Voortgang inhoud inspanningen/acties

Programma 3: Sociale leefomgeving

Voortgang inhoud inspanningen/acties

Thema I: Inkomen

Doelenboom

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

I.a. Onrechtmatig gebruik van ondersteuning in het sociaal domein voorkomen we of sporen we op en pakken we aan (MD10, IBK BE28)

I.b. Financiële kaders vormen geen belemmering voor integraal werken (MD 10, IBK BE27).

I.c. Veenendalers nemen meer deel aan de samenleving (MD01, IBK BE4)

I.d. Vroegtijdige interventies bij opvoed-, financiële, woon- en/of psychosociale gezondheidsvraagstukken, om zo problematische vraagstukken (en dus maatwerkvoorzieningen) te voorkomen (MD04, IBK BE11).

I.d.1. Eind 2021 hebben we ervaring opgedaan met vroeg er op af en de methode geëvalueerd.

Inhoud (indicator)

O

Inhoud (toelichting)

Met ingang van 1 januari 2021 is vroegsignalering een nieuwe wettelijke taak voor de gemeente. Signaalpartners (nutsbedrijven, woningbouwverenigingen en zorgverzekeraars) geven een signaal af dat er sprake is van een betalingsachterstand. Vervolgens kiest de gemeente een methode om in contract te treden met de schuldenaar. De minimale variant is een brief, de maximale variant is een huisbezoek. Doel van dit contact is de inwoner te bewegen om contact te leggen met het Budgetloket. Hiermee wordt voorkomen dat de schulden groter worden en de oplossing daarvan kostbaarder. Sinds medio maart 2021 onderzoeken wij welke methode het beste werkt voor de gemeente Veenendaal. 

Het project heeft een vertraging opgelopen van naar schatting 2 tot 3 maanden, omdat het sluiten van de landelijke en lokale signaalpartners vertraging heeft opgelopen. Inmiddels zijn de afspraken met de lokale signaalpartners vastgelegd. Vanaf juli verwachten wij hiervan signalen te ontvangen en daadwerkelijk te kunnen starten. De signalen die we tot nu toe hebben opgepakt zijn onvoldoende om een goede evaluatie op te doen. Deze evaluatie is nodig om te bepalen welke methode voor de gemeente Veenendaal goed werkt. Een knelpunt daarbij is dat signalen over betalingsachterstanden zelden uitsluitend betrekking hebben op schulden. Kortom, een integrale aanpak is nodig. Om een integrale aanpak te kunnen ontwikkelen is een goed beeld op de omvang van de werkzaamheden nodig. Dat is er op dit moment nog niet.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Het project is 15 maart jl. gestart.

Oorspronkelijk zou de evaluatie na de zomer plaatsvinden, maar dit wordt verplaatst naar het vierde kwartaal, omdat er nu onvoldoende data is verzameld voor een evaluatie. 

I.e. De ondersteuning is gericht op een duurzaam effect (MD04, IBK BE12).

I.f. In 2021 is sprake van een uniforme werkwijze van de eerste uitvraag bij alle loketten sociaal domein MD07, IBK BE21).

I.g. In 2023 is een integrale werkwijze sociaal domein binnen de gemeente en tussen gemeentelijke partijen en externe partijen gerealiseerd (MD8, IBK BE22).

I.h. De deskundigheidsbevordering tussen uitvoerende partijen in het sociaal domein is gefaciliteerd (MD9, IBK BE23).

Thema II: Sociaal domein - Participatie en re-integratie

Doelenboom

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

II.a. Er is sprake van een doorlopende lijn arbeidsparticipatie in samenwerking met onze partners (MD05, IBK BE14)

II.a.1. Eind 2021 is er een vereenvoudiging en verbetering gerealiseerd in de doorlopende lijn van arbeidsparticipatie op het gebied van (in elk geval) samenwerking, begeleiding en organisatie.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Op verschillende manieren wordt hier aan gewerkt. Het project DOOR is gestart waarin de gemeente met IW4 en een dagbestedingsorganisatie samenwerkt om simpel switchen kleinschalig in de praktijk te brengen. Daarnaast wordt dit onderwerp integraal verder theoretisch uitgediept in het derde kwartaal. In de toegang wordt door de loketten Wmo en Werk en Inkomen samengewerkt wanneer het niet duidelijk is of dagbesteding of (beschut) werk de juiste stap is voor de inwoner. Afspraken worden in een persoonlijk Plan van Aanpak geborgd.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

In het derde kwartaal toetsen we in hoeverre de lopende of nog op te starten lokale en regionale activiteiten gericht op de verbinding van onderwijs en arbeidsmarkt, in een lokaal actieplan moeten worden opgenomen.

II.a.2. We realiseren in 2021 de kwantitatieve doelstellingen m.b.t. de Participatiewet (in- en uitstroom).

Inhoud (indicator)

O

Inhoud (toelichting)

Onze kwantitatieve doelstelling is erop gericht om -in vergelijking met landelijke cijfers- een lagere instroom en een hogere uitstroom te realiseren. De ontwikkelingen in de coronacrisis, maar ook de gevolgen hiervan op middellange termijn- hebben een sterke invloed op de haalbaarheid van de doelstelling. 

In het tweede kwartaal is de stijging van ons bijstandsbestand tot stilstand gekomen. De laatste maanden zien we zelfs een daling van het bestand. Deze daling is vergelijkbaar met de landelijke trend.

We zien dat de arbeidsmarkt aantrekt.  Wel moet worden opgemerkt dat er nog tal van onzekerheden zijn, als landelijke steunpakketten straks aflopen. Een andere onzekerheid is de ontwikkeling van het BUIG-budget. Uiteindelijk wordt in oktober 2021 op basis van landelijke ontwikkelingen het budget voor Veenendaal vastgesteld. Naar verwachting zal het definitieve budget in oktober 2021 lager zijn dan zijn in oktober 2020 werd voorspeld.

 

Planning (indicator)

O

Planning (toelichting)

Ieder kwartaal overleggen we over de bestandsontwikkeling en de voortgang van re-integratie activiteiten. 

II.a.3. In 2021 evalueren we het transitieplan IW4.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Het transitieplan IW4 heeft een looptijd van 2019 tot en met 2021. Met de jaarstukken (jaarverslag 2020 en begroting 2022) is een actuele tussenevaluatie van het transitieplan meegestuurd. De evaluatie greep terug op de uitgangspunten zoals deze door de raad in 2018 zijn vastgesteld. Daarnaast was een rapportage transitie IW4 2019-2021 bijgevoegd. Hierin geeft IW4 inzicht in de maatregelen die intern zijn doorgevoerd. De jaarstukken zijn in de raad van 24 juni aan bod gekomen. Daar heeft de raad een zienswijze gegeven op de jaarstukken.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

In het derde kwartaal wordt een bijeenkomst georganiseerd met de gemeenteraden van Veenendaal, Rhenen en Renswoude en IW4 om de voortgang van de transitie toe te lichten. Medio 2022 vindt een eindevaluatie van het transitieplan 2019-2021 plaats.

II.b. De samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt is versterkt (MD05, IBK BE15).

II.c. Veenendalers nemen meer deel aan de samenleving (MD01, IBK BE4)

Thema III: Sociaal domein - WMO

Doelenboom

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

III.a. In 2021 is de sturing op aanbieders vergroot (MD10, IBK BE26).

III.b. Eind 2023 is een integraal dashboard sociaal domein beschikbaar, waarbij integrale monitoring tot op buurtniveau mogelijk is (MD10, IBK BE29).

III.b.1. We zijn in het sociaal domein in staat om beleid voor 2021 e.v. te baseren op beschikbare data door middel van een werkend dashboard per domein.

Inhoud (indicator)

O

Inhoud (toelichting)

Door de organisatie wordt gewerkt aan het realiseren van deze dashboards. De uitvoering loopt conform planning. Het dashboard voor Economie & Werk is ontwikkeld en het dashboard voor WMO is gedeeltelijk ontwikkeld.

De tweede helft van 2021 zal vooral besteed worden aan het afronden van de WMO- beleiddashboards. Aanvullend worden dashboards gemaakt voor de WMO-frontoffice, Maatschappelijk Werk en het dashboard voor Jeugd (CJG). Op dit moment beschikken we al wel over diverse instrumenten ter monitoring van de effecten en de kosten.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Het ontwikkelen van de dashboards verloopt volgens planning.  Naar verwachting is het haalbaar om in de tweede helft van 2021 de resterende dashboards voor WMO en Jeugd te ontwikkelen, mits  de benodigde capaciteit beschikbaar is. 

 

III.b.2. Eind 2021 is er een werkend dashboard voor het gehele sociaal domein, inclusief de mogelijkheid tot monitoring op wijk- en buurtniveau.

Inhoud (indicator)

O

Inhoud (toelichting)

De planning is er op gericht eind 2021 een eerste versie van een werkend dashboard voor het gehele sociaal domein gereed te hebben. Hierin wordt op het niveau van aantallen voorzieningen inzicht gegeven in  het gebruik van voorzieningen binnen het sociaal domein, inclusief monitoring op wijk- en buurtniveau.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Aangezien het algemeen dashboard voor Sociaal Domein pas ontwikkeld kan worden als de onderliggende  dashboards gereed zijn, is de verwachting dat dit  in het vierde kwartaal van 2021 gereed zal zijn.    

III.c. Veenendalers wonen zo lang mogelijk thuis (MD01, IBK BE2).

III.c.1. Eind 2021 is Veenendaal in staat om een zorgvuldige wijziging van regionale samenwerkingsregio voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang te realiseren (naar regio Ede).

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Het proces dat moet leiden tot een definitieve overgang naar de regio Ede is in gang gezet. De startnotitie voor inkoop Beschermd Wonen is op 25 mei 2021 akkoord bevonden door het college. Op basis van de startnotitie zijn de inkoopdocumenten opgesteld en begin juli 2021 zijn de documenten gepubliceerd op TenderNed. Zorgaanbieders kunnen zich tot eind augustus inschrijven voor een contract om Beschermd Wonen en/of Beschermd Thuis in Veenendaal te kunnen bieden. De contracten gaan in per 1 januari 2022. Er zijn financiële afspraken gemaakt in het ontvlechtingstraject, waarbij Veenendaal per 01-01-2022 een kostendekkend zorgbudget en een bedrag voor uitvoering ontvangt.  

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt volgens planning. 

III.c.2. Eind 2021 is een meerjarenplan beschikbaar om de lokale aanpak Van Beschermd Wonen naar Beschermd Thuis vorm te geven.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Het narratief onderzoek is in het eerste kwartaal uitgevoerd. In het tweede kwartaal is het eindrapport opgeleverd. Een toelichting en samenvatting van de resultaten van het onderzoek zijn middels een RIB d.d. 21 juni 2021 met college en raad gedeeld. 
Het meerjarenplan wordt gebaseerd op de resultaten van dit onderzoek. Tevens wordt gebruik gemaakt van de kennis en inzichten die ontstaan vanuit het traject Woon-Zorgvisie Veenendaal dat wordt uitgevoerd door de WWZ regisseur. Het opstellen van het meerjarenplan wordt volgens planning opgesteld vanaf het derde kwartaal. 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt conform planning.

III.d. Mantelzorgers blijven actief met passende ondersteuning om overbelasting te voorkomen (MD03, IBK BE8).

III.d.1. Informatie over mogelijke ondersteuning bereikt minimaal 50 % van de 16+ burgers en 75 % van betrokken professionals.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Er zijn voorbereidingen getroffen voor de campagne  'Veenendaal mantelzorg bewust - op naar een betere werk- en mantelzorgbalans'.  Het doel van de campagne is om de positie te versterken van werkende Veense mantelzorgers en werkgevers. Er wordt geanticipeerd op trends van en ontwikkelingen  in de combinatie van  werk en mantelzorg.  Zo blijven mantelzorgers actief, met passende ondersteuning om overbelasting te voorkomen.  Er wordt onderzocht welke (voortrekkers)rol de gemeente Veenendaal, als organisatie kan oppakken.

 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt volgens planning.

III.d.2. Vorm van en toegang tot logeerzorg, als vorm van respijtzorg, wordt verbeterd.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Veenendaal is aangehaakt bij de ontwikkeling en opzet van pilots voor bovenregionale logeerzorg in de regio Utrecht Zuidoost en de gemeente Ede.  De schaalgrootte is een belangrijke voorwaarde om logeerzorg financieel haalbaar te laten zijn.  Daarom zijn ook alle deelnemende gemeenten van de regio Foodvalley uitgenodigd mee te doen aan deze ontwikkeling.  De betrokken gemeenten worden  gevraagd dit jaar een beslissing te nemen over definitieve deelname aan de concrete opzet van een bovenregionaal logeerhuis.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Naar aanleiding van de motie onderzoek naar nieuwe vormen van respijtzorg in Veenendaal van 8 juli 2019  ligt de focus op het proces van samenwerking tussen meerdere gemeenten uit verschillende regio's om tot een gezamenlijk plan te komen. 

III.e. Preventie draagt bij aan een gezondere leefstijl (MD04, IBK BE10).

III.f. Vroegtijdige interventies bij opvoed-, financiële, woon- en/of psychosociale gezondheidsvraagstukken, om zo problematische vraagstukken (en dus maatwerkvoorzieningen) te voorkomen (MD04, IBK BE11).

III.f.1. Eind 2021 wordt er gewerkt in een netwerk voor de aanpak van Huiselijk geweld en kindermishandeling.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Op 17 mei 2021 heeft een kick off-plaatsgevonden met de aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld en kindermishandeling van scholen, zorgorganisaties en veiligheidsorganisaties. Hiermee is de start gemaakt met het netwerk van lokale aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld en kindermishandeling. In het najaar organiseren we een vervolgbijeenkomst waarin we op specifieke onderwerpen meer de diepte in gaan. Het doel hiermee blijft om de onderlinge verbinding te versterken en de samenwerking te stimuleren.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Conform planning

III.f.2. Eind 2021 werkt de geboortezorgketen in Veenendaal gestructureerd samen in het vroegtijdig signaleren en overdragen van opvoed-, financiële, woon- en/of gezondheidsvraagstukken bij toekomstige en jonge ouders.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Er is een projectleider voor 2021 aangesteld die met alle partijen de samenwerking versterkt waar nodig. In samenwerking met de partijen wordt de komende tijd voornamelijk ingezet op het ontwikkelen van de zogenaamde zorgpaden. Met de projectleider wordt periodiek afgestemd en bekeken of de doelstellingen behaald worden. In de gemeente is een coalitie kansrijke start gevormd met een samenwerking tussen de gemeente, verloskundigen, kraamzorg, CJG, jeugdgezondheidszorg en GGD.

In het tweede kwartaal zou de proefimplementatie van de zorgpaden plaatsvinden. De coalitie Kansrijke Start en daarmee de uitvoerende partijen hebben aangegeven meer tijd voor de pilot nodig te hebben, om dit goed vorm te geven.  De pilot zal daarom starten in september 2021 en doorlopen tot april 2022. Daarna zullen de zorgpaden volledig worden geïmplementeerd. Dit zal dus plaatsvinden in medio 2022.
Parallel aan deze pilot wil de coalitie wel al nadenken over het uitwerken van een tweede ambitie met betrekking tot Kansrijke Start. Deze ontwikkeling wordt na de zomer opgestart.

Planning (indicator)

O

Planning (toelichting)

De pilot (proefimplementatie)  start later dan gepland.

III.g. Het aantal meerderjarigen dat begeleiding ontvangt waar behandeling passender is, is afgenomen (MD06, IBK BE19).

III.h. We continueren in 2021 de zorg voor personen met verward gedrag en invoering van de WvGGZ.

III.i. Er zijn innovatieve ondersteuningsmogelijkheden samen met de uitvoerende partijen (MD9, IBK BE25).

III.j. Ten opzichte van 2019 is er een daling van ongeveer 10% van het aantal maatwerkvoorzieningen (MD9, IBK BE24).

Thema IV: Sociaal domein - Jeugd

Doelenboom

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

IV.a. In 2021 is de sturing op aanbieders vergroot (MD10, IBK BE26).

IV.a.1. We versterken inkoop- en contractmanagement binnen het Sociaal Domein, waaronder de implementatie van (regionale) inkoopstrategie voor jeugdhulp.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Een stevige inkoopstrategie draagt bij aan versterking van de transformatie en stellen gemeenten in staat meer grip te krijgen op het jeugdhulpgebruik. De jeugdhulpregio Foodvalley heeft een onderscheidende strategie. In vijf segmenten komen alle zorgvormen aan bod. Inkoop staat niet op zichzelf maar is een dynamische interactie en synergie tussen de vier thema’s (tandwielen): contract, leveranciersmanagement, bekostiging en toegang.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Het traject voor een nieuw inkoopstrategie jeugdhulp in de jeugdhulpregio Foodvalley loopt volgens planning. In het tweede kwartaal is vervolg gegeven aan de inkoop van segment 1 tot en met 5. De geplande ingangsdatum voor de aangepaste deelovereenkomsten is 1 januari 2023.

IV.a.2. We werken met de 10 belangrijkste jeugdhulpaanbieders en WMO-aanbieders Immaterieel aan het realiseren van de gewenste bewegingen in het IBK.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

De opzet om met de belangrijkste Jeugd- en Wmo-zorgaanbieders te werken aan de gewenste bewegingen in het IBK wordt voortgezet.  Er zijn bijeenkomsten georganiseerd, zoals de sociaal-domein-brede bijeenkomst van 10 juni en er zijn afspraken gemaakt met afzonderlijke aanbieders. 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt conform planning. 

IV.b. Jeugdigen groeien gezond en veilig op; we stimuleren en ondersteunen ouders om te zorgen voor een gezonde ontwikkeling van kinderen en een veilig opgroei- en opvoedklimaat (MD2, IBK BE5).

IV.b.1. Eind 2021 is er sprake van een netwerksamenwerking in het veiligheidsdomein.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

In het tweede kwartaal zijn de gesprekken over de netwerksamenwerking van CJG, GI's en Regio over de inzet van jeugdhulp weer opgepakt.

Maandelijks wordt met de partners in een klankbord gestuurd op  de collectieve missie, met meerder rollen, ondanks/in verschillende organisaties 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt conform planning 

IV.b.2. Gezinnen in echtscheidingssituaties worden in een vroegtijdig stadium begeleid, zodat minder kinderen nadelige effecten ondervinden van een echtscheiding.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

De extra inzet op echtscheidingen is in het tweede kwartaal 2021 gecontinueerd.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt conform planning.

IV.b.3. Het netwerk van kwetsbare gezinnen wordt duurzaam versterkt door de inzet van vrijwilligers en gastgezinnen. Deze inzet blijft in 2021 stabiel t.o.v. 2020.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

De in het eerste kwartaal 2021 ingezette lijn is in het tweede kwartaal gecontinueerd.  Er zijn geen wijzigingen ten opzichte van de eerste bestuursrapportage 2021.

 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt conform planning.

IV.b.4. In 2021 wordt het projectplan voor de integrale samenwerking tussen CJG en JGZ geïmplementeerd om stagnatie in de ontwikkeling van kinderen vroegtijdig te signaleren en problemen waar mogelijk te voorkomen.

Inhoud (indicator)

R

Inhoud (toelichting)

Door de aanhoudende corona-pandemie konden deze werkzaamheden ook niet in het tweede kwartaal 2021 worden opgepakt. Bezien moet worden  of het mogelijk  is deze werkzaamheden nog in 2021 op te pakken. De corona-pandemie en uitrol van de vaccinaties vraagt namelijk ook in 2021 veel tijd en aandacht aan de GGD/JGZ-organisatie. Gezien de huidige afbouw van de coronamaatregelen wordt in het derde kwartaal bekeken welke acties er mogelijk zijn in het najaar van 2021.

Planning (indicator)

R

Planning (toelichting)

Gezien de huidige afbouw van de coronamaatregelen wordt in het derde kwartaal bekeken welke acties er mogelijk zijn in het najaar van 2021.

IV.c. Het aantal casussen waarbij de huisarts het CJG inschakelt is met ongeveer 10% toegenomen ten opzichte van 2020 (MD06, IBK BE16).

IV.d. Ten opzichte van 2018 wordt ongeveer 10% minder ambulante jeugdhulp verleend door jeugdhulpaanbieders (MD06, IBK BE17).

IV.d.1. Het CJG voert (aanvullende) maatregelen uit gericht op: 1) Afremmen van de instroom, 2) Kaders en normen binnen het CJG, 3) Vergroten invloed op het logistieke proces bij aanbieders.

Inhoud (indicator)

O

Inhoud (toelichting)

Maatregel "Aanscherpen huidige kaders" ten bedrage van € 1.500.000 - uitvoering door CJG

In deze maatregel wordt ingegaan op het aanscherpen van de huidige kaders. Het gaat hier om een bedrag van € 1.500.000. Het terugdringen van gebruik jeugdhulp op beschikking zijn verwerkt in het jaarplan van het CJG. Het CJG rapporteert hierover d.m.v. de effectmonitor en periodieke voortgangsrapportages en anderzijds d.m.v. het jaarverslag.
De uitvoering van deze maatregelen vraagt voortdurende aandacht van het CJG en samenwerkende partners. Het effect van de maatregelen monitoren we nauwgezet en de invulling van de maatregelen wordt indien nodig bijgestuurd.

Maatregel "Scherpe keuzes" ten bedrage van € 500.000 - uitvoering door de gemeente

Naast het aanscherpen van de huidige kaders heeft de raad besloten tot 5 aanvullende maatregelen; deze worden "Scherpe keuzes" genoemd. Deze maatregelen worden door de gemeente uitgevoerd en zijn ondersteunend aan het verder terugdringen van de kosten. De maatregelen leveren hiermee een bijdrage aan het verminderen van de onbalans tussen begroting en kosten Jeugdhulp. Uiteindelijk zijn twee scherpe keuzes vertaald in de integrale verordening sociaal domein, beleidsregels en/ of nadere regels jeugd welke per 1 juni 2021 in werking zijn getreden.  De andere maatregelen worden onderzocht op mogelijkheden en effecten. Deze inspanningen ondersteunen het terugdringen van de kosten.

 

Planning (indicator)

O

IV.e. Het aantal jeugdigen in instellingsverblijf blijft constant t.o.v. 2019 (MD06, IBK BE18).

IV.f. In 2023 is een integrale werkwijze sociaal domein binnen de gemeente en tussen gemeentelijke partijen en externe partijen gerealiseerd (MD08, IBK BE22).

Thema V: Onderwijs en ontwikkeling

Doelenboom

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

V.a. Het aantal laaggeletterde inwoners daalt (MD01, IBK BE3).

V.a.1. Er is een formeel en non-formeel aanbod waartoe de groep laaggeletterde volwassenen van 18 jaar en ouder die niet (meer) inburgeringsplichtig zijn en tot de doelgroep van de WEB worden gerekend.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Per 2021 is het formele taalaanbod in handen van NL Training. Het non-formele taalaanbod ligt bij het Taalhuis. Het formele deel betreft trajecten vanuit een professioneel kader. Het non-formele deel wordt door taalvrijwilligers uitgevoerd.

Vanwege de start van de nieuwe formele aanbieder op 1 januari 2021, én de beperkende coronamaatregelen tot heden hebben er vooralsnog minder trajecten plaatsgevonden dan begroot. Inmiddels zijn bij de beide taalaanbieders diverse groepen opgestart en wordt een inhaalslag gemaakt. 

De Taalmeterdag, (waarbij inwoners vanuit de Participatiewet opgeroepen worden voor een toets) is door coronamaatregelen niet door kunnen gaan en verschoven naar november 2021. 

Planning (indicator)

O

Planning (toelichting)

 In de komende periode wordt bekeken in hoeverre er alsnog voldaan kan worden aan de doelstellingen van 2021.

V.a.2. Uitvoering geven aan Regionaal programma basisvaardigheden Arbeidsmarktregio Foodvalley

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Er is begin 2021 een nieuw regionaal beleid vastgesteld voor de besteding van de WEB gelden die via de arbeidsmarktregio binnenkomen. Het meerjaren uitvoeringsplan (2021-2024) binnen dit beleid en naar verwachting zal dit het vierde kwartaal 2021 worden vastgesteld. Tegelijkertijd lopen de huidige processen rondom formeel aanbod via de Regionale Aanbieder (NL Training) en non-formeel (inzet vanuit het Taalhuis Veenendaal) aanbod vanzelfsprekend door. 

 

 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Het uitvoeringsplan wordt in de regio aan het begin van het vierde kwartaal 2021 vastgesteld.

V.a.3 We willen meer mensen bereiken met een aanbod op maat, vooral de groep met Nederlands als moedertaal (=NT1).

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

De regionale en lokale doelstelling om meer ‘NT1-ers’ te bereiken, pakken we in Veenendaal op door  in te zetten op verbeterde structurele screening, waarbij de adviseur re-integratie en werk (van de gemeente) beter kan screenen op laaggeletterdheid en daarbij ook beter kan doorverwijzen naar formeel (regionaal aanbod door NL Training) en/of non-formeel aanbod (aanbod door het Taalhuis Veenendaal).
Voor oktober 2021 staat er een Taalmeterdag gepland waarbij een aantal inwoners dat gebruik maakt van de voorzieningen binnen de Participatiewet wordt opgeroepen voor een taaltoets. Vervolgens worden zij, indien nodig, op deze dag  "warm" overgedragen aan het lokale aanbod. Dit kan zijn het Taalhuis, een empowermenttraining of een formeel traject door NL Training.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Conform planning. Op dit moment is het nog wel onzeker of de Taalmeterdag kan plaatsvinden in verband met de Coronamaatregelen.

V.c. Onderwijsachterstandenbeleid: er is een kwantitatief voldoende en kwalitatief goed aanbod van peuteropvang met en zonder voorschoolse educatie.

V.c.1. Aanbieders van peuteropvang krijgen op basis van de subsidieregeling middelen om de kindplaatsen te realiseren.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Voor 2021 zijn de kindplaatsen voor zowel peuteropvang met als ook zonder VE beschikt. Er zijn hiervoor voldoende middelen in de begroting 2021 opgenomen.  Op basis van de regeling 'Nadere regels peuteropvang met en zonder voorschoolse educatie (VE) gemeente Veenendaal'  kunnen kinderopvangaanbieders subsidie  voor 2022 aanvragen voor 15 oktober 2021. Vervolgens  worden subsidies toegekend  binnen de daartoe in de Algemene Subsidie Verordening Veenendaal opgenomen beslistermijn.  Voor de peuteropvang met VE is in de begroting 2021 rekening gehouden met 170 kindplaatsen. Dit aantal  zogenaamde 'doelgroeppeuters' is gebaseerd op de cijfers van het CBS: 'verwachte onderwijsachterstand in Veenendaal'.  Momenteel zijn er 4 aanbieders van peuteropvang met VE.  Voor de peuteropvang zonder VE zijn op basis van de bestaande middelen 2021 ongeveer 100 gesubsidieerde kindplaatsen beschikbaar. De afgelopen jaren bleek dit aantal toereikend.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

De uitvoering van de subsidieregeling loopt conform planning.

V.c.2. In gesprek met de aanbieders is kwaliteit een belangrijk en terugkerend thema.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Er is een werkgroep waar onder andere de aanbieders van peuteropvang met VE in participeren.  Deze werkgroep komt  gemiddeld 4 keer per jaar bij elkaar. Kwaliteit is daarbij een vast thema op de agenda.   Actuele onderwerpen zijn bijvoorbeeld doorlopende ontwikkellijnen en versterking tussen de peuteropvang en VVE-scholen, maar ook het aanbieden van een ouderprogramma voor ouders van nieuwkomerskinderen.  Deze activiteiten zijn gericht op het verbeteren van de kwaliteit en het vergroten van onderwijskansen.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

De overleggen worden gepland per schooljaar.  Voor schooljaar 2021-2022 staan de afspraken van de VVE-werkgroep reeds in de agenda. 

V.c.3. Ook worden er onderling collegiale visitaties uitgevoerd en worden studiemiddagen georganiseerd.

Inhoud (indicator)

O

Inhoud (toelichting)

De collegiale visitaties zijn afgelopen schooljaar niet uitgevoerd als gevolg van de coronamaatregelen.  In het nieuwe schooljaar willen we de uitvoering van collegiale visitaties  hervatten. Voor schooljaar 2021-2022 gaan we twee studiemiddagen organiseren: een voor de VVE-scholen en een voor de kinderopvang. Door de studiemiddagen te splitsen kunnen we beter aansluiten  op de leervragen die er zijn. De voorbereiding moet nog gestart worden. 

 

 

 

 

 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

De studiemiddag is in 2021 volgens planning uitgevoerd. De collegiale visitaties worden hervat zodra dit weer verantwoord is. Over de nieuw te plannen studiemiddagen worden  in de VVE-werkgroep afspraken gemaakt.

V.d. Faciliteren van het aanbod van vroegschoolse educatie waardoor scholen meer elkaars kennis en expertise kunnen delen en kinderen met een ontwikkelingsachterstand (nog) beter ondersteund kunnen worden.

V.e. Iedere jeugdige met een ondersteuningsbehoefte krijgt passende ondersteuning om onderwijs te kunnen volgen.

V.e.1. We voeren tweemaal per jaar Op Overeenstemming Gericht Overleg met Samenwerkingsverbanden passend onderwijs).

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Aan het OOGO is de regionale Focusagenda Onderwijs - Jeugdhulp Foodvalley aangeboden.  Deze Focusagenda is ontwikkeld door een extern bureau, in opdracht van het OOGO.  Het OOGO heeft op 1 juli de leidende principes, actielijnen en speerpunten uit deze Focusagenda Onderwijs Jeugdhulp vastgesteld.  De komende periode wordt gewerkt aan een concreet uitvoeringsplan Focusagenda Onderwijs - Jeugdhulp. 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

De komende periode wordt gewerkt aan een concreet uitvoeringsplan Focusagenda Onderwijs - Jeugdhulp. De verwachting is dat dit uitvoeringsplan in het OOGO van oktober 2021 wordt vastgesteld. 

V.e.2. We implementeren een afwegingskader Passend Onderwijs en als onderdeel daarvan een gedragen procedure om in wet-overstijgende casussen snel en efficiënt tot een passende oplossing voor het kind te komen.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Veenendaal neemt deel aan de regionale werkgroep doorontwikkeling Model Passende Samenwerking. In Q1 is een evaluatie van dit Model Passende Samenwerking ontwikkeld. De regionale evaluatie gaat vooral uit of het Model bekend is en welke onderwerpen zich lenen voor doorontwikkeling.
Begin 2021 zijn met de Samenwerkingsverbanden afspraken gemaakt om in Q1 en Q2 lokale knelpunten te verzamelen in de samenwerking. De lokale evaluatie gaat uit welke casussen, op hoofdlijnen aanleiding geven tot aanpassing van afspraken. 

 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Er zijn geen wijzigingen ten opzichte van de eerste bestuursrapportage 2021. 

V.f. Alle kinderen van 0-13 jaar kunnen in een IKC een doorlopende leer- en ontwikkellijn volgen.

V.f.1. Implementatie van het herijkte Integraal Huisvestingsplan 2020 en het nieuwe IKC-beleid.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

In oktober 2020 is het Integraal Huisvestingsplan onderwijs 2021-2024 (IHP) vastgesteld. Daarnaast heeft er in juni 2021 besluitvorming plaatsgevonden over de bij het IHP aangenomen motie voor onderwijshuisvesting in Veenendaal-Oost. Uit beide besluitvormingstrajecten vloeien een drietal IKC's voort, die op korte termijn uitgewerkt moeten worden, te weten: IKC Dragonder-Noord, IKC Dragonder-Zuid en IKC Veenendaal-Oost.

Voor IKC Dragonder-Noord heeft de school (Het Erf) een kinderopvangorganisatie geselecteerd, verder is samen met de naastgelegen (commerciële) ontwikkeling een eerste aanzet gemaakt voor het stedenbouwkundig ontwerp.

Voor IKC Dragonder-Zuid hebben de betrokken partners het gezamenlijke visietraject afgerond, waarin het IKC Beleid is verankerd. Op basis van het visietraject en de omgevingsvisie wordt de beoogde bouwlocatie gekozen.

Het is nog onduidelijk of de recente besluitvorming naar aanleiding van de onderwijshuisvesting Veenendaal-Oost invloed heeft op de ontwikkeling en de planning van IKC Dragonder Noord en Zuid.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt conform planning

V.f.3. In 2020 starten de kernpartners van het IKC Franse Gat met het aanbestedingstraject. Het aanbestedingstraject loopt door in 2021 en samen met aanbestedende partij en de kernpartners wordt de planontwikkeling van deze IKC opgepakt.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

De aanbesteding voor het IKC Franse Gat is afgerond. Op dit moment zijn we met de aannemer en de architect en beide scholen en de kinderopvang bezig met het maken van een plan van aanpak voor het ontwerptraject dat na de zomer van 2021 gaat starten.  

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Naar verwachting wordt het IKC eind 2023 opgeleverd.

V.f.4. In 2021 starten de kernpartners van het IKC Ronde Erf met een eerste verkenning van een gezamenlijk IKC-visie, ruimtelijke programma en fysieke randvoorwaarden.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Voor het IKC het Erf zijn we op dit moment bezig met het maken van de stedenbouwkundige randvoorwaarden voor de ontwikkeling. Het Erf heeft een kinderopvang-partij gekozen en is bezig om samen een IKC-Visie te ontwikkelen.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

In de 2e helft van 2021 worden afspraken gemaakt en wordt een intentieovereenkomst met de kernpartners gemaakt.

Thema VI: Sport

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

VI.a. Nieuwe Kpi’s voor Stichting Sportservice Veenendaal

VI.b. Uitvoering lokaal Sportakkoord

VI.c. Bevorderen gezonde sportkantines en rookvrije sportaccommodaties

Thema VII: Cultuur

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

VII.a. Een toekomstbestendige culturele sector in Veenendaal

VII.a.1. Een financiële analyse uitvoeren (besparings- en compensatiemaatregelen).

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

In het kader van de nieuw op te stellen cultuurvisie- en nota is de cultuurbegroting geanalyseerd. Hierbij is voortgeborduurd op de bevindingen van de rekenkamercommissie uit 2019.  De gemeentelijke uitgaven voor cultuur zoals het CBS die opgeeft, bestaan deels uit de cultuursubsidies voor het culturele veld en deels uit de gemeentelijke kosten (gebouwen, afschrijvingen, verzekeringen, etc., exclusief de kosten voor gemeentelijke medewerkers).
Voor Veenendaal betekent dit in 2021, dat circa € 4.500.000 besteed wordt aan cultuursubsidie en € 2.000.000  aan gemeentelijke kosten. De conclusies en aanbevelingen uit de analyse worden meegenomen in de nieuwe cultuurvisie 2022-2030  en cultuurnota 2022-2025.

In de kadernota is structureel € 300.000 extra gevraagd om toe te voegen aan de cultuursubsidie. De kadernota wordt verwerkt in de programmabegroting 2022, wat betekent dat de € 300.000 wordt toegevoegd aan de begroting van cultuur.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Het college van B&W heeft op 22 juni 2021 de Cultuurvisie- en nota vastgesteld. In de raads- en commissiekalender is opgenomen dat de programmabegroting 2022 in oktober 2021 aan de raad ter vaststelling wordt aangeboden. Hierin liggen we op schema. 

VII.a.2. In samenspel met de culturele instellingen komen tot een herijking van (prestatie)afspraken.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

De prestatieafspraken voor 2021 zijn  vanwege de coronapandemie en omdat we bezig zijn met het ontwikkelen van een nieuwe cultuurvisie  beperkt aangepast. Deze zijn in het voorjaar met de   culturele instellingen besproken.  Voor 2022 zullen de bestaande prestatieafspraken grondig worden herzien en waar nodig worden aangescherpt. 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

De afspraken met de gesubsidieerde culturele organisaties staan gepland voor direct na de zomervakantie, hierbij zullen we anticiperen op de nieuwe cultuurnota.  De beschikkingen inclusief de prestatieafspraken voor 2022 zullen verstuurd worden na vaststelling van de programmabegroting 2022.  

VII.a.3. Opstellen van een nieuw meerjarig kader voor cultuurbeleid.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Op 22 juni 2021 heeft het college van B&W 'Glans aan de Grift' vastgesteld. Dit document bevat zowel de Veense Cultuurvisie 2022-2030 als ook de Cultuurnota 2022-2025.   Deze nota is een uitwerkingsagenda  waarin de doelen voor de komende vier jaar in activiteiten en consequenties voor benodigd budget staan uitgewerkt.  In de kadernota is € 300.000 aan extra middelen gevraagd om de doelstellingen te kunnen realiseren.  De raad is in twee werksessies op hoofdlijn al meegenomen in het proces en geïnformeerd over de zeven verhaallijnen uit de visie.  'Glans aan de Grift' is overgedragen aan de griffie en staat voor oktober van dit jaar op de raads- en commissiekalender.

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

De Cultuurvisie  2022-2030 en de cultuurnota 2022-2025 zijn vastgesteld door het college van B&W op 22 juni 2021 en  zijn overgedragen aan de griffie, dit is conform planning.

VII.b. Een goed productieklimaat voor de stadsprogrammering.

Thema VIII: Welzijn

Doelenboom

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

VIII.a. De inzet van vrijwilligers en het sociale netwerk is onderdeel van het normale leven (MD03, IBK BE7).

VIII.a.1. De inzet van vrijwilligers en algemene voorzieningen stijgt in 2021 met 5%.

Inhoud (indicator)

O

Inhoud (toelichting)

Bij Stichting Veens Welzijn waren er in 2020 432 vrijwilligers actief. In het eerste kwartaal van 2021 waren dit er 426. Op dit moment zijn er 415 vrijwilligers voor Stichting Veens Welzijn actief. De inzet van de vrijwilligers is afgenomen, dit is te verklaren doordat er door de corona minder inzet mogelijk was. Door de coronamaatregelen hebben de vrijwilligers weinig tot geen bijeenkomsten en activiteiten kunnen organiseren de afgelopen periode. Op dit moment worden de bijeenkomsten en activiteiten langzaam opgestart waar dit haalbaar is binnen de coronamaatregelen. 

Voor wat betreft het aantal algemene voorzieningen kunnen we hierdoor vooralsnog ook geen volledig beeld geven. Nu er weer steeds meer algemene voorzieningen opstarten worden ondersteuningsvragen ook weer steeds meer in een algemene voorziening opgepakt.

Planning (indicator)

O

Planning (toelichting)

Door corona heeft veel stil gelegen. Langzamerhand worden activiteiten weer opgestart. Het kost extra inspanning om vrijwilligers weer te motiveren op hun vrijwilligerswerk op te pakken.

VIII.a.2. Het vrijwilligersplatform inzetten om vrijwillige inzet te promoten en te ondersteunen.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Tijdens de twee bijeenkomsten van het vrijwilligersplatform is er gesproken over elkaars expertise en activiteiten die er georganiseerd zijn. 

Stichting Veens Welzijn geeft ook aandacht aan het promoten van vrijwilligerswerk. Zij zijn nu aan het brainstormen over hoe aandacht te geven aan het jaar van de vrijwilliger, om zo ook het vrijwilligerswerk op de kaart te zetten. 

In de krant zijn afgelopen periode meerdere vrijwilligers in het zonnetje gezet, mede ter promotie van het vrijwilligerswerk.

 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Er is via het vrijwilligersplatform op waardering van vrijwilligers ingezet.

VIII.b. Versterken van de sociale basis (MD03, IBK BE9).

VIII.b.1. We kiezen in 2021 een thema waarvoor we een aanvullende ondersteuning bieden waar een hiaat is gesignaleerd.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Er is een hiaat geconstateerd bij het ondersteunen van inwoners bij het invullen van allerlei formulieren. Er zijn (vrijwilligers)organisaties die dit in Veenendaal oppakken zoals 'Hulpdienst in zicht'. Het 1e halfjaar is duidelijk geworden dat dit aanbod niet voldoende is om aan de vraag te kunnen voldoen. Stichting Veens Welzijn is aan de slag gegaan om het bestaande aanbod uit te bereiden,  gericht op informele en collectieve mogelijkheden.
Een ander punt dat nog in ontwikkeling is, is de hulp aan inwoners die nu (lang) wachten op behandeling. Veens Welzijn ziet dat hier nu een gat zit voor inwoners en pakt dit hiaat actief op om hier passend aanbod op te ontwikkelen.  

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

In het eerste half jaar zijn meerdere hiaten geconstateerd waar acties op zijn uitgezet door Veens Welzijn.  

VIII.b.2. Het bereik van de netwerk-app die in 2020 is ontwikkeld groeit met 5%.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Om de gewenste stijging in het bereik van de netwerk-app te realiseren is het wenselijk om nog meer bekendheid aan de app te geven. In het tweede kwartaal zijn hierop een aantal acties uitgevoerd. De app is onder de aandacht gebracht bij het Wonen, Welzijn en Zorg overleg (WWZ). De afspraak is gemaakt dat zorgaanbieders informatie over de app actief  binnen hun organisatie verspreiden, zodat de app bij de uitvoerende zorgprofessionals bekendheid krijgt. Daarnaast is een presentatie gegeven aan de wijkcoaches van Veens Welzijn. 
De verwachting is dat we hierdoor de komende periode een stijging zien in het aantal deelnemers van de app. 

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

De planning loopt conform verwachting. 

VIII.b.3. Samen met de Stichting Veens/Toegang wordt continu afgestemd waar hiaten zitten en op welke wijze de sociale basis hier een rol in kan spelen.

Inhoud (indicator)

G

Inhoud (toelichting)

Tussen de Toegang (gemeente) en Stichting Veens Welzijn vindt regelmatig afstemming plaats. We zien in het tweede kwartaal dat het steeds beter lukt om met elkaar te bepalen welke vraag/taak bij wie thuishoort. Daar waar kan en mogelijk (binnen de coronamaatregelen) wordt ondersteuning vanuit Veens Welzijn geboden.  

Planning (indicator)

G

Planning (toelichting)

Verloopt volgens planning.

VIII.c. Veenendalers nemen verantwoordelijkheid voor eigen zelfredzaamheid en eigen kwetsbaarheid, passend bij de levensfase (MD1, IBK BE1).

Financiële ontwikkelingen Sociale leefomgeving

Bedragen x €1.000
Feiten en ontwikkelingen Raming 2021 Raming 2022 Raming 2023 Raming 2024
Lasten
4.2B - Openbaar basisonderwijs 11 11 11 11
4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 2.702 0 0 0
5.1A - Sportbeleid en activering -29 -29 -29 -29
6.3C - Inkomensregelingen -40 0 0 0
6.4 - Begeleide participatie -392 -116 -193 -605
Totaal Lasten 2.253 -134 -211 -623
Baten
4.2A - Openbaar basisonderwijs -12 -12 -12 -12
4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 0 0 0 0
Totaal Baten -12 -12 -12 -12
Saldo van baten en lasten -2.265 122 199 611
Onttrekkingen
0.10C - Mutaties reserves Sociale Leefomgeving 2.702 0 0 0

Toelichtingen financiële ontwikkelingen

Lasten

4.2 - Openbaar basisonderwijs (hogere lasten € 11.000): De geïndexeerde bedragen van de huurverhoging voor de huur van de accommodaties is hoger dan het budget opgenomen in de begroting.

4.3 - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken (hogere lasten € 2.702.000): Op 24 juni is de jaarrekening 2020 van de gemeente vastgesteld. Inclusief de geconsolideerde jaarcijfers van het Rembrandt College. Met de verzelfstandiging van het Rembrandt college per 1 januari 2021 is de definitieve afwikkeling van het Rembrandt College opgesteld. Deze afwikkeling moet conform BBV voorschriften afgewikkeld worden via de exploitatie. In deze rapportage wordt deze financiële afwikkeling meegenomen. 

5.1 - Sportbeleid en activering (lagere lasten € 29.000): De subsidiebeschikking vastgesteld voor SSV is € 29.000 lager dan het opgenomen bedrag in de gemeentebegroting. De financiële consequenties hiervan wordt structureel verwerkt in deze bestuursrapportage.

6.3 - Inkomensregelingen (lagere lasten € 40.000): Verlaging kosten kwijtschelding afvalstoffenheffing op basis van de laatste prognose.

6.4 - Begeleide participatie (lagere lasten € 392.000): In 2018 zijn middellange termijn afspraken gemaakt over de financiering van de WSW en de toekomst van IW4. Daarbij is besloten dat de gemeente een gedeelte van het subsidietekort WSW per standaardeenheid (SE) financiert. Dit subsidietekort wordt berekend aan de hand van de rijkssubsidie. Tevens is in het zogenaamde scenario 1+ besloten dat alle dienstverlening - anders dan SW - kostendekkend moet worden uitgevoerd.
In de afgelopen periode is geconstateerd dat binnen taakveld 6.4 Begeleide participatie in de begroting meerjarig - en met name in de jaren 2024 en 2025 - te ruime budgetten zijn opgenomen: deze staan inmiddels niet meer in verhouding tot de rijksmiddelen. Voorgesteld wordt om voor de benodigde budgetten meer aansluiting te zoeken bij de rijksmiddelen en vervolgens de resterende middelen (structureel) af te ramen. Indien zich bijzondere of nieuwe (financiële) ontwikkelingen voordoen, dan wordt hierover binnen de reguliere P&C cyclus gerapporteerd. De besluitvorming en rekenregels uit 2018 worden in 2022 geëvalueerd. In dit evaluatieproces worden ook de opdrachtformulering en de kosten voor de uitvoering van Beschut werk betrokken.

Baten

4.2 - Openbaar basisonderwijs (lagere baten € 12.000): Het mediation traject met het CLV heeft geleid tot afspraken die zijn vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst. Op basis daarvan wordt de jaarlijkse BENG bijdrage van het CLV aan de gemeente met afgerond € 12.000 verlaagd. Zie uitgebreide toelichting bij het onderdeel risico’s en ontwikkelingen.

Reservemutaties

Egalisatiereserve Rembrandt College (hogere baten € 2.702.000): Met de verzelfstandiging van het Rembrandt college per 1 januari 2021 is de definitieve afwikkeling van het Rembrandt College opgesteld. In deze rapportage wordt deze financiële afwikkeling meegenomen en verloopt het via de egalisatiereserve Rembrandt College

Risico's / ontwikkelingen Sociale Leefomgeving

CLV
Gedurende het bouwproces van de sloop en nieuwbouw van het CLV is het CLV tegen tegenvallers aangelopen, waardoor het budget met € 900.000 is overschreden. Echter omdat de gemeente duidelijke afspraken had gemaakt in de overeenkomst was dit een risico dat naar de mening van de gemeente lag bij het CLV. Omdat het CLV hier anders over dacht hebben zij een verzoek ingediend om de volledige overschrijding te laten betalen door de gemeente. Dit is in eerste instantie door het college afgewezen met een beroep op artikel 1.10 van de Samenwerkingsovereenkomst.
In het kader van artikel 9.3 van de eerder genoemde overeenkomst kunnen partijen, indien partijen niet tot een oplossing komen, zich wenden tot een mediator. Omdat beide partijen de intentie hadden om er samen uit te komen is een mediation traject gestart. Dit heeft geleid tot een overeenstemming over de verdeling van de kosten. Deze afspraken zijn vastgelegd in de betreffende Vaststellingsovereenkomst. Over de uitkomsten van het mediation traject bent u door middel van een separate raadsinformatiebrief geïnformeerd.
De uitkomst van het mediation traject is dat de gemeente bereid is om afgerond € 499.000 voor haar rekening te nemen. Het overige deel komt voor rekening van het CLV. Het voorstel is dat wij de het genoemde bedrag aan het CLV voldoen door de jaarlijkse BENG-bijdrage te verlagen met afgerond € 12.000. Dit is financieel in deze rapportage verwerkt.  

Toename aantal Wmo aanvragen zet taakstelling mogelijk onder druk
We zien een toename van aanvragen binnen de Wmo. Deze groei is al eerder ingezet en blijven we ook dit jaar zien. Een toename van aanvragen betekent dat de zorgkosten stijgen en dit zet het budget onder druk. Belangrijkste oorzaken zijn het Wmo abonnementstarief en een groeiende kwetsbaarheid bij jongvolwassenen. De gesignaleerde ontwikkelingen sluiten aan bij landelijke cijfers. Het is op dit moment nog niet duidelijk of het gaat om incidentele of structurele ontwikkelingen. Voor 2021 verwachten we vooralsnog dat de stijging kan worden opgevangen in de huidige begroting, vanwege een daling in kosten op de materiële voorzieningen. Op materieel is een aanbesteding gaande waarvan het financiële effect zoveel mogelijk wordt gestuurd, onder andere door een ondergrens en een bovengrens aan te houden.

Schoonmaakondersteuning (Wmo)
Het aantal klanten Schoonmaakondersteuning groeit sinds het tweede kwartaal van 2021 sneller dan eerder werd voorzien. De voornaamste oorzaak van deze stijging is het abonnementstarief. Dit is een landelijke trend. De groei in 2021 kan naar verwachting worden opgevangen binnen de huidige Wmo begroting. We onderzoeken de mogelijkheden om de groei te remmen en volgen de landelijke ontwikkelingen.

Collectief vraagafhankelijk vervoer (Wmo)
In opdracht van de bestuurders van de acht gemeenten wordt er regionaal gewerkt aan opties om grip te houden op de kosten van de Valleihopper, wegens de verwachte stijging van deze kosten na de afbouw van de provinciale subsidie, opheffing van het OV-Vangnet en inrichting van de minder toegankelijke HaltetaxiRRReis.
Hoewel momenteel verschillende opties worden uitgewerkt, verwachten we vooralsnog dat hiermee de kosten niet dusdanig kunnen worden beperkt dat het intrekken van de provinciale subsidie en toestroom van nieuwe cliëntgroepen in het Wmo-vervoer volledig kan worden gecompenseerd. In de reguliere P&C cyclus wordt periodiek gerapporteerd over de ontwikkelingen.

Welzijn
De door Veens Welzijn geplande werkzaamheden zijn als gevolg van de coronamaatregelen in de eerste helft van 2021 anders gelopen dan vooraf gedacht. Activiteiten die op afstand of digitaal konden worden uitgevoerd alsmede incidentele vragen zijn opgepakt. De groepsgerichte werkzaamheden van Veens Welzijn in de ontmoetingslocaties hebben het eerste half jaar nauwelijks doorgang kunnen vinden. De verwachting is dat het tweede half jaar de meeste activiteiten weer opgestart kunnen worden. Niet ingezette middelen over het 1e halfjaar worden o.a. benut om extra aandacht te geven aan jongerenwerk.

Vastgoed Zwembad
De afgelopen jaren hebben we te maken gehad met steeds terugkerende vorstschade aan de zwembadranden aan onze drie buitenbaden bij zwembad De Vallei. Dit is tot nu toe tijdelijk opgelost, maar het probleem is daarmee niet weg. In samenspraak met SSV is gezocht naar een goede definitieve oplossing voor deze problemen, zodat met ingang van het nieuwe buitenzwemseizoen (vanaf voorjaar 2022) weer een veilige situatie bestaat, deze oplossing is gevonden in het aanbrengen van  natuursteenranden. Wij schatten de kosten vooralsnog in op circa € 125.000. Aangezien deze werkzaamheden niet in het MOP zijn opgenomen, en eveneens niet onder de exploitatie van de SSV vallen, stellen wij voor in de 3e bestuursrapportage de definitieve kosten te verwerken. 

Jeugdzorg

Ontwikkeling in de baten:
Voor het jaar 2021 kan de gemeente Veenendaal een incidentele rijksbijdrage van € 1.966.000 tegemoet zien. Het Rijk zal op basis van het rapport van de abitragecommissie  de gemeenten ook in de komende jaren extra middelen verstrekken. Het nieuwe kabinet zal hierover een (definitief) besluit nemen. 

Prognose en tekort (Risico) 
In het derde kwartaal van 2021 is de prognose voor de uitgaven voor de jeugdhulp in Veenendaal vanuit de Jeugdhulpregio Foodvalley ontvangen. De prognose uit de regio gaat uit van de facturatiedata van 4 maanden. Deze cijfers geven richtingen aan de ontwikkeling van de lasten. Het verwachte tekort voor 2021 ten opzichte van de begroting 2021 wordt ingeschat op 2,6 mln. euro. Door de incidentele middelen van (afgerond) 2,0 mln. euro als incidentele bijdrage in de algemene uitkering resteert een tekort van 0,6 mln. euro. Vanwege de mogelijke doorrekening van incidentele kosten in de prognose en door de ingezette en/of nog in te zetten maatregelen wordt verwacht dat dit tekort in de tweede helft van 2021 deels lager uitvalt en (deels) wordt inverdiend.

Corona en GGZ 
De GGZ laat goed zien wat het Coronajaar voor gevolgen had in de jeugdhulp. In de vorige voortgangsrapportage lieten we dit al zien,  ook in 2021 zet zicht dit voort. In de eerste 2 tot 3 maanden was het zoeken hoe (op afstand) alle jeugdigen ondersteuning konden krijgen. Dit zorgde voor iets minder inzet. In de maanden juni / juli 2020 was er een inhaal piek. En vanaf het najaar een fors hogere intensiteit van de hulpverlening. Niet op iedere jongere, maar wel op een fors aantal. Met name in de groep 12 – 18 jarigen. Dit zien we in vele gemeenten gebeuren. In Veenendaal nemen met name de kosten van de GGZ toe. In onderstaande Figuur 1 worden de pieken zichtbaar in de totale uitgaven voor specialistische GGZ in de regio die inmiddels in april 2021 meer dan 2 miljoen euro per maand bedragen. In figuur 2 zijn de gemiddelde declaratiewaarden voor Veenendaal van de GGZ te zien. Hier zien we dat er in 2021 een stijging te zien is in de gemiddelde prijs per cliënt. Door de product indeling van de regio kan gesteld worden dat de intensiteit (aantal gedeclareerde uren) aan het toenemen is. Dit klopt met het beeld dat vooral ook in al lopende / bekende complexe situaties de ernst van de problematiek van jeugdigen in corona-tijd escaleert / geëscaleerd is.

 

Maatregelen 

We bevinden ons halverwege 2021. Inmiddels hebben we beeld van welke maatregelen meetbaar bijdragen. Ook zijn er ongewenste effecten die de maatregelen tegenwerken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan extreem dure zorg voor complexe casuïstiek binnen het landelijk zorgaanbod. 

In het eerste halve jaar hebben we gesprekken gevoerd met aanbieders over het aanscherpen van de huidige kaders. We zien dat deze gesprekken vruchten afwerpen. Maandelijks wordt er gekeken naar de voortgang aan de hand van de maatregelenmonitor. Het uitgangspunt "Alleen de meest effectieve en efficiënte voorziening" is in artikel 3.1.9 Verstrekking individuele voorziening onder lid 5 vastgelegd in de nieuwe integrale verordening. Deze verordening is per 1 juni 2021 in werking getreden (onder passende voorziening wordt verstaan: zo licht en kortdurend als mogelijk). In de maatregelen is afbakening van ambulante vormen van jeugdhulp een belangrijk punt.  Dit kan primair geregeld worden in de inkoopstrategie die regionaal is georganiseerd (knooppunt Jeugdhulp FoodValley), Veenendaal heeft een actieve rol in de vorming van de inkoopstrategie, de implementatie van de nieuwe inkoop wordt per 1 januari 2023 verwacht. Elk kwartaal vindt er een samenwerkingsoverleg (Lokaal Overleg) plaats tussen Onderwijs, Jeugd, de samenwerkingsverbanden onderwijs ( SWV), CJG en Gemeente. Centraal staat de samenwerking, het gelijktijdig inzetten van ondersteuning en de vertaalslag van de maatregel ‘jeugdhulp op school’ naar de praktijk in relatie tot het regionale model passende samenwerking. Er is een procesregisseur aangesteld door het samenwerkingsverband en het CJG om de samenwerking op casusniveau verder te ontwikkelen. Er heeft ondertussen een tussentijdse evaluatie plaatsgevonden op intensieve begeleiding op school. Er zijn geen nieuwe beschikkingen afgegeven welke de norm van 2,5 uur per dag overschrijden en er zijn ook geen nieuwe verzoeken ingediend. 

Leerlingenvervoer
In de eerste bestuursrapportage 2021 is het budget van leerlingenvervoer structureel met € 305.000 verhoogd. Als gevolg van de coronacrisis is het gebruik van het leerlingenvervoer in het 2e kwartaal 2021 achtergebleven bij de prognose. Vanwege de coronamaatregelen reizen kinderen nog niet alle schooldagen en enkele scholen zijn ook nog niet volledig open. Na de zomer wordt duidelijk of kinderen weer volledig naar school kunnen en ook naar school gaan. In de derde bestuursrapportage 2021 informeren wij u hier over.

Gezonde leefstijlinterventies
Via het Sportakkoord verleent het ministerie van VWS eenmalig middelen ter ondersteuning bij de extra inzet op gezonde leefstijlinterventies en de impuls op bewegen. Voor Veenendaal gaat het om een bedrag van maximaal € 90.284. Voor deze regeling geldt dat niet besteed budget kan worden teruggevorderd.

Vroegsignalering
Vanaf 1 januari 2021 is het een wettelijk taak om naar aanleiding van signalen van een betalingsachterstand contact te zoeken met schuldenaars om zodoende in een vroeg stadium schulden aan te pakken. Het project is in het eerste kwartaal van 2021 gestart en wordt aan het einde van 2021 afgerond.
In plaats van de verwachtte 500 signalen werden in de maand juni 100 signalen ontvangen. De belangrijkste signaalpartners - Patrimonium Woonservice en Veenendaalse Woningstichting – zijn pas vanaf de maand juli aangesloten. De evaluatie, die gepland stond voor medio 2021, is doorgeschoven naar het najaar 2021, omdat er op dit moment nog onvoldoende data beschikbaar is om te evalueren.
De inhuur van de projectleider wordt verlengd en de kosten ervan kunnen worden betaald uit het restantbudget 2021 en de niet-ingezette uren. De opbrengsten van dit project moeten leiden tot een nieuwe werkwijze voor de methode Vroegsignalering. 

Adviesrecht
In april 2021 zijn we gestart met het adviesrecht beschermingsbewind en deelname aan het inloopspreekuur met de rechtbank. De gemeente Veenendaal schuift regelmatig aan bij het spreekuur: dit leidt tot een snellere en kwalitatief betere besluitvorming over beschermingsbewind. Het adviesrecht is voor tien gevallen ingezet (medio juli). Begin oktober wordt -conform de notitie adviesrecht- een evaluatie uitgevoerd.

Hersteloperatie Toeslagenaffaire  
In Veenendaal gaat het om ongeveer negentig ouders die als gedupeerde zijn aangemerkt door de Belastingdienst vanuit de Toeslagenaffaire.  Deze ouders zijn of worden benaderd om inzicht te krijgen in de persoonlijke situatie en eventuele problematiek vanuit de Toeslagenaffaire. Op basis van deze analyse wordt een plan van aanpak opgesteld om  gerichte hulp te bieden binnen de ondersteuningsstructuur zoals we die in Veenendaal kennen. De taak wordt uitgevoerd door een externe projectleider waarbij de kosten worden gedekt via een Specifieke Uitkering (SPUK).  Het is de verwachting dat in het derde kwartaal deze analyse is afgerond met daaraan gekoppeld een plan van aanpak hoe dit verder uit te voeren.

Inburgering 
De implementatie van de Wet inburgering is in gang gezet. Vanuit het uitvoeringsbudget zijn middelen besteed voor de aanstelling van de noodzakelijke formatie.  Met de aanstelling van de procesregisseur wordt vanaf het derde kwartaal gestart met de ontwikkeling van het proces brede intake en een Plan Inburgering en Participatie (PIP). Voor de inrichting van de processen wordt externe expertise ingezet.  De kosten worden betaald uit het implementatiebudget. In het najaar 2021 wordt bezien op welke wijze de resterende structurele uitvoeringsmiddelen het beste kunnen worden ingezet.

Verder is gestart met de ontwikkeling van de module financiële zelfredzaamheid. Dit wordt vanaf 1 januari 2021 grotendeels uitgevoerd door onze eigen organisatie. De overige onderdelen en een deel van de module financiële zelfredzaamheid worden via een lokale aanbestedingsprocedure belegd bij een externe partij. Tevens is een regionale aanbesteding gestart voor diverse leerroutes. Het is mogelijk dat het budget voor de zogenaamde onderwijsroute te laag is en dat opdrachtnemers niet inschrijven bij de aanbesteding. Dit is een landelijk probleem. Bijkomend probleem is dat de B1 entree route in hetzelfde perceel als de onderwijsroute is opgenomen. De aanbestedingsprocedures worden naar verwachting in het derde kwartaal afgerond. 

Daarnaast is een knelpunt dat de budgetten van het Rijk niet voldoende lijken te zijn. De kosten voor de tolkendienst zijn hoger dan vergoed, zeker als we op basis van losse opdrachten met een tolk blijven werken. Dit probleem proberen we op te lossen door regionaal een contract aan te gaan met als insteek lagere kosten.  

Tot slot worden er door het rijk geen middelen beschikbaar gesteld voor de Z-route (participatiedeel) en de onderdelen ontzorgen/financiële zelfredzaamheid. Hiervoor wordt vooralsnog een oplossing gevonden binnen het participatiebudget.

Beschut werken 
De opdracht vanuit de gemeenten aan IW4 in het zogenaamde scenario 1+ is dat alle dienstverlening -anders dan SW- kostendekkend moet worden uitgevoerd. IW4 heeft onderbouwd aangegeven dat de landelijke standaardvergoeding voor beschut werk voor hen niet toereikend is. Bovendien neemt het aantal beschut werkers alleen maar toe. Hiermee neemt ook het financieel risico voor IW4 toe. Met de landelijke bonus beschut werk bleven de verliezen beperkt. Deze bonus is inmiddels komen te vervallen en met het restant 2020 zijn er voldoende middelen om voor 2021 de kosten te dekken.
De ontoereikende financiering is ook aangekaart door de VNG. Bij de evaluatie van het transitieplan (oplevering mei 2022, inclusief financieringsafspraken) worden mogelijke oplossingen voor dit vraagstuk op de langere termijn betrokken. 

Minimaregelingen
Op 1 december 2021 lanceren we de Veenendaalpas waarmee inwoners op een relatief eenvoudige wijze gebruik kunnen maken van de minimaregelingen. Het aansluiten van voldoende ondernemers en verenigingen is cruciaal voor het slagen van dit initiatief. Hiervoor zijn prestatieafspraken gemaakt met de uitvoerende partij achter Bureau Minimaregelingen. De implementatie leidt mogelijk incidenteel in 2021 tot hogere kosten dan tot op heden rekening mee is gehouden. De verwachting is dat deze kosten gedekt kunnen worden binnen het beschikbare budget.

TONK
Op 28 mei jl. werd door minister Koolmees bekend gemaakt dat de regeling Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) wordt verlengd tot 1 oktober 2021. Er worden geen extra middelen beschikbaar gesteld maar de aanvraagtermijn wordt verlengd van 1 juli tot 1 oktober 2021. We ontvangen van het Rijk naar verwachting € 991.915 voor de uitvoerings- en programmakosten van de regeling TONK. Deze middelen worden na afloop van de aanvraagperiode in het vierde kwartaal verdeeld over uitvoerings- en programmakosten.  Ditzelfde geldt voor de ontvangst van de uitvoeringskosten vanuit Rhenen en Renswoude.
Op dit moment blijft het aantal aanvragen achter bij de verwachtingen, dit is in lijn met het landelijke beeld. Om deze reden heeft het college in juni twee keer besloten om de bedragen met terugwerkende kracht tot 1 januari 2021 te verhogen.
Ondanks deze verhoging ontstaat het beeld dat – gezien het lage aantal aanvragen – niet alle middelen worden besteed. Dit hoeft niet teruggeven te worden aan het Rijk. Voor de resterende middelen wordt te zijner tijd een voorstel ontwikkeld voor de begeleiding van ondernemers die in het komende jaar alsnog in de financiële problemen komen wanneer de steunmaatregelen wegvallen en de schuldeisers weer gaan invorderen.

Bestandsontwikkeling en BUIG
Gemeenten ontvangen van het rijk een gebundelde uitkering welke toereikend wordt geacht om de bijstandsuitkeringen uit te kunnen betalen (BUIG-budget). De afgelopen jaren kende de gemeente Veenendaal een voordelig resultaat van meer dan 10% ten opzichte van de rijksmiddelen. Op basis hiervan zijn de beschikbare middelen in onze gemeentelijke meerjarenbegroting voor de uitvoering van deze taak sinds enkele jaren structureel naar beneden bijgesteld.

In 2020 zagen we dat -ondanks een bovengemiddelde stijging van ons bestand- de in de begroting beschikbaar gestelde middelen nog toereikend waren. In mei 2021 is het zogenaamde 'nader voorlopig BUIG-budget' bekend geworden.  Dit budget is lager vastgesteld dan het voorlopige budget.  Op basis van onze bestandsontwikkeling en de negatieve bijstelling van het nader voorlopig Buig-budget is in de eerste bestuursrapportage het verwachte resultaat 2021 met € 500.000 naar beneden bijgesteld.

Het is gebruikelijk om dergelijke financiële ontwikkelingen structureel te verwerken. Het genoemde nadeel is in de eerste bestuursrapportage echter niet structureel, maar incidenteel verwerkt. Hier is voor gekozen vanwege diverse onzekerheden en nog niet goed te duiden ontwikkelingen:
• Het definitieve BUIG-budget 2021 wordt naar verwachting eind september 2021 bekend gemaakt. Hoewel ons nog geen indicatie bekend is, moeten we rekening houden met een negatieve bijstelling t.o.v. het nader voorlopig budget zoals dat in mei jl. is gepubliceerd.
• Eind september wordt naar verwachting ook het voorlopig budget 2022 bekend gemaakt. Momenteel is nog geen indicatie bekend van de hoogte van dit budget. Het voorlopig budget verwerken we normaliter in de derde bestuursrapportage.
• Enerzijds zien we medio 2021 -zowel lokaal als landelijk- dat de eerdere stijging van het bijstandsbestand is gestopt.
• Ook zijn er signalen dat de economie sneller herstelt dan verwacht en het aantal vacatures toeneemt.
• Tegelijk is het echter nog onduidelijk wat de impact van het aflopen van de coronasteunmiddelen per 1 oktober 2021 zal zijn op de arbeidsmarkt en vervolgens (al dan niet vertraagd) op onze bestandsontwikkeling.

Bij het opstellen van de derde bestuursrapportage wordt opnieuw een financiële analyse uitgevoerd op basis van de actuele ontwikkelingen ten aanzien van het BUIG-budget en de bestandsontwikkeling, en worden de financiële effecten structureel verwerkt.  Gezien de onzekerheden moet er rekening mee worden gehouden dat er sprake kan zijn van een structurele negatieve bijstelling. 

Het NVVK-arrangement: saneringskrediet, collectief schulden regelen en het schuldenknooppunt
Na de zomer van 2021 starten we met dit arrangement van het NVVK. Met het arrangement worden schulden makkelijker en sneller opgelost. Ook kan naar verwachting efficiënter worden gewerkt binnen het Budgetloket. Dit laatste biedt naar verwachting enige formatieve ruimte om nieuwe taken op te kunnen pakken, bijvoorbeeld de Wet inburgering 2021.

Maatwerkbudget
In 2020 zijn we met het toenmalige BAC en het Triage team gestart met een pilot voor de uitvoering van het maatwerkbudget. Doelstelling van het maatwerkbudget was om te voorkomen dat mensen ‘financieel door het ijs dreigen te zakken’ vanwege de bezuinigingen binnen de Wmo. Op basis van de aanvragen van 2020 en 2021 en de ervaringen bij het minimabeleid en Wmo wordt de doelgroep in kaart gebracht. Op basis hiervan onderzoeken we de juridische mogelijkheden om bovengenoemde doelstelling te bereiken. Deze blijkt complexer dan gedacht. Voor de doelgroep met problematische schulden is het verstrekken van een vergoeding uit het maatwerkbudget inmiddels juridisch geborgd in de beleidsregel schuldhulpverlening. Voor de overige doelgroep worden de verdere mogelijkheden onderzocht. Naar verwachting wordt hiervoor in de eerste helft van 2022 een voorstel ingediend.
Hoewel we – gezien het aantal aanvragen tot nu toe – verwachten dat niet alle beschikbare middelen worden ingezet, wordt 2021 nog als pilotjaar gezien. Bij de derde bestuursrapportage bezien we de stand van zaken en wordt een voorstel gedaan over eventuele resterende middelen.