontwikkeling, maar deze ontwikkeling gaat sneller dan de organisaties zich daarop kunnen aanpassen. Daarom signaleren we het risico van frictiekosten op dit gebied. Ook de doorontwikkeling van de jeugdbeschermingsketen kent een financieel risico, gezien nog onduidelijk is hoe het Rijk deze doorontwikkeling gaat financieren. Onder Programma 3, thema Jeugd wordt hier verder op ingegaan.

Ontwikkelingen en risico’s Wmo 2023-2026
De vraag naar Wmo-ondersteuning neemt naar verwachting de komende jaren toe. Dit komt onder andere door vergrijzing, landelijk beleid om langer thuis te wonen, het ingewikkelder worden van de samenleving, het groeien van de bevolking en extramuralisering van de GGZ. Een antwoord bieden op deze groeiende zorgvraag is zowel een financiële als een inhoudelijke uitdaging. Tegelijkertijd wordt de arbeidsmarkt in de zorg steeds krapper. Op kortere termijn is de aanbesteding hulpmiddelen een belangrijk risico, vooral vanwege de mogelijke invloed van inflatie op de tarieven. Ook bij collectief vervoer kunnen nieuwe ontwikkelingen de kosten doen stijgen. De vraag naar Schoonmaakondersteuning blijft toenemen. Het is een risico dat dit in 2023 en 2024 ook zo is. De verwachting is dat op 1 januari 2025 een nieuwe eigenbijdrageregeling wordt ingevoerd die in ieder geval gaat gelden voor de huishoudelijke hulp. 
De tarieven voor Wmo-immaterieel indexeren we jaarlijks conform het advies van de VNG. Zo blijven we voldoen aan de Amvb Reële Prijs. 

Thema's Sociale leefomgeving

I. Inkomen
II. Sociaal domein – Participatie en re-integratie
III. Sociaal domein – Wmo
IV. Sociaal domein – Jeugd
V. Onderwijs en ontwikkeling
VI. Sport
VII. Cultuur
VIII. Welzijn

Financiën Sociale leefomgeving

Bedragen x € 1.000 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
Baten 31.433 30.082 30.369 30.677
Lasten 111.162 107.733 109.195 110.708
Saldo programma (voor mutaties reserves) -79.728 -77.652 -78.826 -80.031
Beschikkingen 426 340 340 340
Stortingen 6 6 6 6
Saldo mutaties reserves 420 334 334 334
Saldo programma (na mutaties reserves) -79.308 -77.318 -78.492 -79.697

Actuele ontwikkelingen Sociale leefomgeving

Thema I -  Inkomen

Aanpak Geldzorgen, armoede en schulden  
De minister heeft in een kamerbrief van 12 juli 2022 geschetst hoe het kabinet geldzorgen, armoede en schulden wil voorkomen en aanpakken. Hierbij wordt een aantal doelen gesteld. Deze doelen zijn gericht op bestaanszekerheid, preventie, een andere vorm van incasso, doorbreken van (generatie-) armoede en het realiseren van eerdere en betere schuldhulpverlening. Deze doelen sluiten aan bij het IBK 2020-2023 en het raadsakkoord 2022-2026. In het volgende IBK (zie paragraaf 2.1) worden deze doelen vertaald naar concrete maatregelen in Veenendaal.   

Inkomensvoorziening Participatiewet, IOAW, IOAZ, BBZ  
Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering welke toereikend wordt geacht om de bijstandsuitkeringen uit te kunnen betalen (BUIG-budget). De afgelopen jaren kende de gemeente Veenendaal een voordelig resultaat van meer dan 10% ten opzichte van de rijksmiddelen. Op basis hiervan zijn de beschikbare middelen in onze gemeentelijke meerjarenraming voor de uitvoering van deze taak sinds enkele jaren ten gunste van de algemene middelen structureel naar beneden bijgesteld. Ten opzichte van het rijksbudget houden we nog steeds geld over.  Echter de participatiewet is een zogenaamde open-einde regeling; als door oplopende BUIG uitgaven het overschot afneemt, zal er minder resteren voor de algemene middelen.
 
Menselijke maat 
De minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen wil de Participatiewet meer in balans brengen en oog hebben voor de menselijke maat. Er komen mogelijke versoepelingen aan zoals het mogelijk maken van ontvangen van giften en/of boodschappen vanuit eigen netwerk en verruimen van de mogelijkheden om geld bij te verdienen naast de uitkering. Daarnaast is opgeroepen om maatregelen die de Participatiewet overstijgen een meer integrale aanpak te geven. Deze plannen zijn momenteel nog niet uitgewerkt. De tijdlijn, impact voor de organisatie en (vergoeding van de) uitvoeringskosten zijn nog niet bekend. 

Per 1 januari 2023 wijzigt de kostendelersnorm zodat inwonende jongvolwassenen tot 27 jaar niet langer meetellen als kostendeler voor de uitkering van huisgenoten (vaak de ouders). Met deze wijziging beoogt de regering inkomenszekerheid bij uitkeringsgerechtigde gezinnen te vergroten. Dit heeft als gevolg dat een grotere doelgroep de alleenstaande bijstandsnorm kan ontvangen, waardoor uitkeringskosten stijgen. Wij verwachten dat de specifieke uitkering van het BUIG-budget vanaf 2023 in de verhogende kosten compenseert. 

Een laatste ontwikkeling in dit verband is de herijking van de handhavingsinstrumenten. Het Rijk onderzoekt de effectiviteit van het opleggen van sancties in alle gevallen (boete en maatregelen), maar kijkt ook naar het debiteurenbeleid vanuit het principe dat een betalingsregeling eindig is. In dit kader past ook het initiatiefwetsvoorstel om de terugvorderingstermijn voor onder andere bijstand aan te passen van 20 naar 5 jaar. Deze plannen zijn op dit moment nog niet uitgewerkt, waardoor de gevolgen voor het gemeentelijk beleid  en financiën nog onbekend zijn. Daarnaast heeft het college toegezegd om de inrichting van onze controle- en onderzoeksystematiek binnen de Participatiewet te herijken. Immers nu het gebruik van de DPS-matrix en risico-profielen is gestopt, moeten rechtmatigheidsonderzoeken volgens een andere methodiek worden bepaald. Het college zal de mogelijkheden in kaart brengen en de raad hierover informeren.

Armoedebeleid/Minimaregelingen 
De Veenendaalpas is een uitvoeringsinstrument van de minimaregelingen. In 2023 willen we een uitbreiding van het aantal ondernemers en verenigingen dat deelneemt aan de Veenendaalpas. Hierbij hebben we oog voor een evenwichtige verdeling van diverse categorieën ondernemers binnen de regelingen en werken we toe naar zo veel mogelijk keuzevrijheid binnen de Veenendaalpas. Specifieke aandacht hebben we voor technische verbeteringen om het gebruiksgemak en de toegankelijkheid te verhogen.

De huidige regelingen van de Veenendaalpas zijn gericht op het bevorderen van participatie, mee kunnen doen en het tegengaan van generationele armoede. De doelgroep ouderen en chronisch zieken heeft onvoldoende profijt van deze regelingen, terwijl ook hun kosten zijn gestegen in de afgelopen jaren. De financiële situatie van chronisch zieken en gehandicapten en ouderen wordt verbeterd door middel van het herinvoeren van de verzekering van het eigen risico in GarantVerzorgd3 van de collectieve ziektekostenverzekering en het herinvoeren van de regeling meerkosten chronisch zieken. Hiervoor is een bedrag van € 175.000,- en € 180.000,- in de begroting 2023 opgenomen. 

Met het opstellen van het volgende IBK wordt overwogen de volgende onderwerpen mee te nemen ter bevordering van de bestrijding van (kinder-)armoede: 
•    Tegengaan niet-gebruik van voorzieningen. Zowel door onbekendheid als vanwege een te complexe manier van (digitaal) aanvragen. Hierbij hebben we bijzondere aandacht voor de doelgroep ouderen en digitaal minder vaardige Veenendalers. 
•    Sluiten de huidige minimaregelingen aan bij alle doelgroepen of kiezen we ervoor dat dit niet altijd noodzakelijk of mogelijk is. 
•    Verbeteren van de toegang tot mondzorg bij financiële problemen. Een tandartsverzekering is niet mogelijk bij achterstanden bij de ziektekostenverzekering. Hierbij onderzoeken we de mogelijkheden voor een lokale Stichting Urgente Noden (zie paragraaf Maatwerkbudget) en de Regeling Uitstroom Bijstandsgerechtigden (RUB). 
•    Beter benutten digitale hulpmiddelen. Er bestaan veel digitale hulpmiddelen die inwoners kunnen gebruiken om meer grip te krijgen op hun (financiële) situatie. Deze willen we toegankelijker maken door ze te bundelen op Sociaal Startpunt Veenendaal.
•    Versterken van vaardigheden en (mentale) gezondheid van volwassenen in armoede.
•    Meer aandacht voor herkennen van armoede op scholen.

Voedselbank 
De gemeente vindt het belangrijk dat de Voedselbank blijft bestaan, zolang hier noodzaak voor is. We zullen, samen met de Voedselbank, de benodigde inspanningen verrichten om passende huisvesting te faciliteren. Hierbij houden we rekening met een mogelijke veranderende opzet van de Voedselbank in de toekomst. Het faciliteren van huisvestiging van de Voedselbank wordt meegenomen in het IBK.

Maatwerkbudget  
In de afgelopen jaren is er onderzoek gedaan naar de invoering van een maatwerkbudget waarmee met een eenmalige vergoeding de persoonlijke situatie van een inwoner structureel kan verbeteren. Hierbij liepen we tegen diverse juridische problemen aan wanneer de gemeente dit zelf gaat uitvoeren. In 2023 wordt er een zelfstandige lokale stichting Leergeld en mogelijk ook een zelfstandige lokale Stichting Urgente Noden (SUN) opgericht. Deze stichtingen kunnen maatwerk leveren waar we dit als gemeente niet mogen. 

Energiearmoede  
Meer dan een half miljoen Nederlanders leeft in energiearmoede en de verwachting is dat dit aantal toeneemt. Het zijn vooral huurders die kampen met energiearmoede. Mensen die in energiearmoede leven hebben zo’n hoge energierekening dat hun inkomen te laag is om de rekening te betalen. Dit betreft mensen met een minimum inkomen maar ook mensen met een hoger inkomen maar met een energetisch slecht geïsoleerde woning. Op diverse manieren ondersteunen we inwoners om hun huis en gedrag energiezuiniger te maken en hun energierekening te kunnen blijven betalen. Deze maatregelen golden deels ook in 2022 en hebben hun doorloop in 2023: 
•    De gemeente betaalt, in opdracht van de overheid, een energietoeslag van € 1.300,- uit aan huishoudens met een laag inkomen. Deze energietoeslag kan nog aangevraagd worden tot 1 juli 2023. 
•    Bij het Trefpunt en Veenvesters zijn energiecoaches en -vrijwilligers. Hier wordt een Fixbrigade aan gekoppeld voor ondersteuning bij het uitvoeren van kleine energiebesparende aanpassingen in huis. 
•    Er rijdt periodiek een Energiecaravan door de wijken. 
•    De ‘Veense isolatieactie’. Woningeigenaren worden ontzorgd bij het isoleren van hun huis tegen een aantrekkelijke, collectieve actie en prijsmatig goede aanbieder. 
•    Samenwerking tussen de energievrijwilligers en de SchuldHulpMaatjes verstevigen. 
•    We onderzoeken de mogelijkheden om leenbijstand te verstrekken voor energiebesparende maatregelen. 
•    Daarnaast onderzoeken we aanvullende mogelijkheden om huishoudens te ondersteunen in het meer energiezuinig maken van hun huis en het bekostigen van de energielasten Hierbij leren we van successen binnen andere gemeenten.

Schulddienstverlening 
De Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) verwacht - op basis van een onderzoek van het SEO economisch onderzoek – in 2022 een stijging van het aantal hulpvragen met maximaal 20%. Schulden tot € 5.000,- zijn hierbij buiten beschouwing gelaten en de effecten van de stijgende energietarieven en kosten van levensonderhoud zijn hierin ook nog niet meegenomen. Het beeld in Veenendaal sluit naar verwachting aan op de prognose van het SEO. Het beeld in Veenendaal is ook dat een verdere stijging van hulpvragen door de energietarieven en kosten levensonderhoud kan worden verwacht. Hiervoor is nog geen prognose bekend.

De minister heeft in een kamerbrief van 12 juli 2022 de aanpak van armoede en schulden aangekondigd. De aanpak heeft betrekking op preventie, vroeger signaleren, het bieden van een sneller perspectief op een schuldenvrije toekomst, het versterken van financiële zelfredzaamheid en schuldhulpverlening voor ondernemers. Deze plannen zijn nog niet verder uitgewerkt zodat de consequenties voor de gemeente nog niet bekend zijn.

Op 1 januari 2021 is het Budgetloket van start gegaan. Met de inrichting van het Budgetloket wordt de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening weer uitgevoerd door de gemeente. De verwachte toename van het aantal inwoners dat ondersteuning nodig heeft bij financiële problematiek en schulden, zet het beschikbare budget onder druk. Voor de doorontwikkeling van schulddienstverlening is in 2023 € 65.000,- nodig. Met deze middelen beogen we de dienstverlening aan ondernemers en jongeren te verbeteren. In het vierde kwartaal van 2022 vindt een evaluatie plaats. 

Bijzondere bijstand/ Individuele Inkomenstoeslag
De ontwikkelingen van de bijzondere bijstand en Individuele Inkomenstoeslag zijn stabiel. De uitgaven aan bijzondere bijstand voor bewindvoering lijken tevens te stabiliseren. Wij trachten deze verder te laten dalen met het adviesrecht bewindvoering en meer inzet op promotie van alternatieven zoals budgetbeheer. We verbeteren de samenwerking door structureel overleg aan te gaan en verder onderzoeken wij de maatregelen die minister Schouten over dit onderwerp in de Kamerbrief heeft gezet.

Binnen de individuele en categoriale bijzondere bijstand verwachten we in 2023 extra kosten voor de bestrijding van energiearmoede. Zie hiervoor 'Energiearmoede'. Hiervoor is eenmalig een bedrag van € 1.000.000,- in de begroting 2023 gereserveerd. 

Thema II - Sociaal domein - Participatie en re-integratie

Ontwikkeling arbeidsmarkt 
De spanning tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt in de regio Foodvalley blijft toenemen. Werkgevers hebben daardoor meer moeite om personeel te vinden, voor werkzoekenden zijn er juist meer kansen op werk. Er is in juli 2022 sprake van een ‘zeer krappe’ arbeidsmarkt. Vergeleken met een jaar geleden namen de vacatures in Foodvalley met maar liefst 80% toe. Tegelijk waren er 44% minder mensen die in de eerste zes maanden van hun WW-uitkering zaten.  

Ook binnen de bijstand is het aantal werkfitte kandidaten zeer beperkt. Met aanwezige instrumenten (jobcoach, loonkostensubsidie) proberen we vraag en aanbod op elkaar aan te laten sluiten. In juni 2022 is het bijstandsbestand met 1,5 % gedaald ten opzichte van begin 2022. Dit is in lijn met het landelijke beeld. Wij verwachten dat in 2023 de krapte op de arbeidsmarkt voortzet, waardoor het bijstandsbestand mogelijk een lichte daling heeft.   

Mondiale gebeurtenissen, de gevolgen van de oorlog in Oekraïne, maar ook in mindere mate het vervolg van de Coronacrisis, zorgen wel voor een grotere mate van onzekerheid over de economische ontwikkeling en die van de arbeidsmarkt. 

Toekomstbestendige en inclusieve arbeidsmarkt 
De minister voor van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft in juli 2022 plannen gepresenteerd om de arbeidsmarkt toekomstbestendig te maken.  Samen met werkenden, werkgevers en ondernemers werkt het kabinet langs 5 thema's aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt.

De verschillende deelonderwerpen worden verder uitgewerkt waarbij de verwachting is dat de impact en uitvoering in 2023 concreet wordt. 

Breed offensief/ Individuele studietoeslag  
Het breed offensief is een pakket maatregelen om meer mensen met een arbeidsbeperking aan een baan te helpen en aan het werk te houden. Het wetsvoorstel Uitvoeren Breed Offensief is onlangs door de Tweede Kamer aangenomen. De verwachting is dat deze wet per 1 januari 2023 wordt ingevoerd.  Op termijn krijgt deze wet een vertaling in nieuwe of aangepaste verordeningen en beleidsregels. 

Een aantal voorstellen uit het Breed offensief, waaronder aanpassing van de individuele studietoeslag, is al eerder kracht van wet geworden.

Beschut werk 
Het kabinet gaat meer inzetten op beschut werk, om mensen die lang in de uitkering zitten perspectief te bieden op werk. Het is de vraag om hoeveel extra plekken het gaat. Daarnaast speelt een discussie over de hoogte van de begeleidingsvergoeding voor beschut werk.  Het rijk hanteert nu een standaard vergoeding van € 8.100,- per plek. VNG en Cedris stellen dat deze rijksvergoeding onvoldoende is om deze activiteit kostendekkend uit te kunnen voeren. Zij pleiten voor een ophoging van de vergoeding met minimaal € 3.000,- per plek.

Onlangs heeft het ministerie van SZW Bureau Significant de opdracht gegeven om onderzoek te laten doen naar de begeleidingsvergoeding. Dit kan resulteren in ophogen van de begeleidingsvergoeding en een andere verdeelsystematiek. Dit zal niet voor 2024 ingaan. Tot die tijd worden de plekken door de gemeente Veenendaal voor het standaardbedrag ingekocht bij IW4 en andere sociale werkbedrijven.  Nu gaat het om ongeveer 20 plekken bij IW4 en 10 bij de overige bedrijven. De huidige vergoeding kan druk geven op het bedrijfsresultaat van deze bedrijven, zeker als het aantal beschutwerkers relatief hoog is en de verdienmogelijkheden beperkt.

Inburgering
Het inburgeringsstelsel is veranderd. Gemeenten hebben nu een belangrijke rol bij de begeleiding van nieuwkomers die inburgeringsplichtig zijn. Veenendaal streeft ernaar om inburgeraars zo snel mogelijk op een zo hoogwaardig mogelijk niveau te laten inburgeren. Dit houdt in dat:
 
a.    alle inburgeraars naar vermogen meedoen, via diverse activiteiten maar het liefst via betaald werk;
b.    alle inburgeraars leren de Nederlandse taal zo goed mogelijk, het liefst op ten minste B1 niveau;
c.    alle inburgeraars worden zo snel mogelijk financieel en maatschappelijk zelfredzaam.

De huisvesting van asielmigranten is sterk in ontwikkeling en daarmee is ook de instroom in de inburgering erg onzeker, noodopvang buiten beschouwing latend. Inburgering is op dit moment niet van toepassing op ontheemde Oekraïners, maar er kan niet worden uitgesloten dat dit in de toekomst veranderd. De Wet inburgering 2021, die per 1 januari 2022 is ingevoerd, is nog sterk in ontwikkeling.  
De resultaten en de financiële ontwikkelingen worden in kaart gebracht en gemonitord evenals de effecten van verhoogde en versnelde taakstelling. De effecten hiervan op de formatie wordt geëvalueerd.  

We monitoren of het gewenste taalniveau – B1 niveau – wordt gehaald en voeren eventuele gewenste aanvullende maatregelen in, zoals de inzet van informele taal/leertrajecten. In 2022 zijn we gestart met verbetering van de ketensamenwerking. In 2023 verdiepen we deze samenwerking door gezamenlijk knelpunten in de samenwerking aan te pakken. Vanaf 2023 wordt inburgering doorontwikkeld en zetten wij – naast het wettelijke inburgeringstraject – in op maatschappelijke participatie. Zo zetten we in op een informeel taaltraject om participatie te bevorderen en koppelen we zoveel mogelijk inburgeraars aan een maatje. Hiervoor hebben we € 50.000,- nodig.  Hierbij hebben wij speciaal aandacht voor kwetsbare doelgroepen.   

Thema III - Sociaal domein - Wmo

Maatwerkvoorzieningen 
De aanvragen en meldingen voor Wmo maatwerkvoorzieningen nemen toe. Meerdere ontwikkelingen liggen hieraan ten grondslag, zoals de invoering van het abonnementstarief, langer thuis wonen, vergrijzing en toenemende psychische kwetsbaarheid, ook op jongere leeftijd. Om binnen de gestelde financiële kaders te blijven is het noodzakelijk om ook in 2023 te zoeken naar mogelijkheden om de uitgaven te  beheersen en de kwaliteit op orde te houden. Inzet op het versterken van de zelfredzaamheid van inwoners en de sociale basis blijft nodig. Vragen van inwoners die GGZ gerelateerd zijn nemen steeds verder toe. Onder andere de wachtlijsten in de GGZ spelen hier een rol in. We zien deze groep terug in de maatwerkvoorzieningen die vanuit de Wmo worden verstrekt. In 2023 willen we in de sociale basis meer inzetten ook voor deze groep. Om hier invulling aan te kunnen geven is in eerste instantie eenmalig incidenteel extra budget van € 100.000,- opgenomen in de begroting. Ook de sturing op casusniveau door het uitvoeringsteam van de Wmo en de sturing op de contractafspraken met de zorgaanbieders bieden mogelijkheden om de toenemende uitgaven te remmen.

In 2023 worden de bouwkundige woningaanpassingen aanbesteed. Het doel is efficiëntie en effectiviteit te realiseren. 

Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang 
Veenendaal werkt vanaf 1 januari 2022 voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang samen in het centrumgemeentegebied Ede. Veenendaal voert zelfstandig inkoop en toegang uit voor Beschermd Wonen. In regionaal verband worden voorbereidingen getroffen voor de door-decentralisatie per 2024, waarbij de wettelijke kaders (nog in ontwikkeling) leidend zijn. Voor Maatschappelijke Opvang maken we gebruik van de regionale opvangvoorzieningen bij complexe casuïstiek. 

Collectief vraagafhankelijk vervoer 
In opdracht van de bestuurders van de acht gemeenten wordt er regionaal gewerkt aan opties om grip te houden op de kosten van de Valleihopper. Dit wegens de stijging van deze kosten na de afbouw van de provinciale subsidie. De provincie Utrecht werkt op dit moment aan een plan voor een andere vorm van het OV-Vangnet. Met de opheffing van het OV-Vangnet na 2024 is de verwachting dat ook de provincie Utrecht, in lijn met de andere provincies, een minder toegankelijk alternatief voor het openbaar vervoer gaat inzetten en dat dit effect zal hebben op de instroom van nieuwe groepen in het doelgroepenvervoer (zoals het collectief vraagafhankelijk vervoer). De ontwikkelingen en uitkomsten worden met de raad gedeeld via de P&C-cyclus en waar nodig via een raadsinformatiebrief. 

Gezondheidsbeleid 
In 2023 ontwikkelen we een nieuw gezondheidsbeleid (lokale nota volksgezondheid) gebaseerd op de resultaten van de evaluatie die eind 2022 plaats heeft gevonden.  

Tot en met 2022 ontvingen we een stimulering voor Gezond in de Stad (GIDS), middels deze stimulering hebben we een lokale aanpak ontwikkeld, gericht op het tegengaan van gezondheidsverschillen. Vanaf 2023 ontvangen wij hier geen externe middelen meer voor. Echter blijven gezondheidsverschillen landelijk en ook lokaal een hardnekkig probleem waarvoor een structurele aanpak nodig is. Om deze reden borgen we in 2023 de aanpak van gezondheidsverschillen in het nieuw te ontwikkelen gezondheidsbeleid. Om de projecten te kunnen continueren en/of nieuwe interventies in te kunnen zetten is structureel € 44.000,- nodig in de gemeentelijke begroting. 

Kansrijke Start 
De GGDrU werkt samen met de gemeenten uit de regio toe naar het beschikbaar maken van de erkende interventie ‘Nu niet zwanger’ in 2023 als regionale basisvoorziening in de regio Utrecht. Deze interventie biedt de vroegste vorm van preventie door met mannen en vrouwen in een kwetsbare positie het gesprek aan te gaan over (het voorkomen van ongewenst en ongeplande) zwangerschap, kinderwens en anticonceptie. De geschatte kosten voor Veenendaal bedragen € 26.500,-. 

Tot en met 2022 ontving de gemeente Veenendaal een stimulering van € 17.000,- per jaar voor Kansrijke Start en het vormen van een coalitie. Inmiddels hebben we een stevige coalitie Kansrijke Start in Veenendaal. In 2023 wil de coalitie graag verder samenwerken om de behaalde resultaten te kunnen borgen en te kunnen werken aan nieuwe ambities. 
Beide ontwikkelingen rondom Kansrijke Start van totaal € 43.500,- zijn verwerkt in de begroting 2023. 

Thema IV - Sociaal domein - Jeugd

Hervormingsagenda 
Hervorming is nodig om het huidige jeugdstelsel houdbaar en beter te organiseren. Het is te kwetsbaar, er is onbalans tussen de financiële beheersbaarheid, de kwaliteit en de beschikbaarheid van de jeugdhulp. Vijf partijen werken aan de hervorming in de zogenaamde Hervormingsagenda, namelijk: Rijk, VNG/gemeenten, jeugdhulpaanbieders, cliëntenorganisaties en jeugdprofessionals. Over de volgende thema’s dienen onder andere keuzes gemaakt te worden: 

  • Toegankelijkheid, reikwijdte van de jeugdhulp; 
  • Regionalisering; we verwachten een vorm van een GR per 1-1-2024. Hiertoe is tevens een wetsvoorstel in de maak. Het is nog onduidelijk hoe dit zich zal verhouden tot de Hervormingsagenda. De extra kosten voor juridische advisering en projectleiding passen niet binnen het bestaande budgettair kader van het Knooppunt. Zodra er duidelijkheid bestaat over de inrichting vertalen we de voorbereiding hierop naar lokaal en regionaal niveau;
  • De rol en verantwoordelijkheden van gemeenten (bijvoorbeeld behouden de gemeenten hun beleidsvrijheid voor de organisatie van de toegang tot jeugdhulp);
  • De financiële houdbaarheid. Met de middelen die door het Rijk zijn toegekend voor Jeugd over de jaren 2022-2028, zijn er ook maatregelen in voorbereiding  die een kostenbesparend effect zouden moeten hebben. Het financiële effect hiervan is  opgenomen in de Programmabegroting vanaf 2022. In de Hervormingsagenda zouden deze maatregelen uitgewerkt moeten zijn. Op dit moment is nog niet bekend of de maatregelen de door het Rijk verwachte besparing ook gaan halen. Dit geldt ten zeerste voor het begrotingsjaar 2023. Dit beschouwen we als een sterk negatief financieel risico. Zie hiervoor de financiële paragraaf. Het is daarbij ook onduidelijk wat er financieel van toepassing is als een bepaalde maatregel uit de Hervormingsagenda al lokaal is doorgevoerd. In Veenendaal zijn al veel maatregelen doorgevoerd. Zie hiervoor het onderdeel Ontwikkelingen en risico's Jeugd.

De (concept)hervormingsagenda is naar verwachting gereed in het najaar van 2022 en is leidend voor de periode tot 2028. Bij het opstellen van de begroting is nog niet bekend wat de impact hiervan is op gemeente Veenendaal. We nemen de uitvoering van de Hervormingsagenda op als nieuwe doelstelling voor 2023.   

Frictiekosten aanbieders 
In de afgelopen zes jaar is lokaal en regionaal hard gewerkt aan de transformatie van het stelsel voor jeugdhulp. Steeds minder kinderen worden uithuisgeplaatst en ook het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen nemen gestaag af. Het is aan aanbieders om tijdig te anticiperen op dit veranderende stelsel. Echter, we zien bij een aantal zorgvormen dat de transformatie succesvoller is dan vooraf ingeschat. Met name het aantal kinderen dat nu nog gebruik moet maken van gesloten jeugdzorg (jeugdzorg Plus) en zogenaamde 3-milieuvoorzieningen daalt zo sterk dat deze aanbieders in de financiële problemen dreigen te raken. 

Het risico bestaat dat het tempo van afbouw en ombouw nu zo hard gaat dat aanbieders failliet gaan en dat daardoor kinderen die dit aanbod nu nog wel nodig hebben daardoor tussen wal en schip belanden. Om dit te voorkomen is tijdelijke financiële steun nodig. We willen deze frictiekosten namelijk  niet in de tarieven opnemen. Het Rijk financiert deze transitie reeds middels een specifieke uitkering (SPUK regeling). Deze middelen worden nu echter volledig ingezet voor de ombouw en kunnen dus niet worden benut voor huidige of toekomstige liquiditeitsproblemen bij aanbieders. Dit is een financieel risico, waarbij nog niet duidelijk is wat de impact ervan is. 

Doorontwikkeling jeugdbescherming en veiligheidsketen 
Binnen jeugd is het veiligheidsdomein sterk in beweging. Landelijk onderzoek heeft uitgewezen dat de jeugdbeschermingsketen niet goed functioneert en de kwetsbaarste kinderen niet tijdig de juiste zorg krijgen. Dit herkennen we ook regionaal en lokaal. We merken bovendien dat men het steeds onaantrekkelijker vindt om in de zorg en in de jeugdbescherming specifiek te gaan werken. Er is noodzaak tot verandering. Mede daarom werken we sinds april 2022 in Veenendaal mee aan de Verbeteragenda Jeugdbescherming (onderdeel van de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming). Een van de voornaamste doelen van de Verbeteragenda is om de administratieve last terug te dringen. Ook wordt er aan de voorkant  meer afgestemd tussen de gecertificeerde instellingen en het CJG over de vraag welke jeugdhulp ingezet moet worden. 

Daarnaast is in het landelijk visiedocument toekomstscenario kind- en gezinsbescherming beschreven hoe het veiligheidsstelsel eenvoudiger, gezinsgerichter, transparanter en lerend kan werken. Deze stelselwijziging is nodig om de samenwerking met gezinnen, de volwassenzorg en de GGZ te versterken. Veiligheidsorganisaties moeten meer integraal gaan werken en (grotendeels) samengaan. Er is een looptijd van 5-10 jaar uitgetrokken voor deze ontwikkeling waarbij er nu een uitbreiding is gekomen van pilots naar proeftuinen. Veenendaal is nu onderdeel geworden van een proeftuin in de jeugdhulpregio en we oriënteren ons momenteel met de veiligheidspartners aan welke randvoorwaarden deze proeftuin moet gaan voldoen. Vanaf het najaar 2022 starten we samen met de nieuwe werkwijze in Renswoude, Rhenen en Veenendaal, samen met de Utrechtse veiligheidspartners zoals Veilig Thuis Utrecht en de Raad voor de Kinderbescherming. Het CJG zal in deze werkwijze een nog sterkere positie innemen richting de inwoner als het gaat om het voorkomen en verhelpen van onveilige situaties. Samen met het gezin wordt integrale ondersteuning op meerdere probleemgebieden gezocht en geboden, waarmee escalaties kunnen worden voorkomen. In 2022 wordt deze proeftuin nog gefinancierd met Rijksmiddelen, maar de verwachting is dat deze beweging vanaf 2023 deels met eigen middelen gefinancierd moet gaan worden. Voor  2023 is hiervoor een budget van € 57.500,-  in de begroting opgenomen  zodat de continuering niet in gevaar komt

Bovenregionale samenwerking
De kosten voor de bovenregionale samenwerking in regio Utrecht zijn tot op heden gedekt uit het budget voor Zorg in Natura Jeugd. Dit zijn echter structurele uitvoeringskosten die niet passend zijn om uit het jeugdhulpbudget te dekken. Daarom is een bedrag van  € 14.000,- in de begroting 2023 opgenomen om deze kosten te dekken.

Frictiekosten jeugdbescherming 
We zien in de afgelopen twee jaar steeds minder ondertoezichtsstellingen (OTS’en).  In de Verbeteragenda zijn deze bewegingen dan ook meegenomen en er is een aangepast tarief om gecertificeerde instellingen (GI's) de ruimte te geven mee te gaan in de beweging naar een lokale aanpak in veiligheidssituaties. In het tarief is de huidige arbeidsmarktproblematiek niet meegenomen. Omdat de maatregelen en ondertoezichtstellingen harder dalen dan verwacht zijn de toenemende kosten een probleem, en kunnen er in 2023 in de afbouw van de gecertificeerde instellingen frictiekosten ontstaan. Momenteel is nog niet duidelijk wat de precieze kosten hiervan gaan zijn.    

Regionale doorontwikkeling van inkoopbeleid 
Binnen de regio werken we binnen de regionale visie “Ons verhaal”. Vanaf 2022 werken we in de Jeugdhulp Regio Foodvalley binnen diverse programma's doorlopend aan projecten die inkoop- en contractmanagement versterken en verder wordt gewerkt aan een toekomstbestendig en betaalbaar zorglandschap. Op beleidsvlak zijn dit de programma's Ambulant, Veiligheid, Verblijf en Onderwijs&Jeugd. Binnen deze programma's zijn projectgroepen geformeerd die zich richten op de doorontwikkeling van de regionale inkoop. Zo wordt binnen programma Verblijf doorgewerkt aan de openstelling van perceel verblijf en de transformatie van het verblijfslandschap. Binnen programma Ambulant wordt gewerkt aan afbakening binnen de ambulante jeugdhulp, en verbeteren van productdefinities. Binnen Veiligheid zal de hierboven beschreven uitwerking van de nieuwe werkwijze in de veiligheidsketen centraal staan. Uiteindelijk kunnen de projecten uitmonden in aanpassingen van deelovereenkomsten, dit is een doorlopend proces. 

In het najaar 2022 worden de projectrichtingen bepaald voor 2023. In de bestuursrapportages wordt hierover gerapporteerd. 

Ontwikkel- en implementatiebudget Jeugd
Gezien de ontwikkelingen op Jeugd voorzien we de nodige kosten als het gaat om doorontwikkeling en implementatie bij onze uitvoeringspartners. Het transformatiebudget dat vanuit de regio beschikbaar was, is gestopt, maar de transformatie is nog niet afgerond. Zie ontwikkelingen rond de jeugdbeschermingsketen, onderwijs, maar ook de versterking van de sociale basis en de behoefte aan flexibele inzet vanuit het CJG, vanuit zowel gemeente als partners. Deze ruimte is nodig om de juiste vertaalslag van potentiële ideeën naar bijvoorbeeld projecten te kunnen verkennen en tevens voor het inbedden van ontwikkelingen naar de lokale situatie.
De genoemde beweging op veiligheid gaat mogelijk gepaard met frictiekosten. Daarnaast verwachten we vanuit de Hervormingsagenda aanpassingen die impact kunnen hebben op onder meer het CJG. Bij transformatie gaan de kosten voor de baten uit. Om recht te doen aan deze ontwikkelingen en als gemeente hierop te anticiperen, willen we hiertoe tijdig budgettaire ruimte creëren. Zo zorgen we voor rust. Om die reden stellen we voor om een bedrag van € 150.000  als ontwikkel- en implementatiebudget jeugd in de begroting 2023 op te nemen. 

Thema V - Onderwijs en ontwikkeling

Nationaal Programma Onderwijs
Als gevolg van de coronacrisis hebben kinderen onderwijs op afstand gevolgd en achterstanden opgelopen. De scholen zetten met de extra middelen die zij ontvangen via het Nationaal Programma Onderwijs plan hierop in. Als gemeente ontvangen we vanaf 2022 in het kader van dit Nationaal Programma Onderwijs eveneens middelen. In april 2022 is het plan van aanpak vastgesteld en is gestart met de implementatie. Uitgangspunt hierbij is in te zetten op bestaande activiteiten en interventies omdat dit incidentele middelen zijn. In 2023 zetten we de implementatie voort in samenwerking met o.a. scholen, kinderopvang, (jeugdgezondheids(zorg), bibliotheek, welzijn e.d.

Verbinding Onderwijs en jeugdhulp
Kinderen en jongeren hebben roerige jaren achter de rug als gevolg van de coronapandemie, met onderwijs op afstand en beperkt beschikbare stageplaatsen. Er wordt hard gewerkt om eventuele achterstanden in te halen, zodat de leerlingen voldoende voorbereid zijn om hun plek in de samenleving in te nemen. 

Onderwijs is een domein waar een groot deel van de ontwikkeling van kinderen plaatsvindt. Professionals in het onderwijs, voorliggende veld, jeugdhulp, CJG krijgen bij die ontwikkeling steeds meer met elkaar te maken. Als jongeren hulp nodig hebben of vastlopen in het leven is een goede samenwerking van groot belang. Zeker om de ingezette beschikte jeugdhulp zo efficiënt mogelijk te laten verlopen. 

In 2023 versterken we de samenwerking tussen (passend)onderwijs en jeugdhulp. Hiertoe nemen we een budget op van € 65.000,- voor de jaren 2023, 2024 en 2025, als opvolging van het transformatiemiddelen. Dit biedt de financiële ruimte om de verbinding onderwijs-jeugd te versterken, concreet in het (door)ontwikkelen van lokale pilots onderwijs-jeugd en de ambitie vanuit de regionale focusagenda verder vorm te geven.

Integrale Kindcentra
Scholen zijn verantwoordelijk voor de onderwijsinhoud. Wij maken afspraken met schoolbesturen over vorming van Integrale Kindcentra (conform het IKC beleidsplan). 
In het herijkte Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2020 is vanuit de inhoud IKC vorming opgenomen. Naast de inhoudelijke ambities liggen er ook in 2023 belangrijke huisvestingsopgaven. Het Integraal Huisvestingsplan en de Verordening Huisvesting Onderwijs zijn de kaders waarbinnen de vraagstukken zo goed mogelijk worden opgelost. Voor de zomer 2022 heeft de raad besloten in Veenendaal Oost een 2e onderwijslocatie te realiseren in de vorm van een IKC. Deze keuze vraagt een extra inspanning in 2023.

Onderwijskansenbeleid
We willen ook in 2023 kinderen die opgroeien in een ongunstige economische, sociale of culturele omgeving ondersteuning bieden waardoor hun onderwijskansen worden vergroot. In Veenendaal bevorderen we gelijke onderwijskansen voor kinderen met een gelijk onderwijspotentieel. In deze visie staat het kind en zijn ontwikkeling centraal en is de ambitie dat alle doelgroepkinderen bereikt worden en kansen krijgen om zich ook te kunnen ontwikkelen. 
We zorgen in 2023 voor een kwantitatief voldoende en kwalitatief goed aanbod van peuteropvang met en zonder voorschoolse educatie. Aanbieders van peuteropvang krijgen op basis van een subsidieregeling middelen om de kindplaatsen te realiseren. 
We voeren ook in 2023 overleg met de aanbieders. Gezamenlijk is een kwaliteitskaart ontwikkeld. Deze kaart actualiseren we in 2023 wanneer daar aanleiding toe is. Onderwerpen in dit kader zijn bijvoorbeeld professionaliseringsactiviteiten, signalering en toeleiding en ouderbetrokkenheid. We hebben in Veenendaal een aantal zogenaamde vve-scholen. Op deze scholen bieden vve-specialisten extra ondersteuning en ze versterken de doorlopende ontwikkellijn met de voorscholen. Deze specialisten hebben tevens een trekkersrol en stimuleren kennisdeling tussen de vve-scholen.

Leerlingenvervoer
In 2023 wordt de raad de Verordening bekostiging leerlingenvervoer Veenendaal ter vaststelling voorgelegd. Met de Samenwerkingsverbanden passend onderwijs wordt de concept verordening besproken. De verordening is van toepassing vanaf het schooljaar 2023/2024.

Thema VI - Sport

We stellen in 2023 een nieuw beleidskader Sport en Bewegen op, waarbij we het beleidskader 2020-2023 als uitgangspunt gebruiken. Binnen het nieuwe beleidskader worden de nieuwe ontwikkelingen, op gebied van JOGG, de integraliteit vanuit het Gezondheidsbeleid en het Preventieakkoord, verbreding Buurtsportcoachregeling en continuering Sportakkoord opgenomen en krijgen een structureel karakter. We zijn hiervoor voor een deel afhankelijk van de middelen die beschikbaar komen vanuit het Rijk voor de nieuwe brede SPUK regeling. In 2023 onderzoeken we of de huidige subsidieregeling voor renovatie van kleedkamers aangepast moet worden,  zodat deze aansluit bij het huidige gebruik van de kleedkamers door de sportverenigingen. 

Bij de verdieping van het sport- en preventieakkoord zetten we specifiek in op het bevorderen van het netwerk van sportverenigingen en daarmee op de uitwisseling van kennis en ervaring. 
Door een gewenste uitbreiding in het aantal combinatiefuncties (buurtsportcoaches) stijgt de Rijksbijdrage met € 125.000,-. De cofinancieringsuitdaging stijgt met € 75.000,-, waarvan we de reeds beschikbare financiering van JOGG hierop in mindering kunnen brengen. Er is voor de uitbreiding daarom € 50.000,- in de begroting 2023 opgenomen.. Met de uitbreiding van het aantal fte van 10 naar 12,5 fte kunnen we zorgen voor meer inzet op de doelgroepen waar sport en bewegen achterblijft, zoals de jongeren vanaf 12 jaar en de grote(re) groep senioren. Daarnaast kunnen we meer 'buurtgericht' werken en kunnen we in buurten waar minder wordt bewogen specifieke interventies inzetten en uitvoeren. Bij deze verdieping zetten we specifiek in op het bevorderen van het netwerk van sportverenigingen en daarmee op de uitwisseling van kennis en ervaring. 

We borgen de activiteiten en inzet vanuit het Sportakkoord (2020-2022) waar mogelijk. We besteden  in 2023  het restant van de middelen van de activiteiten die door de coronamaatregelen nog niet uitgevoerd zijn. Er volgt een verdieping van het Sportakkoord voor de komende periode, waarbij we investeren op het inzetten op (netwerk)sportverenigingen en daarmee de uitwisseling van onderlinge kennis en ervaring bevorderen.
In 2023 stellen we het Integraal Huisvestingsplan Sport op. Hierin creëren we kaders voor de ontwikkeling van binnensport in relatie tot de ontwikkelingen van de IKC’s. Ook wordt hierbij een meerjareninvesteringsplan opgenomen. Denk daarbij het toekomstbestendig inrichten van de sporthal/ -zaal voor het bewegingsonderwijs en de sport.
In 2023 onderzoeken we of de huidige subsidieregeling voor renovatie van kleedkamers herijkt moet worden.

Athletic Skills Model (ASM)
Voetbalvereniging GVVV is binnen de jeugdopleiding bezig met het Athletic Skills Model (ASM). Deze methode zorgt voor een bredere aanpak en vaardigheid van jonge voetballers. Door niet sportspecifiek te trainen maar juist onderdelen vanuit andere sporten te integreren in de voetbaltraining krijg je vaardiger en beter ontwikkelde sporters. GVVV heeft het plan om in samenwerking met de gemeente, scholen en andere sportaanbieders een ASM court te realiseren op sportpark Panhuis. 
De gemeente en Sportservice hebben als voorwaarde gesteld mogelijk alleen bij te dragen als het een openbaar sportcourt betreft. Hierbij wordt ook de koppeling met het huidige BOSS beleid (Bewegen, Ontmoeten, Spelen, Sporten) gemaakt.
In 2023 worden de mogelijkheden voor de realisatie en eigenaarschap van het court onderzocht.

Thema VII - Cultuur

Eind 2021 heeft de raad de cultuurvisie 2022-2030  "Glans aan de Grift" vastgesteld inclusief de bijbehorende cultuurnota 2022-2025. In deze nota staan per jaar de doelstellingen beschreven. 

In 2023 laten we een cultureel bevolkingsonderzoek uitvoeren. Met dit onderzoek krijgen we inzicht in het huidige cultuurgedrag (cultuurbezoek en participatie, ideeën rondom kunst en cultuur en (latente) behoeften op dit gebied) om hierop beleid verder te kunnen ontwikkelen en later te kunnen toetsen. Daarnaast zullen we aan de slag gaan met de resultaten van een onderzoek naar accommodatie-knelpunten dat eind 2022 zal worden uitgevoerd.  

In de raadsvergadering van 25 november 2021 heeft de raad besloten ontwikkelingsrichting D (het toekomstbestendig maken van de theaterfunctie binnen een schaalvergroting van Lampegiet en door het toevoegen van één of meer complementaire en/of ondersteunende functies aan Lampegiet ) met de daarbij horende huisvestingsvariant III (sloop van het huidige gebouw en nieuwbouw met een kleine zaal en complementaire functies’) als voorkeursscenario te benoemen voor de toekomst van Theater Lampegiet en heeft de raad het college de opdracht gegeven dit scenario verder uit te werken tot een concreet voorstel. Medio 2023 wordt aan de raad een masterplan van theater plus omgeving voorgelegd als uitwerking van dit scenario. 

Om de doelstellingen uit de cultuurnota op het thema cultuur te kunnen realiseren is, zoals reeds aangekondigd in het raadsvoorstel, 0,3 fte (€ 26.000,-) aan extra inzet nodig. Daarnaast is er 0,4 fte (€ 35.000,-) nodig om een subsidieloket in te kunnen richten, waardoor het subsidieproces beter gecoördineerd wordt. In totaal is hiervoor in de begroting 2023 een bedrag van € 61.000,- opgenomen.

Thema VIII - Welzijn

Versterken sociale basis
Stichting Veens Welzijn werkt in 2023 verder aan de opdracht voor het welzijnswerk. Dit doen zij vanuit 4 pijlers: sociale leefbaarheid, vrijwilligers, opvoeden en opgroeien en langer thuis. Het versterken van de sociale basis en het verbinden van (vrijwilligers)organisaties loopt als een rode draad door de opdracht. De Pilot Welzijn op recept willen we blijven uitvoeren in samenwerking met partners vanuit de 1e lijns gezondheidszorg. Om dit te kunnen continueren is structureel extra budget van € 60.0000,- nodig vanaf 2023.

Thema's die in 2023 aandacht krijgen om de sociale basis te versterken zijn:

  • Ondersteuning van vrijwilligers. Deze ondersteuning vinden we hierin erg belangrijk en zetten we extra op in. Voor 2022 heeft de raad incidenteel € 100.000,- beschikbaar gesteld voor vrijwilligers. In deze begroting is dit bedrag structureel opgenomen. Om inwoners (ook vrijwilligers en mantelzorgers) laagdrempelig, in de wijk en zo vroeg mogelijk te ondersteunen werken we samen met vele partners. Een belangrijke partner hierbij is Veens Welzijn. Zij voeren voor ons de opdracht Welzijn uit. Ook is de Lokale Inclusie Agenda opgesteld, die in 2022 geactualiseerd is, waarin acties staan om iedereen mee te kunnen laten doen;
  • Opzetten regionaal logeerhuis; dit met als doel de druk op de mantelzorgers te verlagen;
  • Versterken organisatie Veens Welzijn waardoor zij een stevige netwerkpartner zijn binnen de sociale basis en hierin ook sportorganisaties en ondernemers betrekken. Om de sociale basis en daarmee ook Stichting Veens Welzijn structureel te versterken is extra budget  van € 160.000,- opgenomen. Het beschikbare budget is nu taakstellend en wordt volledig ingezet om de basistaken te kunnen uitvoeren. Zonder dit extra budget is  bijstelling van de basistaken nodig en is er geen ruimte voor innovatie en ontwikkeling.  

Preventief jongerenwerk
De inzet van jongerenwerk in Veenendaal willen we graag versterken. Zowel vanuit de welzijnspartners, scholen en veiligheidspartners wordt preventieve inzet vanuit jongerenwerk gemist. De afgelopen jaren is incidenteel extra ingezet op jongerenwerk in het Franse Gat. Dit helpt om jongeren beter in beeld te hebben en excessen te voorkomen/verminderen. Om hier een impuls aan te geven en ook inzet te kunnen plegen op kinderwerk (kinderen in de basisschoolleeftijd) is een budget € 246.000,- in de begroting 2023 en in de meerjarenraming voor 2024 en 2025  opgenomen.  We monitoren de inzet en de effecten daarvan. Na 2,5 jaar kan besloten worden of structurele inzet noodzakelijk blijft.  

Dierenwelzijn
Als gemeente willen we inzichtelijker krijgen welke taken de gemeente op dit moment uitvoert op het gebied van dierenwelzijn en waar nodig taken (verdere) invulling kunnen geven. Om dit goed vorm te geven, is voor dit moment structureel € 25.000 opgenomen.

Thema I – Inkomen

Algemeen Inkomen

Binnen dit thema valt de uitvoering van de Participatiewet en aanverwante wet- en regelgeving. Het doel van de wet is dat iedere inwoner naar vermogen kan participeren in de samenleving en waar mogelijk zelfstandig in een inkomen kan voorzien. Als dit (nog) niet kan dan wordt een uitkering verstrekt.

Wij besteden specifiek aandacht aan de bestrijding van (kinder-) armoede. Het gaat hierbij om het verstrekken van vergoedingen om kinderen die opgroeien in armoede de mogelijkheden te bieden om zich onder gelijke omstandigheden als andere kinderen te kunnen ontwikkelen en ‘mee te kunnen doen’. Hiermee dragen we bij aan het doorbreken van de vicieuze cirkel van erfelijke armoede. Eén van de instrumenten om dit te realiseren is het beschikbaar stellen van vergoedingen voor (noodzakelijke) schoolkosten, kleding en sport/ cultuur. Daarnaast is de inzet erop gericht op het vergroten van kansen voor kwetsbare jongeren op de arbeidsmarkt.

Voor volwassenen richten we ons op het stimuleren van sport/ bewegen en maatschappelijke participatie door het beschikbaar stellen van een tegemoetkoming in de kosten. Dit doen we onder andere door middel van het vergroten van het bereik van de Veenendaalpas en het aansluiten van zo veel mogelijk ondernemers en (sport)verenigingen.

Wat willen we bereiken?

I.a We willen meer sturen op kwaliteit en effectiviteit van aangeboden ondersteuning (MD10).

Wat gaan we daarvoor doen?

I.b Een inclusievere samenleving (MD01).

Wat gaan we daarvoor doen?

I.c Verbinding versterken als dit een positief effect heeft op kwaliteit, financiën en/of organisatie (MD08).

Wat gaan we daarvoor doen?

I.d De gemeente neemt bij voorkeur een faciliterende rol aan om de rol van inwoners en de kracht van de samenleving te stimuleren (MD09).

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Inkomen

Dit is niet van toepassing voor dit thema.

Beleid gerelateerd aan thema Inkomen

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Integraal Beleidskader Sociaal Domein 23-1-2020
Integrale verordening sociaal domein Veenendaal 22-4-2021
Beleidsregel Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) 22-6-2021
Beleidsregel krediethypotheek Pw Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel uitvoering kostendelersnorm Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel vaststellen hoogte vermogen Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel terug- en invordering en heronderzoeken Bbz Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel terugvordering, verhaal en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel individuele inkomenstoeslag Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel tegenprestatie naar vermogen Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel Giften Participatiewet 13-6-2021
Beleidsplan Handhaving sociaal domein 21-12-2021
Protocol huisbezoek 18-6-2013

Taakvelden thema Inkomen

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
6.3 Inkomensregelingen Baten -21.791 -20.931 -20.932 -20.932
Lasten 24.746 22.913 22.934 22.942
Totaal 6.3 Inkomensregelingen 2.955 1.981 2.002 2.010
7.5 Begraafplaatsen en crematoria Lasten 10 10 11 12
Totaal7.5 Begraafplaatsen en crematoria 10 10 11 12
Totaal Thema Inkomen 2.965 1.992 2.013 2.022

Thema II – Sociaal domein – Participatie en re-integratie

Algemeen Sociaal Domein - Participatie en re-integratie

Het leidend principe binnen dit thema is het activeren van mensen die ‘aan de kant’ staan. Hiervoor zetten we diverse werknemers- en/of werkgeversinstrumenten in. Voor mensen die geen of onvoldoende arbeidsvermogen hebben, gaan we verder op zoek naar middelen om hun participatie, in welke vorm dan ook, te ontwikkelen. 

Het sociaal werkbedrijf IW4 werkt in opdracht van de gemeenten Veenendaal, Rhenen en Renswoude aan de uitvoering van de Participatiewet, vanuit haar eigen expertise. 

Om inwoners de mogelijkheid te geven om te participeren in de samenleving werken we, zowel lokaal als regionaal samen met onderwijs, werkgevers en maatschappelijke organisaties. 

De rol van de gemeente bij inburgering wordt vanaf 1 januari 2022 uitgebreid via invoering van de Wet Inburgering. Hierbij is de gemeente zowel verantwoordelijk voor inburgering als participatie in de samenleving van nieuwe Nederlanders. 

Wat willen we bereiken?

II.a Meer mensen vinden een plek op de arbeidsmarkt (MD05).

Wat gaan we daarvoor doen?

II.b Een inclusievere samenleving (MD01).

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Sociaal Domein - Participatie en re-integratie

De volgende verbonden partij levert een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema:

  • Sociale werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (IW4).

Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.

Beleid gerelateerd aan thema Sociaal Domein - Participatie en re-integratie

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Integraal Beleidskader Sociaal Domein 23-1-2020
Integrale verordening sociaal domein Veenendaal 22-4-2021
Beleidsregel Integrale schuldhulpverlening Veenendaal 13-7-2021
Beleidsregel Taaleis 25-5-2021
Beleidsregel gemeentelijke compensatie voor eigen bijdrage in de kosten van kinderopvang 25-5-2021
Beleidsregels tegemoetkoming kosten kinderopvang op sociaal-medische indicatie Veenendaal 25-5-2021
Besluit Re-integratie gemeente Veenendaal 25-5-2021
Beleidsregel scholingsplicht Veenendaal 25-5-2021
Verordening Wet Inburgering (oude wet inburgering, nog van toepassing i.v.m. handhaving) 3-6-2010
Regeling Sociale Werkvoorziening Zuid Oost Utrecht 21-12-2017

Taakvelden thema Sociaal domein - Participatie en re-integratie

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
6.4 WSW en beschut werk Lasten 6.981 6.875 6.753 6.586
Totaal 6.4 WSW en beschut werk 6.981 6.875 6.753 6.586
6.5 Arbeidsparticipatie Baten -6 0 0 0
Lasten 1.393 1.382 1.389 1.407
Totaal 6.5 Arbeidsparticipatie 1.388 1.382 1.389 1.407
Totaal Thema Sociaal domein - Participatie en re-integratie 8.369 8.257 8.142 7.993

Thema III – Sociaal domein – Wmo

Algemeen Sociaal domein - Wmo

De Wmo gaat uit van zelfredzaamheid en participatie van inwoners. Niet iedereen kan zichzelf redden en meedoen in de samenleving. Sommige inwoners hebben daarbij ondersteuning nodig. We werken hierbij vanuit de principes van Model Veenendaal. Vanuit de Wmo wordt ondersteuning geboden als het niet lukt om binnen het eigen sociale netwerk of vanuit de mogelijkheden in de sociale basis een oplossing te vinden. De vraag naar maatwerkvoorzieningen verstrekt vanuit de gemeente neemt toe, terwijl er ook taakstellingen op budget moeten worden behaald en de kwaliteit moet worden geborgd. In 2023 ligt de focus vanuit de Wmo op het blijven sturen op het nakomen van afspraken met zorgaanbieders, het vergroten van sturing op casusniveau en het zoeken naar mogelijkheden om nog meer aan de voorkant van zorg en ondersteuning op te vangen binnen de sociale basis. In de begroting hebben we voor de komende drie jaren extra middelen opgenomen om de nieuwe werkwijze bij de uitvoering te kunnen continueren en er meer op casusniveau gestuurd kan worden (€ 200.000,-). Daarnaast heeft het zoeken en geschikt maken van passende woonruimte voor inwoners met een kwetsbaarheid/beperking aandacht. Hiervoor is bij het thema Wonen voor de komende drie jaren € 100.000,- gevraagd voor de inzet van een wooncoach.

Wat willen we bereiken?

III. a We willen meer sturen op kwaliteit en effectiviteit van aangeboden ondersteuning.

Wat gaan we daarvoor doen?

III.b Ondersteuning meer op maat voor wie dat nodig heeft.

Wat gaan we daarvoor doen?

III.c Een inclusievere samenleving (MD01).

Wat gaan we daarvoor doen?

III.d Inwoners willen meer voor- en met elkaar doen (MD03).

Wat gaan we daarvoor doen?

III.e De gemeente neemt bij voorkeur een faciliterende rol aan om de eigen rol van inwoners en kracht van de samenleving te stimuleren (MD09).

Wat gaan we daarvoor doen?

III.f. Verder versterken opvoed- en opgroeiklimaat (MD02).

Wat gaan we daarvoor doen?

III.g Vroeger signaleren en handelen en dit dichtbij de inwoner organiseren (MD04) .

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Sociaal Domein - WMO

De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema:

  • Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Regio Utrecht (GGDrU);
  • BVO Valleihopper.

Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.

Beleid gerelateerd aan thema Sociaal Domein - WMO

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Integraal Beleidskader Sociaal Domein 23-1-2020
Integrale verordening sociaal domein Veenendaal Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 22-4-2021
Regionale handhavingskader 22-6-2021
Integraal beleidskader Sociaal Domein 23-1-2020
Visie Sociaal Domein 2017
Regeling aanschaf buitenkast AED november-17
Gezondheidsbeleid: "Een gezond Veenendaal in 2022" januari-18
Lokale inclusie agenda 25-10-2022

Taakvelden thema Sociaal domein - WMO

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Lasten 443 443 442 442
Totaal 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 443 443 442 442
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Lasten 132 122 122 122
Totaal 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 132 122 122 122
6.6 Maatwerk-voorzieningen (WMO) Baten -102 -100 -102 -102
Lasten 3.352 3.056 4.471 7.037
Totaal 6.6 Maatwerk-voorzieningen (WMO) 3.250 2.956 4.369 6.935
7.1 Volksgezondheid Baten -40 0 0 0
Lasten 2.793 2.753 2.753 2.753
Totaal 7.1 Volksgezondheid 2.753 2.753 2.753 2.753
6.81A Beschermd wonen (WMO) Lasten -75 -75 -75 -75
Totaal 6.81A Beschermd wonen (WMO) -75 -75 -75 -75
6.81B Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) Lasten 642 642 642 642
Totaal 6.81B Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) 642 642 642 642
6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO) Baten -521 -500 -792 -1.100
Lasten 711 595 603 299
Totaal 6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO) 190 95 -189 -801
6.71a Hulp bij het huishouden (WMO) Lasten 3.513 3.511 3.530 3.530
Totaal 6.71a Hulp bij het huishouden (WMO) 3.513 3.511 3.530 3.530
6.71b Begeleiding (WMO) Lasten 7.447 7.628 7.967 7.967
Totaal 6.71b Begeleiding (WMO) 7.447 7.628 7.967 7.967
6.71c Dagbesteding (WMO) Lasten 1.900 1.920 1.985 1.985
Totaal 6.71c Dagbesteding (WMO) 1.900 1.920 1.985 1.985
Totaal Thema Sociaal domein - WMO 20.195 19.994 21.547 23.501

Thema IV – Sociaal domein – Jeugd

Algemeen Sociaal Domein - Jeugd

Per 2020 is het jeugdbeleid opgenomen in het Integraal Beleidskader Sociaal Domein 2020-2023 (IBK-SD). Hierbij wordt gewerkt met meerjarige beleidsdoelstellingen (opgenomen in het beleidskader) en meer dynamische uitvoeringsplannen waarbij kan worden ingespeeld op actuele ontwikkelingen en uitdagingen in het jeugddomein. De verantwoordelijkheid voor jeugdhulp betekent dat de gemeente bijdraagt aan een gezond en veilig opvoedklimaat voor jeugdigen en hun ouders. Het gemeentelijk beleid richt zich hiervoor tenminste op: 

  • Preventie en vroegsignalering;
  • Het bevorderen van de opvoedvaardigheden van ouders en sociale omgeving;
  • Het versterken van het probleemoplossend vermogen van jeugdigen, hun ouders en sociale omgeving;
  • Laagdrempelig, herkenbaar en tijdig bieden van de juiste hulp op maat;
  • Effectieve en efficiënte samenwerking rond gezinnen realiseren;
  • Het bevorderen van de veiligheid van jeugdigen en bestrijden van kindermishandeling. 

Ook in 2023 staat de versterking van samenwerking in het belang van de jeugdige met de kinderopvang, het onderwijs, de samenwerkingsverbanden passend onderwijs, Veens Welzijn, jeugdgezondheidszorg, het CJG en de regionale gemeenten centraal. We versterken de lokale samenwerking, bijvoorbeeld door een Platform pleegzorg op te richten.
 
In 2023 versterken we de ingezette beweging naar normaliseren; niet voor alles wat afwijkt hoeft geïndiceerde hulp ingezet te worden. Deze inzet ligt in lijn met het IBK en de uit te voeren maatregelen binnen het jeugddomein. Daarnaast blijven we de in 2021 ingezette beheersmaatregelen uitvoeren en doorontwikkelen. Het Rekenkameronderzoek 2022 over kostenbeheersing Jeugd heeft laten zien dat we lokaal alle beschikbare  beheersmaatregelen inzetten. We bestendigen deze werkwijze in 2023. 

Wat willen we bereiken?

IV.a Verder versterken opvoed- en opgroeiklimaat (MD02).

Wat gaan we daarvoor doen?

IV.b Ondersteuning meer op maat voor wie dat nodig heeft (MD06).

Wat gaan we daarvoor doen?

IV.c Verbinding versterken als dit een positief effect heeft op de kwaliteit, financiën en/of organisatie (MD08).

Wat gaan we daarvoor doen?

IV.d We willen meer sturen op kwaliteit en effectiviteit van aangeboden ondersteuning (MD10).

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Sociaal Domein - Jeugd

De volgende verbonden partij levert een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema:

  • Centrum Jeugd en Gezin Veenendaal (CJG).

Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.

Beleid gerelateerd aan thema Sociaal Domein - Jeugd

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Integraal Beleidskader Sociaal Domein 23-1-2020
Model Veenendaal 2020 20-12-2018
Integrale verordening sociaal domein Veenendaal 1-6-2021
Nadere regels toegang en toeleiding Veenendaal 1-6-2021
Beleidsregels jeugdhulp Veenendaal 1-6-2021
Beleidsregels tegemoetkoming kosten kinderopvang op sociaal-medische indicatie Veenendaal 1-6-2021
Regiovisie Jeugd 27-1-2022

Taakvelden thema Sociaal domein - Jeugd

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Baten -12 -12 -12 -12
Lasten 431 428 429 429
Totaal 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 419 416 418 418
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Baten -179 -179 -179 -179
Lasten 6.149 6.061 6.060 5.979
Totaal 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 5.970 5.882 5.881 5.800
6.72 Maatwerkdienstverlening 18- Lasten 0 0 0 0
Totaal 6.72 Maatwerkdienstverlening 18- 0 0 0 0
6.72a Jeugdhulp begeleiding Lasten 3.233 3.163 3.161 3.124
Totaal 6.72a Jeugdhulp begeleiding 3.233 3.163 3.161 3.124
6.72b Jeugdhulp behandeling Lasten 4.061 3.960 3.958 3.904
Totaal 6.72b Jeugdhulp behandeling 4.061 3.960 3.958 3.904
6.72c Jeugdhulp dagbesteding Lasten 1.964 1.914 1.912 1.886
Totaal 6.72c Jeugdhulp dagbesteding 1.964 1.914 1.912 1.886
6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig Lasten 0 0 0 0
Totaal 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig 0 0 0 0
6.82A Jeugdbescherming Lasten 1.522 1.483 1.483 1.462
Totaal 6.82A Jeugdbescherming 1.522 1.483 1.483 1.462
6.73a Pleegzorg Lasten 2.107 2.054 2.053 2.024
Totaal 6.73a Pleegzorg 2.107 2.054 2.053 2.024
6.73b Gezinsgericht Lasten 1.079 1.051 1.051 1.036
Totaal 6.73b Gezinsgericht 1.079 1.051 1.051 1.036
6.73c Jeugdhulp met verblijf overig Lasten 1.300 1.266 1.266 1.248
Totaal 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 1.300 1.266 1.266 1.248
6.74a Behandeling GGZ zonder verblijf Lasten 4.898 4.773 4.770 4.704
Totaal 6.74a Behandeling GGZ zonder verblijf 4.898 4.773 4.770 4.704
6.74b Crisis/LTA/GGZ-verblijf Lasten 690 673 672 663
Totaal 6.74b Crisis/LTA/GGZ-verblijf 690 673 672 663
6.74c Gesloten plaatsing Lasten 178 173 173 171
Totaal 6.74c Gesloten plaatsing 178 173 173 171
6.82b Jeugdreclassering Lasten 174 169 169 167
Totaal 6.82b Jeugdreclassering 174 169 169 167
Totaal Thema Sociaal domein - Jeugd 27.594 26.978 26.968 26.606

Thema V – Onderwijs en ontwikkeling

Algemeen Onderwijs en ontwikkeling

Wij willen dat alle Veenendaalse kinderen en jongeren volop kansen krijgen om zichzelf te ontwikkelen en hun talenten te benutten, zodat hun start in het onderwijs en de maatschappij zo optimaal mogelijk is. We vinden een doorlopende leer- en ontwikkellijn in Veenendaal belangrijk. In de eerste jaren maakt het kind de grootste ontwikkeling door, dit is dan ook een kansrijk moment om preventief in te zetten op de taalontwikkeling. Gelijke kansen begint bij de start. We zetten in op voorkomen van taalachterstanden en via de voorschoolse educatie lopen we achterstanden in. Vanaf 2021 is de, samen met het onderwijs en de kinderopvangorganisaties opgestelde IKC beleid en Lokale Educatieve Agenda (LEA) 2021-2024 van toepassing. Ook in 2023 geven we uitvoering aan het beleid. 

Scholen hebben de zorgplicht om elke leerlingen een zo passend mogelijke vorm van onderwijs aan te bieden. Reguliere scholen en speciale scholen werken daarom samen in de samenwerkingsverbanden en wij werken nauw samen met deze samenwerkingsverbanden.. De ondersteuningsplannen van de samenwerkingsverbanden en ons jeugdplan stemmen we op elkaar af in het Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO). 

We hechten er belang aan dat jongeren minimaal een startkwalificatie behalen en leggen daarom de verbinding tussen het RMC en de arbeidsmarkttafel. We bevorderen de verbinding tussen onderwijs, ondernemers en overheid en daarmee het goed functioneren van de arbeidsmarkt. We geven vorm aan de inclusieve arbeidsmarkt.

Vanuit onze wettelijke taak zorgen we ervoor dat er voldoende openbaar basis en voortgezet onderwijs binnen de gemeente in stand blijft. 

Wat willen we bereiken?

V.a Een inclusievere samenleving (MD01).

Wat gaan we daarvoor doen?

V.b Verbinding versterken als dit een positief effect heeft op de kwaliteit.

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Onderwijs en ontwikkeling

Dit is niet van toepassing voor dit thema.

Beleid gerelateerd aan thema Onderwijs en ontwikkeling

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Lokaal onderwijsbeleid (LEA)/Onderwijsagenda 2021-2024 6-10-2020
Regionale uitgangspunten OOGO 30-9-2015
IKC-beleid 15-9-2020
Verordening Leerlingenvervoer 21-5-2014
Integraal Huisvestingsplan 15-10-2020
Regionaal programma basisvaardigheden Arbeidsmarktregio Foodvalley 2021 – 2024 23-3-2021

Taakvelden thema Onderwijs en ontwikkeling

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
4.2 Onderwijshuisvesting Baten -843 -874 -874 -874
Lasten 5.356 5.523 5.483 5.437
Totaal 4.2 Onderwijshuisvesting 4.513 4.649 4.608 4.563
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken Baten -2.306 -1.851 -1.851 -1.851
Lasten 4.130 3.675 3.675 3.675
Totaal 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 1.824 1.824 1.823 1.823
6.5 Arbeidsparticipatie Baten -492 -492 -492 -492
Lasten 545 545 545 545
Totaal 6.5 Arbeidsparticipatie 53 53 53 53
Totaal Thema Onderwijs en ontwikkeling 6.390 6.525 6.485 6.439

Thema VI – Sport

Algemeen Sport

Sporten zorgt voor een verbetering van de gezondheid, voor preventie van ziektes en helpt bij de deelname aan de maatschappij. 
Samen met Sportservice en alle sportaanbieders geven we uitvoering aan het beleidskader sport en bewegen 2020-2023 en het lokaal sport- en beweegakkoord. Sport  stimuleert naast de sociale ook de emotionele en fysieke ontwikkeling van in het bijzonder jeugd en jongeren. Het uitgangspunt is dat sport voor iedereen bereikbaar is. 

Wat willen we bereiken?

VI.a Een inclusievere samenleving (MD01).

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Sport

Dit is niet van toepassing voor dit thema.

Beleid gerelateerd aan thema Sport

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Beleidskader Sport en bewegen 2020 – 2023 ‘Sport verbindt Veenendaal’ 20-2-2020
Sportakkoord Veenendaal jun-2020
Nationaal Sportakkoord ‘Sport verenigt Nederland’ 29-6-2018

Taakvelden thema Sport

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
5.1 Sportbeleid en activering Lasten 6.698 6.691 6.691 6.690
Totaal 5.1 Sportbeleid en activering 6.698 6.691 6.691 6.690
5.2 Sportaccommodaties Baten -3.499 -3.499 -3.492 -3.492
Lasten 2.334 2.046 1.809 1.761
Totaal 5.2 Sportaccommodaties -1.165 -1.453 -1.682 -1.731
Totaal Thema Sport 5.533 5.238 5.008 4.959

Thema VII – Cultuur

Algemeen Cultuur

Eind 2021 heeft de raad de cultuurvisie 2022-2030 ‘Glans aan de Grift’ vastgesteld. Tevens is de cultuurnota 2022-2025 vastgesteld. In de cultuurvisie staan de volgende zeven verhaallijnen opgenomen:

  • Verhaallijn 1 Stabiele basis: Deze verhaallijn heeft de focus op het uitdragen van het belang van kunst en cultuur voor de samenleving, waarbij samenwerking tussen culturele basis-organisaties en het ontwikkelen van een stabiele culturele infrastructuur in het centrum centraal staan.
  • Verhaallijn 2 Cultuur in de wijken: Deze verhaallijn heeft een focus op: het ontwikkelen van de samenwerking tussen de culturele en cultuurhistorische organisaties in het centrum en de maatschappelijke-, zorg- en wijlzijnsorganisaties in de wijken.
  • Verhaallijn 3 Iedereen doet mee: Deze verhaallijn heeft een focus op de verbinding van cultuur met vrijetijd- en het sociaal domein en aandacht voor inclusiviteit en diversiteit.
  • Verhaallijn 4 Jong geleerd, oud gedaan: Deze verhaallijn heeft een focus op samenwerking tussen culturele basis-organisaties, scholen, welzijnsorganisatie, waarbij we willen werken aan het ontwikkelen van doorlopende ontwikkellijnen.
  • Verhaallijn 5 Het verhaal van Veenendaal: Deze verhaallijn heeft een focus op een structurele samenwerking tussen de erfgoedorganisaties bij het vertellen van het verhaal van Veenendaal en het hierbij verbinden van het verleden met het heden.
  • Verhaallijn 6 Nieuwe smaken, nieuwe makers.
  • Verhaallijn 7 Veenendaal kleurt de regio.

In de komende beleidsperiode (tot en met 2025) werken we aan verhaallijn 1 t/m 5. De verhaallijnen 6 en 7 starten we grotendeels in de periode 2025-2030. In de cultuurnota staat de uitwerking van de verhaallijnen SMART geformuleerd.  

Wat willen we bereiken?

VII.a. Een inclusievere samenleving (MD01).

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Cultuur

Dit is niet van toepassing voor dit thema.

Beleid gerelateerd aan thema Cultuur

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Glans aan de Grift: cultuurvisie 2022-2030 16-9-2021
Glans aan de Grift: cultuurnota 2022-2025 16-09-2021

Taakvelden thema Cultuur

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie Baten -1.644 -1.644 -1.644 -1.644
Lasten 4.487 4.473 4.470 4.467
Totaal 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie 2.844 2.829 2.826 2.824
5.4 Musea Lasten 413 413 413 413
Totaal 5.4 Musea 413 413 413 413
5.6 Media Lasten 2.039 2.039 2.039 2.039
Totaal 5.6 Media 2.039 2.039 2.039 2.039
Totaal Thema Cultuur 5.296 5.281 5.278 5.276

Thema VIII – Welzijn

Algemeen Welzijn

We streven naar een inclusieve samenleving waaraan een ieder naar vermogen meedoet en waarbij mensen naar elkaar omkijken.

Wat willen we bereiken?

VIII.a Inwoners willen meer voor en met elkaar doen (MD03) .

Wat gaan we daarvoor doen?

VIII.b Een inclusievere samenleving (MD01).

Wat gaan we daarvoor doen?

Verbonden partijen Welzijn

De volgende verbonden partij levert een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema:

  • Stichting Veens Welzijn.

Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.

Beleid gerelateerd aan thema Welzijn

Naam beleidsstuk Wanneer vastgesteld
Startdocument opdracht welzijn ‘Versterken sociale basis’ 27-6-2019
Integraal Beleidskader Sociaal Domein 23-01-2020
Opdracht Welzijn 22-9-2020
Lokale inclusie agenda 25-10-2022

Taakvelden thema Welzijn

Taakveld (bedragen x € 1.000) B/L Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie Lasten 3.385 3.385 3.385 3.235
Totaal 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 3.385 3.385 3.385 3.235
Totaal Thema Welzijn 3.385 3.385 3.385 3.235

Lasten vanuit groslijst

Onderstaand vindt u per thema uit het raadsakkoord een overzicht van de bedragen uit de groslijst.

Thema raadsakkoord (bedragen x € 1.000) 2023 2024 2025 2026
Cultuur en evenementen 61 61 61 61
Onderwijs 65 65 65
Wonen 100 100 100
Zorg en welzijn 2.633 1.410 1.410 964
Overige 88 88 88 88
Totaal 2.946 1.724 1.724 1.113