Programma 1: Fysieke leefomgeving

Visie

Terug naar navigatie - Programma 1: Fysieke leefomgeving - Visie

Omschrijving (toelichting)

De groei en ontwikkeling van de stad
In Veenendaal is het gezond, duurzaam en veilig wonen, werken en leven. Wij maken een bewuste keuze voor de kwaliteit van de leefomgeving, zo blijven we ook in de toekomst een aantrekkelijke woon-en werkgemeente. Wij zetten in op duurzaam, beter en slimmer inrichten van de leefomgeving. Dit doen wij bijvoorbeeld door inbreiding, met gebruik van innovatie, kennis en creativiteit. De groei en bloei van Veenendaal vraagt om de juiste balans tussen wonen, werken en leefomgeving. Dit vraagt om ruimtelijke keuzes, strategische investeringen en goede samenwerking met buurgemeenten, provincies Utrecht/Gelderland en de Regio Foodvalley.

De duurzame stad
Veenendaal werkt aan een leefbare en duurzame stad, voor nu en voor de generaties na ons. Wij zetten ons, samen met andere partijen (inwoners, ondernemers, onderhoud en andere overheden) in voor de transitie naar een circulaire samenleving door anders en slimmer met energie, grondstoffen, producten en diensten om te gaan. In de rol van beheerder, ontwikkelaar en opdrachtgever laten wij zien dat we klimaatadaptatie en circulariteit serieus nemen. En dat dit steeds meer is ingebed in het beheer en de ontwikkeling van de (buiten)ruimte. Als een Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgever en Inkoper laten wij zien dat de duurzaamheidsambitie het vertrekpunt van ons handelen is. De verandering naar een duurzame samenleving vraagt om ondernemerschap en innovatiekracht. Een aanpak die past bij Veenendaal en die ook goed is voor de lokale economie. Niet alle ambities zijn direct haalbaar. Maar wij zetten in op een optimale toepassing van de beschikbare technieken op het gebied van duurzaamheid. Dit vraagt soms een hogere investering, zolang dit nog niet ‘het nieuwe normaal’ is. Dit realiseren we ons. Maar daar tegenover staat, dat de lasten in de gebruiksfase en na afloop ervan, lager kunnen uitvallen. Het is dan ook een investering in onze toekomst.

Het beheer van de stad
De openbare ruimte van Veenendaal is schoon, heel, duurzaam, toegankelijk en veilig. Ons gemeentelijke vastgoed is goed bruikbaar en faciliteert de beoogde functies. Bij alles wat wij in de openbare ruimte en met ons vastgoed doen, zoeken we de juiste balans. De balans tussen de ambities uit de thema's ‘De groei en ontwikkeling van de stad’ en ‘De duurzame stad’ en de beschikbare middelen. Daarnaast houden wij in de gaten hoe de relatie met de bestaande stad, de bestaande voorzieningen/gebouwen en het zorgvuldig omgaan met onze `assets` (groen, wegen, water/riool, vastgoed etc.) is. Het beheer van de stad is meer dan het beheer van de openbare ruimte en het vastgoed. Het gaat om onderhoud en vervanging van de genoemde traditionele beheeronderwerpen, het goed omgaan met (het ophalen en verwerken van) afval/grondstoffen, veiligheid, het inrichten en gebruik van de buitenruimte. Daarnaast gaat het over verkeer en de wijze waarop we wel of geen ruimte geven aan het faciliteren van mobiliteit, wat mogelijk ten koste gaat van bijvoorbeeld groen en speelruimte. De ruimte in Veenendaal is schaars en we moeten keuzes maken In het door de raad vastgestelde Omgevingsprogramma Openbare Ruimte (OPOR), is een aantal van deze keuzes al gemaakt. Het beheer van de stad doen we samen met inwoners en andere partners. Wij hebben de ambitie om ook inwoners en andere partners te betrekken bij het beheer van de stad. Dit ligt niet alleen bij ons als gemeente. Wij betrekken inwoners onder andere met inzet van het wijkmanagement. Hiermee faciliteren en stimuleren wij bewoners die initiatieven nemen de openbare ruimte te verbeteren.

 

Thema's

Terug naar navigatie - Programma 1: Fysieke leefomgeving - Thema's

Omschrijving (toelichting)

De visie van het Programma Fysieke leefomgeving bestaat uit drie thema’s:
I.     De groei en ontwikkeling van de stad
II.    De duurzame stad
III.   Het beheer van de stad 

Omschrijving (toelichting)

Thema I – De groei en ontwikkeling van de stad

Veenendaal heeft zich de afgelopen jaren sterk ontwikkeld naar een stad met meer dan 70.000 inwoners. De omvang en complexiteit van de hiermee samenhangende vraagstukken neemt toe, wat meer eisen stelt aan onze deskundigheid en beschikbare capaciteit. Alleen op deze manier kunnen we invulling blijven geven aan de provinciale ontwikkelingen en de regionale schaalsprong. Voorbeelden hiervan zijn: het opstellen van en uitvoering geven aan de omgevingsvisie, de inzet van de regio voor het ontwikkelperspectief Nationale Omgevingsvisie Extra (NOVEX), de nota ruimte, Regionaal Ruimtelijk Programmeren en het Regionaal/Utrechts Programma Landelijk Gebied (RPLG/UPLG). Op lokaal niveau streven we bij de schaalsprong naar behoud van een kwalitatief goede balans tussen wonen, werken en leefbaarheid. Daarbij horen ook de juiste en voldoende voorzieningen. 

De verkenning van twee grootschalige uitbreidingsgebieden
Voor 2025 is gewerkt aan de verkenning van twee grootschalige uitbreidingsgebieden op de agenda: De Klomp en De Nieuwe Meent. Dit is in het verlengde van de verstedelijkingstrategie, de woondeal en het regionaal ruimtelijk programmeren in de Regio Foodvalley. Hierbij ligt het accent op het vormgeven van samenwerking met buurgemeenten, de provincies Utrecht en Gelderland, Regio Foodvalley en private partijen. De ruimtelijke (on-)mogelijkheden van de gebieden worden in kaart gebracht via gebiedsverkenningen en ruimtelijke wensen. Deze werkzaamheden zijn gericht op realisatie na 2030. 

Vernieuwing van de Omgevingsvisie
De in 2020 vastgestelde Omgevingsvisie hebben wij vernieuwd, zodat deze voldoet aan huidige ruimtelijke en beleidsmatige ontwikkelingen. De actualisatie heeft plaatsgevonden in twee stappen: een koersdocument en op basis hiervan is een vernieuwde Omgevingsvisie gemaakt.  Bestuurlijke besluitvorming heeft nog niet plaatsgevonden. 

We creëren uitvoeringskracht door integrale gebiedsontwikkelingen
Voor de duurzame groei en bloei van Veenendaal, wordt in eerste instantie ingezet op de ontwikkeling van diverse inbreidingslocaties. In 2025 start, mede gezien de subsidievoorwaarden, de bouw van de eerste woningen in Spoorzone. Daarnaast blijven wij, afgezien van kleinere projecten, inzetten op de grote ontwikkeling in Groenpoort, de ontwikkelingen in de Tuinstraat en de herontwikkeling van het Franse Gat. Gezien zowel de omvang als ons streven om al deze ontwikkelingen zo integraal en doelmatig mogelijk voor te bereiden en uit te voeren, vraagt dit veel van de beschikbare capaciteit.

Woningvoorraad en woonbehoefte
Net als in de rest van Nederland, zijn in Veenendaal meer woningen nodig. Om de woningvoorraad zoveel mogelijk aan te laten sluiten op de (toekomstige) woonbehoefte, is het belangrijk vooral woningen te bouwen die op dit moment onvoldoende beschikbaar zijn. Dit zijn betaalbare woningen voor onder andere jongeren en levensloopbestendige woningen geschikt voor ouderen. In geval van grootschalige woningbouw vindt regionale afstemming plaats om zo de gevraagde percentages sociale en betaalbare bouw te realiseren.

Onderzoek naar een toekomstbestendige economie
Voor de groei en bloei van Veenendaal is het van belang dat de groei van de bevolking in balans blijft met de groei van de werkgelegenheid. Wij gaan onderzoeken op welke wijze Veenendaal economisch toekomstbestendig is te maken, in het licht van onze huidige positie. Het economisch profiel van Veenendaal dat hieruit voortkomt, werken wij verder uit, in aansluiting op de Strategische Agenda Foodvalley. Hierbij wordt inzichtelijk wat de ruimtevraag is die deze economische ontwikkeling met zich meebrengt. Lees meer over deze uitwerking in het hoofdstuk Programma 2 – Economie, werk en ontwikkeling.

Opstellen verkeerscirculatieplan en actualisatie parkeerbeleid
Voor het duurzaam bereikbaar houden van Veenendaal en rekening houdend met de verwachte groei van de stad zijn in 2025 voorbereidingen getroffen om een verkeerscirculatieplan op te stellen. Dit plan beoogt de doorstroming van het verkeer te verbeteren en de veiligheid en de leefbaarheid te verhogen. Daarnaast is de actualisatie van het parkeerbeleid voor het centrum, de woongebieden en de bedrijfsterreinen nodig. 

Omschrijving (toelichting)

Thema II – De duurzame stad

Het jaar 2025 heeft in het teken gestaan van het uitwerken van de doelstellingen uit het opgaveperspectief in een drietal programma's: Energietransitie, Circulair Veenendaal en Groen, Blauw en klimaat. In raadsavonden is de raad bijgepraat over de inhoud van deze programma's. Voor het programma Energietransitie is de raad ook geconsulteerd.

De duurzame stad ontwikkelen we in nauwe samenwerking met onze inwoners, het lokale bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen. Het vollopende energienet (netcongestie) dat door inwoners en met name ondernemers steeds sterker wordt ervaren, maakte dat in 2025 veel focus lag op het energiesysteem en de aanpak van netcongestie. Tegelijkertijd is in 2025 een volgende fase in de warmtetransitie ingezet. Voor het eerst is in een bestaande wijk gestart met de aanleg van een warmtenet door een nieuw publiek-privaat warmtebedrijf. Daarnaast komt de isolatiecampagne steeds beter op dreef en is verder gewerkt aan de voorbereiding van aardgasvrije wijken, onder meer via het opstellen van buurtuitvoeringsplannen (BUP’s).

Al deze ontwikkelingen komen samen in het nieuwe programmaplan Energietransitie Veenendaal 2026–2030, waarin nadrukkelijk aandacht wordt besteed aan het energiesysteem van de toekomst en aan het netbewust ontwerpen en realiseren van duurzame nieuwbouwgebieden.

Het beperken van het energiegebruik blijft daarbij een belangrijk eerste winstpunt. In samenwerking met Ondernemend Veenendaal is bijvoorbeeld het LEV (Lokale Energie Veenendaal) opgezet. Binnen dit initiatief begeleiden energieadviseurs ondernemers langdurig bij het beter in balans brengen van hun energievraag en -gebruik. Voor inwoners in de bestaande stad is een ondersteuningsaanbod voor woningisolatie ingericht, waarbij huishoudens met een lager inkomen extra worden ondersteund. Daarnaast is voor deze doelgroep een regeling opgezet voor de vervanging van oud en energie-onzuinig witgoed, waarvoor honderden huishoudens zich inmiddels hebben aangemeld.

Op het gebied van Klimaatadaptatie werken we op het bedrijventerrein Nijverkamp samen met de ondernemers, en op basis van een provinciale subsidie, aan het project 'Werklandschappen van de toekomst'.  Onze acties richting inwoners (tegelwippen, geveltuintjes, afkoppelen en regentonnen) zijn in 2025 doorgezet en ook in onze eigen projecten is getracht niet meer verharding aan te leggen dan noodzakelijk en zo ruimte te zoeken voor vergroenen (en spelen).

In het kader van circulariteit is ingezet op het stimuleren van de deeleconomie (deelplatform Peerby-pilots in een aantal wijken), het organiseren van (gebruikte) kleding(ruil)beurzen en het faciliteren van repaircafés. Voor de eigen vastgoedorganisatie is een (inmiddels door de BBV geaccepteerde) berekeningswijze van de restwaarde vastgesteld en is het gebruik van een restwaarde in ons activabeleid opgenomen. Regionaal wordt ingezet op het stimuleren van Biobased bouwen.

Omschrijving (toelichting)

Thema III - Het beheer van de stad

Veenendaal staat voor grote uitdagingen
In het OPOR (Omgevingsprogramma Openbare Ruimte 2022-2026) is de ontwikkeling van de diverse assets in beeld gebracht. De doorlooptijd van het OPOR is met een jaar verlengd. Momenteel wordt aan de opvolger van het OPOR, het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) gewerkt. Veenendaal staat de komende jaren voor de uitdaging om de woonwijken en industrieterreinen uit de jaren tachtig en negentig en de groei van Veenendaal, veilig en op het afgesproken niveau te houden. In combinatie met de ambities op het gebied van duurzaamheid, vergroenen e.d. vraagt dit binnen de beschikbare middelen om keuzes. In 2025 is het beheer van de kapitaalgoederen uitgevoerd zoals vastgelegd in de vastgestelde beheer- en beleidsplannen. De doelstelling voor het beheer van de openbare ruimte ligt volgens het vastgestelde OPOR op A-niveau voor de winkelcentra en begraafplaatsen (conform CROW-beeldsystematiek) en voor de overige delen van Veenendaal op B-niveau.

Naast het beheer van de Openbare Ruimte vergt ook het beheer en de ontwikkeling van ons vastgoed aandacht. Hieronder enkele punten uit het werk dat in 2025 is uitgevoerd:

De behoefte aan maatschappelijk Vastgoed
Om meer zicht te krijgen op de toenemende vraag naar maatschappelijk vastgoed door de groei van de stad is onderzoek gedaan naar de behoefte aan maatschappelijke voorzieningen. Het onderzoek “Ruimte voor maatschappelijke voorzieningen” heeft de gemeente inzicht en richting gegeven in welke voorzieningen extra gewenst zijn tot 2030/2035 en tot 2040/2050. Het biedt ook een handreiking voor waar deze voorzieningen gerealiseerd kunnen worden. Het eindresultaat is een handboek met referentienormen voor verdere ontwikkeling van maatschappelijke voorzieningen in de stad. Door middel van dit handboek kan gemeente Veenendaal toekomstbestendig beleid ontwikkelen dat aansluit bij de veranderende behoeften van haar bewoners.

Een uitgebreidere beschrijving van de gerealiseerde werkzaamheden bij Vastgoed is terug te vinden bij de Paragraaf B Onderhoud Kapitaalgoederen.

Thema I: De groei en ontwikkeling van de stad

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

Terug naar navigatie - Thema I: De groei en ontwikkeling van de stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

Terug naar navigatie - Thema I: De groei en ontwikkeling van de stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

I.a. Een prettig leefbare, gezonde en groene stad. Een aantrekkelijke stad met een passend cultureel aanbod, sportvoorzieningen en een bruisende binnenstad. Een stad waar een goed evenwicht is tussen het wonen en werken.

Terug naar navigatie - Thema I: De groei en ontwikkeling van de stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - I.a. Een prettig leefbare, gezonde en groene stad. Een aantrekkelijke stad met een passend cultureel aanbod, sportvoorzieningen en een bruisende binnenstad. Een stad waar een goed evenwicht is tussen het wonen en werken.

Thema II: De duurzame stad

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

II.a. 75% van de inwoners van Veenendaal weet wat een circulaire economie, energieneutraal of klimaatbestendig is, waarom dit nodig is en welke kansen het geeft; welke stappen nodig zijn om tot een aardgasvrij Nederland te komen;

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - II.a. 75% van de inwoners van Veenendaal weet wat een circulaire economie, energieneutraal of klimaatbestendig is, waarom dit nodig is en welke kansen het geeft; welke stappen nodig zijn om tot een aardgasvrij Nederland te komen;

II.b. Veenendaal wil zich inzetten voor het waardebehoud van grondstoffen en materialen door het vrijkomende ‘huishoudelijke afval’ op een doelmatige wijze in te zamelen en zo weer in te zetten als grondstof.

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - II.b. Veenendaal wil zich inzetten voor het waardebehoud van grondstoffen en materialen door het vrijkomende ‘huishoudelijke afval’ op een doelmatige wijze in te zamelen en zo weer in te zetten als grondstof.

II.c. In 2050 is Veenendaal volledig circulair ingericht waarbij gemeente, bedrijven, onderwijs en inwoners met elkaar samenwerken om de grondstoffenkringloop te sluiten, afval te minimaliseren, levensloop van producten zo lang mogelijk laten zijn.

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - II.c. In 2050 is Veenendaal volledig circulair ingericht waarbij gemeente, bedrijven, onderwijs en inwoners met elkaar samenwerken om de grondstoffenkringloop te sluiten, afval te minimaliseren, levensloop van producten zo lang mogelijk laten zijn.

II.d. Veenendaal is in 2050 een energieneutrale gemeente, die 100% hernieuwbare energie gebruikt en klimaatneutraal (CO2-emissieloos) is.

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - II.d. Veenendaal is in 2050 een energieneutrale gemeente, die 100% hernieuwbare energie gebruikt en klimaatneutraal (CO2-emissieloos) is.

II.e. Netcongestie stagneert de energietransitie. Met bedrijven of inwoners werken we samen aan oplossingen om in de blijvende behoefte van (betaalbare) energie te voorzien door een betere balans tussen vraag en aanbod te realiseren.

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - II.e. Netcongestie stagneert de energietransitie. Met bedrijven of inwoners werken we samen aan oplossingen om in de blijvende behoefte van (betaalbare) energie te voorzien door een betere balans tussen vraag en aanbod te realiseren.

II.f. Veenendaal heeft een gezonde, duurzame en groene klimaatbestendige leefomgeving met een robuust en gevarieerd aanbod van groen en water.

Terug naar navigatie - Thema II: De duurzame stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - II.f. Veenendaal heeft een gezonde, duurzame en groene klimaatbestendige leefomgeving met een robuust en gevarieerd aanbod van groen en water.

Thema III: Het beheer van de stad

Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

Terug naar navigatie - Thema III: Het beheer van de stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen)

III.a. Veenendaal heeft een gezonde, duurzame en veilige leefomgeving. De infrastructuur is van goede kwaliteit en de openbare ruimte biedt voldoende aantrekkelijke groene ruimte met plekken om te spelen, te sporten, te ontspannen en te ontmoeten.

Terug naar navigatie - Thema III: Het beheer van de stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - III.a. Veenendaal heeft een gezonde, duurzame en veilige leefomgeving. De infrastructuur is van goede kwaliteit en de openbare ruimte biedt voldoende aantrekkelijke groene ruimte met plekken om te spelen, te sporten, te ontspannen en te ontmoeten.

III.b.In 2050 is Veenendaal volledig circulair ingericht waarbij gemeente, bedrijven, onderwijs en inwoners met elkaar samenwerken om de grondstoffenkringloop te sluiten, afval te minimaliseren, levensloop van producten zo lang mogelijk te laten zijn

Terug naar navigatie - Thema III: Het beheer van de stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - III.b.In 2050 is Veenendaal volledig circulair ingericht waarbij gemeente, bedrijven, onderwijs en inwoners met elkaar samenwerken om de grondstoffenkringloop te sluiten, afval te minimaliseren, levensloop van producten zo lang mogelijk te laten zijn

III.c. Veenendaal is in 2050 een energieneutrale gemeente, die 100% hernieuwbare energie gebruikt en klimaatneutraal (CO2-emissieloos) is.

Terug naar navigatie - Thema III: Het beheer van de stad - Wat willen we bereiken? (doelstellingen) - III.c. Veenendaal is in 2050 een energieneutrale gemeente, die 100% hernieuwbare energie gebruikt en klimaatneutraal (CO2-emissieloos) is.

Verbonden partijen

Terug naar navigatie - Programma 1: Fysieke leefomgeving - Verbonden partijen

Omschrijving (toelichting)

De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit programma:

  • Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU);
  • Duurzame Energie Veenendaal-oost BV (DEVO);
  • Ontwikkelingsbedrijf Veenendaal-Oost BV (OVO);
  • Afvalcombinatie De Vallei NV (ACV);
  • Gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht (AVU);
  • Stichting Ontmoetingshuis;
  • Parkeervoorzieningen (Tricotage en Arie van Hensbergen).

Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.

Financiële programmarealisatie 2025 (bedragen x € 1.000)

Terug naar navigatie - Programma 1: Fysieke leefomgeving - Financiële programmarealisatie 2025 (bedragen x € 1.000)

Excel-tabel

Programma 1 Fysieke Leefomgeving
Primitief Raming 2025 Na begrotingswijziging Realisatie 2025 Saldo 2025
Lasten 44.407 62.312 63.436 -1.124
Baten 34.040 49.628 60.872 11.245
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten -10.367 -12.684 -2.564 10.120
Toevoeging aan reserve 224 4.564 15.212 -10.648
Onttrekking aan reserve 3.367 9.980 12.160 2.180
Gerealiseerd resultaat -7.224 -7.268 -5.616 1.652

Toelichting op de financiële programmarealisatie (bedragen x € 1.000)

Terug naar navigatie - Programma 1: Fysieke leefomgeving - Toelichting op de financiële programmarealisatie (bedragen x € 1.000)

Omschrijving (toelichting)

Ten opzichte van de in de decemberwijziging 2025 aangepaste begroting, zijn de grootste afwijkingen:

 

Excel-tabel

Taakveld Afwijkingen 2025 V/N
Afval 716 V
Milieubeheer 2.049 V
Openbaar groen en (openlucht) recreatie 84 V
Parkeerbelasting 289 N
Parkeren 282 V
Riolering 286 N
Verkeer en vervoer 585 V
Wonen en bouwen 5.434 V
Ruimte en leefomgeving 56 V
Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) 1.689 V
Begraafplaatsen en crematoria 228 N
Overige verschillen 29 V
Afwijkingen programma Fysieke leefomgeving voor reserve mutatie 10.121 V
Waarvan verrekening met reserve -8.468 N
Totaal afwijking programma Fysieke leefomgeving na reserve mutatie 1.652 V

Omschrijving (toelichting)

Excel-tabel

Omschrijving (toelichting)

Afval (voordeel € 716.000 geheel ten gunste van de reserve) 
Het voordeel op afval is als volgt te verklaren:
- Vergoedingen uit kwartaal 4 van 2024 moesten door een systeemwijziging in 2025 worden verantwoord (voordeel € 166.000);
- Hogere afvalvergoeding voor de inzameling van papier (voordeel € 151.000);
- Voordeel op de afvalstoffenheffing, door groei aantal huishoudens (voordeel € 77.000);
- Lagere kosten AVU door lagere gerealiseerde hoeveelheden afval (voordeel € 313.000);
- Voordeel diensten derden doordat er minder opdrachten nodig waren (voordeel € 31.000);
- Hogere aanneemsom ACV als gevolg van hogere verwerkingstarieven (nadeel € 80.000);
- Diverse kleinere afwijkingen (voordeel € 58.000).
Het saldo op het taakveld afval wordt verrekend met de reserve afval.

Milieubeheer (voordeel € 2.049.000, waarvan € 762.000 resultaatbestemming)  
Verduurzamingsbudgetten (voordeel € 762.000, Resultaatbestemming)
Deze middelen zijn nodig voor de uitvoering van concrete duurzame vastgoedprojecten (Programma energieneutraal Veenendaal + MOP + besluit renovatie gemeentehuis). De volgende projecten zijn in voorbereiding, de duurzame renovatie van het gemeentehuis, duurzame levensduur verlengende renovatie van de gemeentelijke gymzalen, duurzaam planmatig onderhoud aan cultuurfabriek, verduurzaming van het zwembad. Voorgesteld wordt om dit mee te nemen in de resultaatbestemming voor 2026.

Milieuzaken algemeen (nadeel € 141.000) 
Binnen Milieuzaken algemeen is in 2025 sprake van een overbesteding van circa € 141.000, vooral door hogere inzet van de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) dan gecontracteerd. Uit de eindafrekening blijkt dat meer uren zijn ingezet dan eerder voorzien, ondanks dat gedurende het jaar al aanvullend budget is toegevoegd vanwege de structureel hogere vraag naar milieutaken en toezicht. 

Hoewel de nieuwe, toekomstige ODU naar verwachting lagere kostprijzen hanteert, blijft de onderliggende urenbehoefte onverminderd hoog. In 2026 wordt daarom bezien of het beschikbare budget aansluit bij de feitelijke inzet. 

Programma ENV (voordeel € 1.295.000, ten gunste van de reserve meerjarige middelen)
Op de post van het programma 'EnergieNeutraal Veenendaal' (Opgaveperspectief Duurzaam Veenendaal) is het totaal van de middelen voor meerjarig gebruik beschikbaar gesteld (Project). Op deze post moeten de inkomsten en de uitgaven samen bezien worden. Het saldo van het programma wordt gestort in de reserve meerjarige middelen zodat het in 2026 weer opnieuw beschikbaar komt. Zoals vermeld in de Raadsinformatiebrief 'Programmaplan Energie 2026-2030' is het programmaplan Energietransitie 2026-2030 Veenendaal vastgesteld waarbij rekening is gehouden met dit resterende budget eind 2025. 

Opgave Duurzaam Veenendaal/Programma Circulariteit (voordeel € 206.000, ten gunste van de reserve meerjarige middelen)
Binnen de opgave Duurzaam Veenendaal vallen de programma’s Circulair en Groen, Blauw en Klimaat. Met ingang van 2024 zijn in de begroting middelen voor duurzaamheid beschikbaar gesteld om de duurzaamheidsdoelen te bereiken. In 2025 is veel aandacht besteed aan de doorontwikkeling van de programmatische aanpak en de werving van personeel. Het is echter pas eind 2025 gelukt daadwerkelijk invulling te geven aan de vacatures. Hierdoor is er minder capaciteit besteed aan de daadwerkelijke acties die nodig zijn voor deze doelen. De resterende middelen ad € 200.000 (programma circulariteit) worden overgeheveld naar 2026 via de reserve meerjarige middelen en in 2026 weer ter beschikking gesteld ten gunste van de opgave Duurzaam Veenendaal zodat deze middelen in 2026 kunnen worden ingezet voor maatregelen om de doelen voor 2030 voor deze programma’s te realiseren.  

Duurzaamheid (nadeel € 55.000)
Door een administratieve fout is ten onrechte een bedrag van ruim € 100.000 afgeraamd van de ecl werken door derden. Dit betreffen echter (personeels)kosten uit een niet ingevulde functie vanuit het programma circulariteit die verwerkt hadden moeten worden via de vrijval. Dit levert nu een nadeel op dit taakveld op van € 55.000.                 

Openbaar groen en (openlucht) recreatie (voordeel € 84.000)
Bij het gedeelte van Wijkservice is sprake van een voordeel bij de diensten van IW4 vanwege ziekte (voordeel van € 58.000). De kosten voor materieel (Team Wijkservice) vallen in totaal € 26.000 lager uit door diverse kleine verschillen (voordeel op onderhoudscontracten, belastingen en verzekeringen).

Parkeerbelasting (nadeel € 289.000 ten laste van de reserve) 
Er is vanaf de invoering van handhaving met de scanauto begroot met een sterk opgaande lijn in het uitschrijven van naheffingen. Dit is eerder afgevlakt dan verwacht waardoor het resultaat lager uitvalt dan begroot. Dit heeft een direct verband met een gestegen betalingsbereidheid. Dit levert een nadeel op van € 188.000. 

Er is geen onderscheid meer tussen parkeerabonnementen en parkeervergunningen. Voorheen was het in de garage een abonnementen op straat een vergunning. Er zijn minder vergunning in de parkeergarages verkocht dan vooraf begroot. Per saldo een nadeel van € 101.000. 

Het saldo (exclusief resultaatbestemming) is verrekend met de reserve Parkeren. 


Parkeren (voordeel € 282.000 ten gunste van de reserve) 
Bij de decemberwijziging is er een bedrag van € 50.000 beschikbaar gesteld voor het actualiseren van het parkeerplan. Omdat het budget pas in december beschikbaar is gesteld, zijn hier in 2025 nog geen kosten voor gemaakt. Voorgesteld wordt om dit bedrag van € 50.000 naar 2026 over te hevelen.  Verder is er minder onderhoud gepleegd dan voorzien, wat een voordeel oplevert van € 56.000. De post diverse kosten en beheerskosten samen leveren een voordeel op van € 124.000. Beheerposten als de afname van meldkamerdiensten, de inzet van ons inningkantoor en het gebruik van heldeskservice voor de parkeervergunningen zijn lager uitgevallen dan verwacht. Er zijn wat kleinere posten (verzekeringen, belastingen, diverse kosten) samen een voordeel van € 52.000.  


Riolering (nadeel € 286.000)                                 

Het resultaat wordt veroorzaakt door de volgende grotere afwijkingen: 

Elektriciteit: (voordeel € 147.000) 
Tijdens de energiecrisis enkele jaren geleden is er Veenendaal-breed een nieuwe aanbesteding geweest voor meerjarige stroomafname. Door de crisis was daarin de stroomprijs zeer hoog. Deze prijzen zijn meerjarig in de begroting gekomen, terwijl de daadwerkelijke stroomkosten inmiddels veel lager zijn.  Bij de volgende programmabegroting wordt dit aangepast. Enerzijds zijn de termijnbedragen lager dan begroot (€ 84.000), en anderzijds hebben we geld ontvangen door vele correcties bij Vattenfall uit de voorgaande jaren (incidenteel voordeel € 63.000). Dit zal met de begroting weer aangepast worden. Bij de programmabegroting 2027 zal opnieuw naar de meerjarige raming worden gekeken.

Reiniging rioleringen: (nadeel € 130.000)  
Nadeel op reiniging rioleringen: voorgaande jaren waren de werkelijke kosten lager dan begroot. In 2025 trof men echter zeer veel vervuiling in het riool aan. Dit leidde tot hogere slibverwerkingskosten maar zorgde vooral voor veel kosten door vertraging in de uitvoering.  

Plannen en programma’s: (voordeel € 352.000)  
Er is minder geld voor de afkoppeling van regenwater ingezet. Voorgesteld wordt om het niet gebruikte deel (€ 115.000) als resultaatbestemming op te nemen ten gunste van de reserve meerjarige middelen geoormerkt voor riool. Dit loopt niet via de voorziening omdat dit geen onderdeel is van regulier onderhoud. Daarnaast is er is een overschot op de budgetten voor derden. Dit komt doordat er niet het gehele jaar invulling is kunnen geven aan het maken van plannen. Dit levert een voordeel op van €352.000.

Rioolbeheer: (voordeel € 541.000)
Bij rioolbeheer levert de afschrijving en rente MIP een voordeel op van € 470.000. Afgelopen jaren is geschoven met de planning van een aantal projecten. Hierdoor lijkt het alsof er geld over is. Dit geld is echter gereserveerd voor een aantal projecten in het MIP. Ook de afschrijvingen leveren een voordeel op van € 71.000. Het afsluiten van investeringen uit voorgaande jaren blijft achter, waardoor er nu een tijdelijk voordeel ontstaat omdat er nog niet op wordt afgeschreven. 

Heffing rioolrecht (nadeel € 30.000):
Er is sprake van een kleine afwijking.

Diverse kleinere posten (voordeel € 209.000)
Een aantal middelgrote afwijkingen waaronder straatkolken, grondwatertaken, programma Groen, Blauw en Klimaat en vervanging rioolpompen leveren samen een voordeel op van € 209.000. 

Overige verschillen (voordeel € 7.000) 

Voorziening riolering (nadeel € 1.382.000)
Na verwerking van de personeelskosten, de kwijtscheldingen en het voordeel uit het BCF (Btw Compensatie Fonds) is per saldo € 1.382.000 toegevoegd aan de voorziening riolering.
De BCF wordt extra-comptabel berekend, waardoor het voordeel op de BCF ook extra-comptabel verwerkt wordt. 

Verkeer en vervoer (voordeel € 585.000, waarvan € 376.000 Resultaatbestemming)

Onderhoud technische installaties (voordelig € 62.000)
In 2025 is er onder andere aan het onderhoud van de verkeersregelinstallaties minder uitgegeven doordat deze nog niet allemaal vervangen zijn naar intelligente verkeersregelinstallaties (iVri’s). Onderhoud van deze iVri’s is duurder dan het onderhoud van de oude. Daarnaast waren er minder storingen en schades aan de technische installaties in de openbare ruimte in 2025. Hierdoor is er € 62.000 minder uitgegeven dan begroot.  

Beheer openbare ruimte door ACV (voordelig € 28.000) 
Door storingen aan machines en minder capaciteit door ziekte is er in 2025 minder inzet gepleegd op het vegen en reinigen van de openbare ruimte. Op gladheidsbestrijding was er door de weersomstandigheden in 2025 meer inzet benodigd dan begroot. Per saldo is hierdoor € 28.000 minder uitgegeven dan begroot.

Fysieke maatregelen vergroten verkeersveiligheid (voordeel € 266.000, resultaatbestemming)  
Vanuit de tweede bijdrageregeling van het Rijk in het kader van de Investeringsimpuls Verkeersveiligheid, is een rijksbijdrage van maximaal 50% voor uitsluitend infrastructurele verbetermaatregelen beschikbaar gesteld voor het realiseren van extra projecten. Deze extra verkeersveiligheidsprojecten zullen grotendeels in 2026 en 2027 worden uitgevoerd. Voorgesteld wordt om de hiervoor nog niet uitgegeven eigen beschikbare middelen, afgerond € 266.000, over te hevelen naar 2026. 

Technische voorzieningen openbare ruimte (voordeel € 60.000, resultaatbestemming)
In de tweede bestuursrapportage 2025 zijn middelen beschikbaar gesteld om de technische problemen met de bikescouts in Veenendaal West op te lossen. In het laatste kwartaal is nader onderzoek gedaan naar de benodigde revisie, wat meer tijd heeft gekost dan vooraf was ingeschat. De werkzaamheden zullen daarom in de eerste helft van 2026 worden uitgevoerd, waardoor voorgesteld wordt € 60.000 over te hevelen naar 2026. 

Rente (voordeel van € 105.000)
Er is een voordeel op de rente van € 105.000 (met name bij wegen, straten en pleinen)

VCP (voordeel 50.000, resultaatbestemming)
Wat betreft de resultaatbestemming van € 50.000, in 2025 zouden wij starten met het Verkeers Circulatie Plan (VCP.) In 2025 hebben we dit project voorbereid en offerte opgevraagd. Helaas is het niet gelukt om de opdracht in 2025 nog te verlenen en starten, omdat de offerte niet volledig was.

Overig verkeer en vervoer (voordeel € 14.000)
Daarnaast is er sprake van een voordeel van € 14.000. Dit voordeel zit in de hogere leges en de posten diverse kosten en fietsenstalling. 

Wonen en Bouwen (voordeel € 5.434.000 waarvan € 1.224.000 resultaatbestemming)
Groei & bloei (voordeel € 917.000, resultaatbestemming)
Van het budget voor de Groei & Bloei opgave resteert eind 2025 nog € 917.076. Dit komt omdat het zetten van stappen in deze opgave afhankelijk is van de stappen die met de regio-gemeenten, provincies en waterschap gezet worden. Voor de mogelijke gebiedsontwikkeling bij De Klomp zijn op 15 december 2025 in het bestuurlijk overleg (tussen provincies Utrecht en Gelderland, gemeenten Renswoude, Ede en Veenendaal en het waterschap Vallei & Veluwe) afspraken gemaakt om te onderzoeken of en hoe het gebied bij De Klomp ontwikkeld kan worden, hierbij is afgesproken dat de gemeente Veenendaal hiervoor € 200.000 bijdraagt. De verdere afspraken komen in het op te stellen plan van aanpak. Naast de ontwikkeling van de Klomp zijn ook de ontwikkelingen van Groen Groeit Mee, Economische ontwikkeling, de Spoorzone en mogelijk De Nieuwe Meent zeer relevant voor de toekomst van Veenendaal. Voorgesteld wordt de incidentele middelen die in 2025 resteren op het budget van deze opgave via de resultaatsbestemming te storten in de reserve meerjarige middelen en in de aankomende jaren opnieuw beschikbaar te stellen voor de verdere uitvoering van de opgave Groei&Bloei en de Economie van de Toekomst (Savelberg).

Project verkabeling hoogspanningslijn (nadeel € 216.000 ten laste van de bestemmingsreserve Verkabeling hoogspanning) 
Dit nadeel op deze post moet bezien worden met de even zo grote onttrekking aan de bestemmingsreserve Verkabeling hoogspanning. Deze reserve dient ter dekking van de kosten van de verkabeling. 

Startersleningen (voordeel € 47.000, resultaatbestemming )
Binnen het budget voor startersleningen resteert in 2025 een voordeel van circa € 47.000. De gemeente stelt voor startersleningen middelen beschikbaar aan het SVN, dat de leningen verstrekt; de gemeente draagt in de eerste jaren de kapitaallasten, terwijl starters pas later rente en aflossing betalen, waardoor uiteindelijk (een deel van) de gemeentelijke lasten worden gedekt en middelen vrijkomen voor nieuwe leningen. 

Het voordeel in 2025 ontstaat door lagere rentelasten voor de gemeentelijke financiering dan geraamd en doordat op de rekening-courantpositie bij SVN meer rente is ontvangen vanuit lopende leningen dan is betaald. Voorgesteld wordt dit bedrag toe te voegen aan de reserve Startersleningen en Blijversleningen, zodat het inzetbaar blijft voor toekomstige starters- en blijversleningen. 

Volkshuisvesting (voordeel € 265.000, resultaatbestemming)
Bij Volkshuisvesting resteert in 2025 een bedrag van circa € 265.000. Een deel hiervan, ongeveer € 153.000, betreft middelen die bestemd zijn voor de uitvoering van de wettelijke taak Goed Verhuurderschap. Deze middelen zijn in 2025 niet tot besteding gekomen wegens capaciteitsproblemen, omdat de werkzaamheden nog niet zijn gestart en in 2026 verder worden opgepakt is er voorgesteld om deze middelen te bestemmen. Daarnaast is er sprake van een onderbesteding van circa €?112.000, die deels bestemd is voor versterking binnen het team Ruimtelijke Processen. De uitvoering daarvan is programmatisch doorgeschoven naar 2026. Omdat het hier gaat om incidentele middelen die samenhangen met de wettelijke taken en de benodigde personele inzet binnen Volkshuisvesting, wordt voorgesteld een bedrag van circa € 265.000 via resultaatbestemming over te hevelen naar 2026 en opnieuw beschikbaar te stellen, zodat de geplande werkzaamheden in het komende jaar volledig kunnen worden uitgevoerd. 

Bouwleges (voordeel € 400.000 ten gunste van de egalisatiereserve)
In het laatste kwartaal van 2025 zijn een bovengemiddeld aantal grote omgevingsvergunningen voor grootschalige woningbouwprojecten aangevraagd en verleend. Hierdoor zijn de legesinkomsten € 400.000 hoger dan begroot. Het voorstel is om dit bedrag toe te voegen aan de egalisatiereserve, omdat er een terugloop wordt verwacht de komende jaren door o.a. netcongestie. 

Realisatiestimulans woningbouwprojecten (voordeel € 2.660.000)
De realisatiestimulans-uitkering moet worden toegerekend aan en verantwoord in het jaar waarin de bouw van de woning(en) gestart zijn.  Voor 2025 betekent dit dat een bedrag van € 2.660.000 ten gunste van het jaar 2025 gebracht dient te worden. De daadwerkelijke ontvangst van deze uitkering zal na 2025 plaats gaan vinden. 

Bovenwijkse voorziening (voordeel € 1.320.000, ten gunste van de reserve gebiedsoverstijgende investeringen)
Overeenkomstig het in 2024 vastgestelde Programma kostenverhaal en financiële bijdrage worden er ten behoeve van gebiedsoverstijgende investeringen (voorheen bovenwijkse voorzieningen) bedragen ontvangen van initiatiefnemers. Deze middelen worden gestort in de reserve gebiedsoverstijgende investeringen (voorheen reserve Bovenwijkse voorziening). 

 Aller Erf (voordeel € 32.000, waarvan resultaatsbestemming € 25.000)
De keuze van het scenario is geagendeerd voor de raad van februari 2026. Begin 2026 zullen nog kosten gemaakt worden in relatie tot deze scenario-schets. Voorgesteld wordt van het budget dat eind 2025 nog resteert, een bedrag ter hoogte van de nog te maken kosten (€ 25.000) over te hevelen naar 2026.

Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) (voordeel € 1.689.000, ten gunste van de risicoreserve grondexploitaties) 
Bij de grondexploitaties over 2025 is per saldo ten opzichte van de begroting een voordeel gerealiseerd van afgerond 1.689.000.
Dit voordelige saldo wordt veroorzaakt door de onderstaande ontwikkelingen. Voor nadere duiding hiervan wordt verwezen naar het Projectenboek. 

Begraafplaats en rouwcentrum (nadeel € 228.000 ten laste van reserves)
Er zijn minder nieuwe graven uitgegeven dan waar in de begroting mee is gerekend. Het aantal nieuwe grafuitgiften neemt vanaf 2010 langzaam af. Dit is het gevolg van een toenemend percentage inwoners dat kiest voor een crematie of een graf op een natuurbegraafplaats. Hierdoor nemen de inkomsten af, terwijl de kosten aan de begraafplaats en het rouwcentrum niet afnemen. Dit zorgt voor een (structureel) exploitatietekort. Het tekort van 2025 kan nog gedekt worden uit de egalisatiereserve begraafplaatsen. Deze reserve raakt naar verwachting in 2026 op. In 2025 zijn we gestart met een bestuurlijk traject met als doel de exploitatie te verbeteren. In 2026 wordt de raad in dit traject meegenomen.

Overige verschillen (voordeel € 29.000)

 

Excel-tabel

Omschrijving (toelichting)

Reservemutaties

Toevoegingen aan de reserves: nadeel € 10.648.000 In lijn met eerdere besluitvorming zijn de volgende toevoegingen aan de reserves, die afwijken van de begroting, verwerkt: 

•    Een storting van € 1.430.000 in de bestemmingsreserve meerjarige middelen van het resterende budget voor het programma Energietransitie.  

•   Een storting van € 200.000 in de bestemmingsreserve meerjarige middelen van het resterende budget voor programma's binnen de opgave Duurzaamheid Veenendaal.  

•   Een storting van € 115.000 in de bestemmingsreserve meerjarige middelen van het resterende budget voor het afkoppel programma riool.  

•   Een storting van € 50.000 in de bestemmingsreserve meerjarige middelen van het resterende budget voor het actualiseren parkeerplan.

•   Een storting van € 266.000 in de bestemmingsreserve meerjarige middelen van het resterende budget voor aanpassen fysieke maatregelen verkeersveiligheid.

•   Een storting van € 60.000 in de bestemmingsreserve meerjarige middelen van het resterende budget voor revisie bikescouts.

•    Een hogere storting in de reserve parkeren € 61.000.

•    Een storting van het resultaat op afval in de egalisatiereserve afvalverwijdering en -verwerking van € 791.000; Het resultaat op afval totaal bestaat naast het taakveld afval nog uit kwijtscheldingen, interne doorbelasting van uren inclusief overhead en verrekening BTW.

•    Een storting in de Egalisatiereserve bouwleges van € 400.000 zijnde het voordelig saldo op de bouwleges in 2025.

•   Een storting in de risicoreserve grondexploitaties van € 5.954.000. (Samen gezien met de hogere onttrekking aan de risicoreserve grondexploitaties is het saldo €4.349.000).

  • Een storting van €1.320.000 in de bestemmingsreserve bovenwijkse voorzieningen voor de dekking van lasten van bovenwijkse voorzieningen.  

Onttrekkingen aan de reserves: nadeel € 2.179.000. In lijn met eerdere besluitvorming zijn de volgende onttrekkingen aan de reserves, die afwijken van de begroting, verwerkt: 

  • Een hogere onttrekking aan de risicoreserve grondexploitaties van € 1.605.000. (Samen gezien met de storting in de risicoreserve grondexploitaties betreft is het saldo € 4.349.000)

•    Een hogere onttrekking aan de egalisatiereserve begraafplaatsen van € 228.000.

•   Een onttrekking aan de reserve verkabeling hoogspanning  € 216.000.

  • Een onttrekking aan de reserve parkeren van € 152.000.

 

 

Excel-tabel