Programma 1: Fysieke leefomgeving

Financiële ontwikkelingen Fysieke leefomgeving

Bedragen x €1.000
Feiten en ontwikkelingen Raming 2021 Raming 2022 Raming 2023 Raming 2024
Lasten
0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden 51 0 0 0
2.1B - Verkeer en vervoer -75 0 0 0
5.5A - Cultureel Erfgoed -128 0 0 0
6.1D - Samenkracht en burgerparticipatie -35 0 0 0
7.2A - Riolering -178 0 0 0
7.4D - Milieubeheer -565 0 0 0
8.1A - Ruimtelijke Ordening -35 0 0 0
8.1C - Ruimtelijke Ordening -275 0 0 0
8.3B - Wonen en bouwen 0 0 0 0
8.3D - Wonen en bouwen 131 30 0 0
Totaal Lasten -1.109 30 0 0
Baten
0.3A - Beheer overige gebouwen en gronden 29 0 0 0
0.63 - Parkeerbelasting -49 0 0 0
8.3A - Wonen en bouwen -232 232 0 0
8.3B - Wonen en bouwen 50 0 0 0
Totaal Baten -202 232 0 0
Saldo van baten en lasten 907 202 0 0
Onttrekkingen
0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving 278 -232 0 0
Stortingen
0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving 1.178 0 0 0
Saldo mutaties reserves -900 -232 0 0

Toelichting financiële ontwikkelingen

Lasten

0.3 - Beheer overige gebouwen en gronden (hogere lasten projectplan Reclamemast A12 € 51.000):
In oktober 2020 is het projectplan Reclamemast A12 vastgesteld door het college. De verwachting was dat in de zomer van 2021 de resultaten van de aanbesteding bekend zouden zijn en dat de financiële consequenties bij de 3e bestuursrapportage verwerkt konden worden. Hierbij zouden de incidentele kosten en de structurele inkomsten geraamd worden. Inmiddels is de voortgang vertraagd vanwege een rechtszaak. Voorgesteld wordt de incidentele voorbereidingskosten (€ 51.000) te verwerken in deze bestuursrapportage.

2.1 - Verkeer en vervoer (lagere lasten parkeermaatregelen bedrijventerrein € 55.000 en lagere lasten mobiliteitsonderzoek Veenendaal € 20.000 ):
Voor parkeermaatregelen op bedrijventerrein heeft de raad voor 2021 € 80.000 beschikbaar gesteld. Door de lange looptijd om deze maatregelen in te kunnen voeren verwachten wij dit in 2022 te kunnen afronden. Voorgesteld wordt dan ook om € 55.000 mee te nemen naar 2022.

Aanvankelijk was voor een mobiliteitsonderzoek voor het Franse Gat € 20.000 geraamd. Dit onderzoek is niet uitgevoerd maar intern uitgewerkt. Dit leidt tot een voordeel van € 20.000 in 2021 waarvan wordt voorgesteld om dit budget mee te nemen naar 2022 voor een onderzoek naar station Veenendaal Centrum. Dit onderzoek is bedoeld om te onderzoeken wat het station nodig heeft om toekomstbestendig te worden. Denk hierbij aan het in kaart brengen van maatregelen om de stationsomgeving te verbeteren en te kijken of er nog verdichtingsmogelijkheden zijn. Hierbij willen we de knooppuntontwikkeling systematiek toepassen en aansluiten bij het beleid van de Rijksoverheid (TBOV 2040: Ketens en Knopen), provincie Utrecht en de omgevingsvisie Veenendaal 2030. Het onderzoek wordt voor 50% gefinancierd door gemeente Veenendaal, en voor 50% door provincie Utrecht middels een subsidie. De subsidie is inmiddels aangevraagd. De verwachting is dat in 2022 wordt begonnen met het uitvoeren van het onderzoek. Verwachte opleveringsdatum van het onderzoek is het 2e kwartaal van 2022. Voorgesteld wordt om het gereserveerde budget, ad € 20.000,  mee te nemen naar 2022.

5.5 - Cultureel Erfgoed (lagere lasten gemeentelijke monumenten € 78.000 en lagere lasten kerkenvisie € 50.000):
Per 1 september is nog een bedrag van € 82.000 beschikbaar voor subsidies gemeentelijke monumenten. Gelet op meerjarige gemiddelden, worden er 2021 nog maximaal 2 tot 4 subsidieverzoeken ingediend. Het voorstel is dan ook om het beschikbare subsidiebudget 2021 van € 128.000 af te ramen naar € 50.000.

De gemeente Veenendaal heeft via de meicirculaire 2021 een bedrag van € 50.000 ontvangen voor de kerkenvisie. Door input op te halen bij landelijke bijeenkomsten en overleg met andere gemeenten, wordt een plan van aanpak opgesteld hoe dit geld wordt besteed. Omdat deze werkzaamheden dit jaar niet kunnen worden afgerond, is het voorstel om dit bedrag over te hevelen naar 2022.

 6.1 - Samenkracht en burgerparticipatie (lagere lasten € 35.000):
De Raad heeft het beheerplan gemeentelijk Vastgoed 2021-2025 vastgesteld. Op basis van het saldo van de voorziening per 1 januari 2021 en de (lagere) begrote lasten van het groot onderhoud (die onttrokken worden aan de voorziening) voor de komende 10 jaar, is de dotatie per jaar bepaald op € 1.050.000 (dit bedrag wordt met ingang van 2022 jaarlijks geïndexeerd met 1,5%). Het saldo van de onderhoudsvoorziening blijft dan tot en met 2030 positief. Ten opzichte van de reeds in de begroting vastgelegde dotaties is deze nieuwe dotatie ca. € 100.000 per jaar lager. Deze verlaging is een gemeente breed saldo van zowel verlagingen als verhogingen van de dotaties voor verschillende objecten die in deze bestuursrapportage worden verwerkt. Voor het vastgoed Ontmoetingshuis wordt € 35.000 afgeraamd. Dit op basis van een herberekening van de onderhoudskosten die afwijken ten opzichte van de berekening van 4 jaar geleden.

7.2 - Riolering (lagere lasten baggerwerkzaamheden € 178.000):
Voor het project “baggerwerkzaamheden 2016-2021” wordt in 2021 niet het gehele bedrag besteed. Er blijft naar verwachting een bedrag van € 178.000 in 2021 over. Het project heeft een meerjarig karakter wordt gefaseerd uitgevoerd en zal doorlopen na 2021. Conform eerdere besluitvorming wordt voorgesteld om deze € 178.000 via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2022.

7.4 - Milieubeheer (lagere lasten stikstofdossier € 65.000 en lagere lasten verduurzaming gemeentelijk vastgoed 500.000):
Het gebiedsproces Binnenveld bestaat uit 6 fasen. Fase 1 is recent van start gegaan, een stuk later dan gepland,  Dit omdat er met een groot aantal partijen overeenstemming moest komen over een te starten gebiedsproces met als doel het toewerken naar een gezamenlijk toekomstperspectief voor het Binnenveld. Er zijn 4 gemeenten, 2 provincies en 1 ministerie bij het Binnenveld betrokken. Daarnaast was er nog veel onduidelijk over de nieuwe landelijke stikstofwet die op 1 juli 2021 nog een grote wijziging kende (bouwvrijstelling). In 2022 gaan fase 2, 3 en mogelijk 4 van start. Voorgesteld wordt om het restant budget van € 65.000 over te hevelen naar 2022. 

Met name de nog niet benutte budgetten voor Verduurzaming Gemeentelijk vastgoed zorgen voor een restantbudget van € 500.000 aan het eind van 2021. Voorgesteld wordt om dit bedrag mee te nemen naar 2022.

8.1 - Ruimtelijke Ordening (lagere lasten stedenbouwkundige structuurvisies € 20.000, lagere lasten LEADER programma Utrecht-Oost € 15.000 en lagere lasten implementatiebudget Omgevingswet € 275.000):
Na aftrek van reeds betaalde facturen bedraagt het restant budget voor stedenbouwkundige structuurvisies € 29.000. Naar verwachting wordt een bedrag van € 20.000 dit jaar niet is besteed. Dit budget is onder andere ingezet voor de gebiedsvisie Franse Gat. Aangezien dit een meerjarig project, stellen wij voor dit bedrag toe te voegen aan het budget 2022. Voorgesteld wordt om een bedrag van € 20.000 mee te nemen naar 2022.

Veenendaal participeert in het LEADER programma Utrecht-Oost. Vanwege het ontbreken van voldoende concrete projecten worden de beschikbare middelen dit jaar niet volledig benut. Voorgesteld wordt om een bedrag van € 15.000 over te hevelen naar 2022. 

Het implementatiebudget voor de Omgevingswet wordt ingezet voor alle voorbereidende werkzaamheden die nodig zijn om conform de Omgevingswet te kunnen werken, zodra deze Wet van kracht wordt op 1 juli 2022. Deze werkzaamheden worden uitgevoerd binnen het Programma Implementatie Omgevingswet. Voorgesteld wordt om van het implementatiebudget € 275.000 (via de reserve meerjarige middelen) beschikbaar te stellen in 2022 voor de werkzaamheden die in de periode 1-1-2022 tot 1-7-2022 nog moeten worden uitgevoerd.

8.3 - Wonen en bouwen (hogere lasten reserve starters- en blijversleningen € 46.000 en hogere lasten opgave Groei en Bloei € 85.000 in 2021 en € 30.000 in 2022):
De kosten voor rente op de starters- en blijversleningen zijn voor 2021 € 102.000. Begroot is een bedrag van € 56.000. de extra kosten van € 46.000 komen ten laste van de reserve starters- en blijversleningen. Meerjarig is een inschatting gemaakt van het nadelig resultaat bij de starters- en blijversleningen. In het laatste kwartaal zijn de werkelijke rentekosten pas bekend van het lopende boekjaar en wordt conform eerdere besluitvorming het verschil onttrokken aan de reserve starters- en blijversleningen. In meerjarig perspectief zal worden nagegaan hoe de geraamde lasten zich verhouden tot de verwachte realisatie en indien nodig zullen de ramingen worden bijgesteld met inzet van de reserve.

Voor de opgave Groei en Bloei is een aanvullend budget nodig van € 85.000 in 2021. Deze extra kosten hebben te maken met het opstellen van de woningmarktmonitor en met  werkzaamheden voor de gebiedsverkenning Noord. Er is onder begeleiding van het DataLab een prototype van de woningmarktmonitor gemaakt, met vergroting van de kwantitatieve data en het vergroten van de betrouwbaarheid van de data. Alle betrokken partijen zijn enthousiast over de resultaten en de mogelijkheden die de opzet biedt. Het prototype moet nu doorontwikkeld worden tot een eindproduct, waarmee geïnvesteerd wordt in een kwalitatief hoogwaardige informatievoorziening. Het ontwikkelen van het prototype was ingewikkelder dan verwacht mede omdat op onderdelen onze basisdata en architectuur niet op orde waren. Daarnaast vraagt een (eventueel) succes om eenmalige activatiekosten € 30.000 (in 2022). Dit geeft de organisatie daarnaast tijd om het eindproduct financieel te borgen.

Baten

0.3 - Beheer overige gebouwen en gronden (hogere baten € 29.000):
Er zijn diverse percelen gemeentegrond verkocht ter waarde van € 29.000.

0.63 - Parkeerbelasting (lagere baten € 49.000):
In RIB 2021.139 bent u geïnformeerd dat door de te volgen aanbestedingsprocedure voor parkeerapparatuur voor het fiscaliseren de in 2021 verwachte voordelen rondom het fiscaliseren niet worden gehaald. Dit betekent dat de in de 2e bestuursrapportage opgenomen voordelen, ad € 49.000,  niet worden gerealiseerd. 

8.3 - Wonen en bouwen (lagere baten bijdrage Provincie project verkabeling hoogspanningslijn € 232.000 en hogere baten leges € 50.000):
Op basis van de daadwerkelijke uitgaven en het percentage wat daarvan gedekt wordt vanuit de provinciale subsidie worden de ramingen voor het project verkabeling hoogspanningslijn geactualiseerd voor 2021.  De ramingen van de dekking vanuit enerzijds de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanningen en anderszijds de subsidie van de provincie, worden hierbij geactualiseerd. In totaliteit en over de jaren heen blijven de ramingen  gelijk.  Van de verwachte kosten in 2021 van € 440.000 wordt € 208.000 gedekt door de subsidie van de provincie. Het overige deel (€ 232.000) wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning.

De voor het jaar 2021 geraamde leges worden volledig gerealiseerd. Na verwerken van extra kosten van zowel Mooi Sticht als de Omgevingsdienst Regio Utrecht is er een overschot op de leges van € 50.000. Gelet op de implementatie van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de eventuele consequenties hiervan op de in 2022 te verlenen omgevingsvergunningen, stellen wij voor om dit overschot bij het vaststellen van de jaarrekening toe te voegen aan de egalisatiereserve WABO-leges.

Reservemutaties

Reserve meerjarige middelen: storting (€ 1.178.000)
Voorgesteld wordt om de resterende middelen ten behoeve van de diverse doelen, ad. in totaal € 1.178.000, via de reserve meerjarige middelen over te hevelen naar 2022.

Bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning: onttrekking (€ 232.000)
Op basis van de daadwerkelijke uitgaven en het percentage wat daarvan gedekt wordt vanuit de provinciale subsidie worden de ramingen voor het project verkabeling hoogspanningslijn geactualiseerd voor 2021.  De ramingen van de dekking vanuit enerzijds de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanningen en anderszijds de subsidie van de provincie, worden hierbij geactualiseerd. In totaliteit en over de jaren heen blijven de ramingen  gelijk.  Van de verwachte kosten in 2021 van € 440.000 wordt € 208.000 gedekt door de subsidie van de provincie. Het overige deel (€ 232.000) wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning. 

Reserve starters- en blijversleningen: onttrekking (€ 46.000)
De kosten voor rente op de starters- en blijversleningen zijn voor 2021 € 102.000. Begroot is een bedrag van € 56.000. De extra kosten van € 46.000 komen ten laste van de reserve starters- en blijversleningen.

Risico's / ontwikkelingen Fysieke leefomgeving

Parkeren
Met Raadsinformatiebrief 2021.139 bent u geïnformeerd dat door de te volgen aanbestedingsprocedure voor parkeerapparatuur voor het fiscaliseren de in 2021 verwachte voordelen rondom het fiscaliseren niet worden gehaald. Dit betekent dat de in de tweede Bestuursrapportage 2021 opgenomen voordelen (afgerond € 49.000 positief) niet worden gerealiseerd. Daarnaast is in de novembercyclus van uw raad aangegeven dat, in verband met deze aanbesteding, een goed beeld van de parkeerexploitatie niet voor de raadsvergadering van januari 2022 kan worden aangeboden.

Met betrekking tot de opbrengsten binnen het parkeren blijkt dat met name op straat het aantal verkochte parkeeruren weer nagenoeg op het pre-corona niveau ligt, wel liggen de inkomsten vanuit de naheffingen lager dan verwacht. Verder blijft het aantal verkochte parkeeruren in de garage nog behoorlijk achter. Met het aflopen van de diverse corona maatregelen lijken de inkomsten zich weer te herstellen maar zullen in totaliteit voor 2021 naar verwachting wel voor circa € 0,4 mln. achterblijven op de prognoses. Wij stellen voor om de uiteindelijke afwijking bij de jaarrekening 2021 te verwerken.