Inleiding

Inleiding

Veenendaal wil een gezonde, duurzame, groene, ondernemende, sociale, veilige en bereikbare gemeente zijn. Vanuit de kracht van Veenendaal willen we een gemeente zijn waarin iedereen mee doet. Het in mei 2018 vastgestelde Raadsprogramma 2018-2022 “Iedereen doet mee” is nog steeds de leidraad voor het handelen van de gemeente. Wij kiezen ervoor om te blijven investeren in een Veenendaal waarin het ook in de toekomst goed leven, wonen, werken en winkelen is.

De huidige coronacrisis leidt tot onzekerheid. Vanaf maart van dit jaar ontstond er door de pandemie en de daarop volgende intelligente lockdown een ander perspectief op onze plannen en doelstellingen. De coronacrisis heeft niet alleen gevolgen voor de gezondheid, ook de werkgelegenheid, sociale contacten, onderwijs en de financiële zekerheid worden er door geraakt. Het gebruik van de fysieke leefomgeving in de openbare ruimte is er door veranderd.

Als gevolg van de impact van het coronavirus is er dit jaar geen reguliere Kadernota vastgesteld. In plaats daarvan heeft het college in juni een Kaderbrief aan de gemeenteraad aangeboden waarvan duidelijk was dat de inhoud daarvan een momentopname zou zijn. De omstandigheden van dat moment stonden in de weg om toen al de noodzakelijke beleidskeuzes te maken. Er was onzekerheid over het vervolg van de coronacrisis, de sociale en financieel-economische gevolgen ervan en de onzekerheid over welke financiële compensatie van het Rijk verwacht zou kunnen worden.

Na de behandeling van de Kaderbrief is de raad eind augustus en begin september meegenomen in de ontwikkelingen in de daaraan voorafgaande maanden. Verder kon op 22 september in gesprek worden gegaan over de keuzes die ten aanzien van verschillende onderwerpen gemaakt moeten worden. De inbreng van de raadsleden is meegenomen in deze Programmabegroting.

Financieel-economische ontwikkelingen
Landelijk zien we dat steeds meer gemeenten grote moeite hebben om een sluitende begroting te kunnen presenteren. Enerzijds nemen de uitgaven steeds verder toe – met name in het kader van het sociaal domein – terwijl anderzijds het Rijk niet over de brug komt met extra middelen. Dit effect wordt nog versterkt door de systematiek van de Algemene Uitkering (het zogenaamde ‘trap op – trap af’ principe). Daardoor wordt het volume van de Algemene Uitkering verminderd omdat het Rijk geen kans ziet de geplande uitgaven te realiseren.

Daarnaast drukken de gevolgen van het corona-virus een zware stempel op de landelijke en lokale economie. Weliswaar worden de extra uitgaven hiervan door het Rijk tot op heden nog ruimschoots gecompenseerd. Voor de komende periode zijn er echter nog veel onduidelijkheden m.b.t. de ontwikkelingen rond het virus en de kosten die hiermee verband houden en de compensatie van deze kosten.

In onze contacten met het Rijk, via onder andere de VNG en de M50, blijven wij er op wijzen dat extra steun in deze periode belangrijk is. Naast de gevolgen van de coronacrisis constateren wij dat het Rijk wel taken overgeeft aan de gemeenten maar het geld om die taken uit te voeren blijft uit of is te weinig.

Inhoudsopgave
De indeling van de Programmabegroting 2021-2024 wijkt niet veel af ten opzichte van die van vorig jaar. Vorig jaar is veel aandacht besteed aan de doorontwikkeling van de doelenboom ter versterking van de beleidsinhoud en de koppeling met de financiële middelen.
De structuur van de begrotingsprogramma’s is nu ongewijzigd gebleven.

Hoofdstuk 1:
• In dit hoofdstuk wordt het financieel kader voor de jaren 2021-2024 geschetst. Ingegaan wordt op de ontwikkelingen die van invloed zijn op de financiën van de gemeente. Ook worden enkele actuele majeure zaken verder uitgewerkt. Deze betreffen:
- Coronacrisis
- Sociaal domein
- Gemeentelijke organisatie en formatie
- Omgevingswet
- Energieneutraal Veenendaal
- Groei en bloei

Hoofdstuk 2:
• In dit hoofdstuk wordt het Programmaplan verder uitgewerkt in de zes begrotingsprogramma’s. De opbouw per begrotingsprogramma is als volgt:
a. Visie: Hierin wordt de link gelegd naar de doelstellingen uit het raadsprogramma, de opgaven en programma’s en projecten.
b. Thema’s die onder het programma vallen.
c. Financieel overzicht op totaalniveau van dat programma.
d. Actuele ontwikkelingen na kadernota of naar aanleiding van moties, wanneer van toepassing.

Hoofdstuk 3:
• Dit hoofdstuk bevat de gebruikelijke paragrafen zoals deze in het BBV zijn voorgeschreven.

Hoofdstuk 4:
• Bijlagen.

Financieel perspectief
Wij zijn blij dat wij voor de jaren 2021, 2022 en 2023 een begroting met een positief saldo en daarmee een structureel sluitende begroting kunnen presenteren. Hiermee voldoen we aan de criteria van het begrotingstoezicht door de provincie voor repressief toezicht.

Het feit dat er voor de genoemde jaren een positief saldo is, betekent niet dat er ruimte is voor extra uitgaven voor ‘nieuw beleid’ en/of honorering van nieuwe wensen. Gelet op de vele onzekerheden en risico’s van o.a. het coronavirus worden overschotten in 2021 tot en met 2023 en het tekort in 2024 verrekend met de Algemene Reserve. Dit past in het beleid om de Algemene Reserve op peil te houden en is ook nodig om eventuele tegenvallers op te kunnen vangen.

Het financieel perspectief voor de jaren 2021 tot en met 2024 ziet er samengevat als volgt uit.